Opinie

'Let u op? Nog even, en er zweven drones boven Amsterdam'

In het nieuws vorige week: de eerste 'drone', door Nederland ingezet. Voordat we verdergaan met het inzetten van onbemande gevechts- en verkenningsvliegtuigen, is een stevige discussie nodig, schrijft columnist Lars Anderson.

Beeld gemaakt vanuit een ScanEagle op een foto uit 2009. Beeld AFP

Net zoals een drone onder de radar kan vliegen, heeft de Nederlandse overheid buiten het zichtveld van het publiek vier drones aangeschaft. Afgelopen woensdag maakte het leger in de buurt van Somalië voor het eerst een vlucht met een eigen ScanEagle. Deze drone, die inclusief lanceerbasis 3.2 miljoen dollar kost, kan twintig uur zweven op een maximale hoogte van vijf kilometer. Ideaal om piraten in de Golf van Aden op te sporen.

Nederland behoort zo weer tot de grote jongens. Drones zijn gewilde hebbedingetjes in de wereld van het leger, omdat een op-afstand-bestuurbare-oorlog slachtoffers onder de eigen troepen voorkomt.

Amerika bijvoorbeeld oefent al meer dan tien jaar met 'Predators' en 'Reapers', die Hellfire-raketten met grote precisie tot op de schoenen van vijandelijke strijders kunnen schieten. Groot-Brittannië en Italië hebben bewapende drones, Duitsland wil ze hebben, en Rusland, Iran, India hebben allemaal vergevorderde projecten om drones van raketten te voorzien. Zelfs Hezbollah doet volgens geruchten dankzij Iran mee in de rat-race.

Zo ver is Nederland nog niet. De ScanEagle is 'slechts' een surveillancevliegtuig met een spanwijdte van drie meter. Te klein om een raket onder te hangen.

Big Brother 3.0
Toch moet de Nederlandse aanschaf van deze op het oog onschuldige drone met argusogen worden bekeken. Worden de drones nu nog gebruikt om piraten in roeibootjes op te sporen, binnenkort kunnen ze zomaar boven de Amsterdamse binnenstad cirkelen om met hun camera's bezoekers van grote evenementen in de gaten te houden. Big Brother 3.0. Dat scheelt een hoop benzine en lawaai van helikopters die dat werk nu doen. Overdreven? In Amerika worden drones al ingezet door verschillende politie-eenheden en cirkelen ze boven grenssteden met Mexico om de grenzen daar in de gaten te houden.

Verder is het door de komst van de eerste drone nog maar een kleine stap voor Nederland om uit te breiden en een bewapende variant te kopen. Nederland speelt graag een voortrekkersrol in internationale vredesmissies, en over niet al te lange tijd ben je daarbij wegens moordende competitie alleen nog een toevoeging als je ook bommen onder je materieel kunt hangen. Alleen: er is nog geen enkele maatschappelijke discussie geweest, ook niet in de Tweede Kamer, over of wij deze metalen bromvliegen wel in ons arsenaal willen hebben.

De Amerikanen, die in het diepste geheim een vloot van 7000 drones hebben gebouwd, beginnen langzaam te worstelen met dezelfde vraag. Begin juni lekte uit dat president Barack Obama een eigen 'kill list' heeft en hoogstpersoonlijk zijn veto geeft voor welke terrorist in Pakistan of Yemen met een raket wordt vermoord. Wie op die lijst staan weet verder niemand; het valt onder geheime operaties van de CIA. Er is met geen mogelijkheid een zinnige discussie over de morele afwegingen van deze moordmachines.

Schimmigheid troef
Schimmigheid is troef rondom de drone. Vraag het onafhankelijke reporters die vorige week een kijkje wilden nemen op een grote drone-conventie in Las Vegas. Wie een kritische noot durfde te kraken werd hardhandig afgevoerd. Voor de drone-fabrikanten staan er miljarden op het spel; hun industrie groeit als kool, met 'nieuwe landen' als Nederland als potentiële grote afnemers.

Militaire apparaten, beveiligingsbedrijven, politiediensten; iedereen lonkt naar de diensten van de drone. Hun opmars lijkt onstuitbaar, maar voordat we in Nederland het point-of-no-return zijn gepasseerd, moet er een breed maatschappelijk debat worden gevoerd of ze werkelijk zo wenselijk zijn. Geef openheid van zaken, ontdoe de drones van hun schimmigheid en kap met ultravage antwoorden, zoals majoor Chris Sievers, commandant van het Joint Istar Commando, aan de NOS gaf.

NOS: 'Dit is toch wat wij een drone noemen?'
Sievers: 'Nou, wij noemen het een UAV, een unmanned aerial vehicle.'
NOS: 'Maar is het te vergelijken met een drone zoals de Amerikanen hem in Pakistan gebruiken?'
Sievers: 'Niet helemaal. [...] Ons vliegtuig maakt integraal deel uit van een compleet systeem, dus het vliegtuig is onderdeel van een heel systeem dat wij inzetten om beelden genereren in ons operatiegebied waarin wij opereren.'

Hm. Jaja, interessant.

Lars Anderson is journalist en columnist voor VK.nl (twitter: @LarsWire)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden