Let op wat China heeft, niet wat het zegt

De inval in Oekraïne verraste het Westen. Terwijl er wel degelijk voortekenen waren. Kijk niet alleen naar de (verklaarde) intenties, maar ook naar de (opbouw van) de middelen, waarschuwt Arnout Brouwers.

Arnout Brouwers
De Chinese premier Li Keqiang en Indiase premier Narenda Modi lopen langs het Chinese Volksbevrijdingsleger. Beeld anp
De Chinese premier Li Keqiang en Indiase premier Narenda Modi lopen langs het Chinese Volksbevrijdingsleger.Beeld anp

Aan de alom aanwezige tanks en jachtvliegtuigen in de Moskouse kleuterschool van mijn dochters was ik al jaren gewend voordat - tot ieders grote verrassing, de mijne incluis - Russisch wapengekletter in Oekraïne de Europese vrede om zeep hielp.

Dat zet je, achteraf natuurlijk, toch aan het denken. Hoe kan het eigenlijk dat vrijwel niemand - uitzonderingen, vooral in de Georgische en Baltische politiek, daargelaten - die Russische agressie tevoren had voorspeld?

De jaren vooraf had ik, net als veel collega's, verhalen geschreven over de enorme en structurele verhoging van de Russische defensieuitgaven; over de terugkeer van Stalin in de geschiedenisboekjes als 'effectieve manager'; de rentree van de NAVO en het Westen als grootste bedreiging in de Russische veiligheidsdoctrine; de intolerantie voor historisch zelfonderzoek; de van jongs af erin gedreunde vaderlandsliefde (samen met een negatieve kijk op bijna alle directe buren en de westerse 'partners'); het vertrek van de liberale minister van Financiën Koedrin uit protest tegen te hoge defensiebudgetten; en natuurlijk over de terugkeer van Vladimir Poetin in het Kremlin als eenzame, repressieve tsaar - voor wie een 'door het Westen gesponsorde straatrevolutie' het grootste spookbeeld was.

Alles gezien en beschreven - inclusief de Russische inval in Georgië in 2008, waarvoor president Saakasjvili weliswaar de directe aanleiding verschafte, maar die verder zorgvuldig (en langdurig) was voorbereid in een ogenschijnlijk perfecte uitvoering van hybride oorlog avant la lettre.

En toch verrast door de agressie in Oekraïne. Heb ik zitten slapen in Moskou? De puntjes niet met elkaar verbonden, wellicht? Die gedachte bekruipt me temeer nu China, dat jarenlang de wereld heeft bezworen dat het louter op vreedzame expansie is gericht, zich recentelijk veel agressiever begint op te stellen in de territoriale conflicten in de Zuid-Chinese Zee.

De Russische president Vladimir Poetin. Beeld anp
De Russische president Vladimir Poetin.Beeld anp

Potentiële dreiging

Bij het analyseren van landen ligt de nadruk op intenties. De in 2010 openlijk aangekondigde herbewapening van Rusland, een gigantisch programma van 600 miljard dollar over tien jaar, leek lang geen kwaad te kunnen, zolang Poetin maar de 'pragmaticus' bleef die, zijn gezwollen antiwesterse retoriek ten spijt, het inzicht liet prevaleren dat Rusland om echt weer een supermacht te worden zich vooral economisch moest oprichten - in samenwerking dus met het technisch superieure Westen.

Een oude vuistregel in veiligheidsstudies (een discipline die, behalve op de militaire academie, hier lang niet gedoceerd werd) is deze: de potentiële dreiging van een land bestaat uit de optelsom van middelen en intenties. Intenties kunnen (snel) veranderen, middelen niet.

Vladimir Poetin heeft ons hieraan herinnerd.

Dat komt van pas als we kijken naar een ander land met een exploderend defensiebudget: China. Daar speelt zich iets soortgelijks af, maar dan een maatje groter - en minstens zo gevaarlijk. Poetins Rusland vertegenwoordigt een dreiging uit frustratie, revanchisme en zwakte; China's ambities stralen kracht en zelfvertrouwen uit.

Rusland is een land in verval, dat weinig produceert dat andere landen willen kopen, dat leeft van de export van ruwe grondstoffen en waar een dunne bovenlaag schatrijk wordt met behulp van interne repressie en gierende corruptie. China is een land met een zich snel ontwikkelende economie, dat talrijke producten produceert die wereldwijd gretig aftrek vinden en dat zich nu klaarmaakt voor de sprong naar de wereld van high-techproducten (deels gejat, maar wie zeurt daar later nog over?).

Defensiebudget

De verschillen tussen China en Rusland zijn op tal van fronten - demografisch, sociologisch, economisch, zelfs militair - inderdaad enorm. Toch kan het leerzaam zijn de blik te richten op de overeenkomsten. Beide landen zitten in de topdrie van landen met de hoogste defensieuitgaven ter wereld én in de topvier van landen met de snelst stijgende defensieuitgaven ter wereld. De Russische herbewapening is relatief jong (daterend van na de oorlog tegen Georgië), China's defensiebudget laat al meer dan twintig jaar dubbele groeicijfers zien (van 10 procent of meer) en het defensiebudget groeit ook vrijwel jaarlijks sneller dan de Chinese economie.

De Verenigde Staten, de huidige hegemoniale macht, staan met hun defensiebudget nog altijd op een schijnbaar onaantastbare eerste plek. Hoe lang dat nog duurt is een kwestie van gissen, maar zeker is dat de uitoefening van Amerikaanse macht een van de meest nauwlettend bestudeerde - en bekritiseerde - onderwerpen van deze tijd is. De militaire opkomst van machten die géén democratische traditie hebben en (soms ten koste van miljoenen doden) de belangen van de staat boven die van het individu stellen, is van een andere orde.

Er zijn andere zorgwekkende overeenkomsten in de Chinese en Russische blik op de wereld - en dan hebben we het even niet over hun stemgedrag in de VN-veiligheidsraad of hun gezamenlijke poging elke evolutie van het volkenrecht de kop in te drukken. Om te beginnen is er het gebruik van de geschiedenis voor een revanchistisch wereldbeeld waarin het eigen land vooral als slachtoffer van externe krachten wordt afgeschilderd, elke historische zelfkritiek is uitgebannen en jegens bepaalde andere landen van jongs af aan een agressieve afkeer wordt aangeleerd.

Barack Obama spreekt het Amerikaanse leger toe. Beeld anp
Barack Obama spreekt het Amerikaanse leger toe.Beeld anp

Geruststellende retoriek

De herhaalde anti-Japanse 'uitbarstingen van volkswoede' in grote Chinese steden zijn, net als de georganiseerde volkswoede tegen Georgiërs voorafgaand aan de Russisch-Georgische oorlog van 2008, tekenen aan de wand. Maar weten de autoriteiten in deze landen wel zeker dat ze zulke sentimenten altijd naar eigen goeddunken 'aan' en 'uit' kunnen schakelen?

Een van de factoren die waarnemers in slaap susten over Poetins intenties was de geruststellende retoriek die jarenlang uit het Kremlin kwam. Zeker, in 2007 haalde Poetin tijdens de veiligheidsconferentie in München hard uit naar het Westen - maar eigenlijk richtte hij zijn pijlen bijna altijd vooral op de VS, waarvoor hij in Europa veel bijval kreeg, terwijl hij richting Europa mooie vergezichten schilderde over vrijhandelszones van Lissabon tot Vladivostok. Best een redelijke kerel, die Poetin, en hij koopt nog onze Siemens-treinen ook.

China's doctrine van 'vreedzame opkomst' is zo mogelijk nog briljanter. Wie weleens een Chinese hoogwaardigheidsbekleder heeft horen oreren over deze doctrine, waarbij het woord 'vrede' vaak minstens zo vaak valt als 'vredig' en 'Verenigde Naties', begrijpt waarom zulke momenten tijdens internationale conferenties vaak worden gebruikt om nog eens de handen te wassen of het thuisfront te bellen.

Supermogendheden

In Rusland veranderden vrij plots de defensie-uitgaven, terwijl de retoriek over intenties hetzelfde bleef. Achteraf hadden we ons beter kunnen richten op de middelen. Nu China het spel in de Zuid-Chinese Zee opeens veel ruwer gaat spelen - tot ontsteltenis van bijna alle andere Aziatische machten, inclusief de grootste, de Verenigde Staten - horen we van vooraanstaande (ook Amerikaanse) experts dat we ons vooral moeten richten op de intenties, die goed en begrijpelijk zijn: China eist simpelweg zijn plek onder de supermogendheden weer op en de anderen, de VS voorop, moeten daarover niet moeilijk doen en China alle ruimte bieden. Nog een stapje verder redeneren en de VS zijn straks schuldig aan elke vorm van Chinese agressie.

Wat een geruststelling. Nothing changes, really.

Debatten over intenties zijn nuttig en noodzakelijk, al weerspiegelen die vaak vooral onze eigen dromen of nachtmerries. Maar houd intussen de ogen gericht op de bal. Intenties kunnen plotseling veranderen, vooral in landen zonder democratische traditie, maar de opbouw van grote militaire capaciteit valt niet weg te poetsen. Sterker, het kan helpen om de volgende keer wel tijdig de puntjes met elkaar te kunnen verbinden.

Defensiebudget China verzesvoudigd. Beeld
Defensiebudget China verzesvoudigd.Beeld

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden