Lessen in Latin

Van oudsher richt de grote kunstbeurs Arco Madrid zijn venster op Zuid-Amerika. Wereldwijd kijken kunstliefhebbers reikhalzend uit naar de ontwikkelingen in dit werelddeel.

Alsof de geest van Andy Warhol bij de kunstbeurs Arco in Madrid is neergestreken. Zo ziet de stand van de Argentijnse kunstenaar Alicia Herrero eruit bij de in Zuid-Amerikaanse kunst gespecialiseerde galerie Mirta Demare. Een winkel is het, in rood, wit en blauw, met opgestapelde Brillo-dozen en glimmende reclameposters. Een schoonheid met tandpastaglimlach prijst de waar aan.

Maar Herrero is Warhol niet. Haar Brillo-dozen bevatten geen afwasmiddel, maar blinkende schema's en grafieken, waarin ze de kunstmarkt en zijn prijsmechanisme analyseert. De krankzinnige prijzen die voor sommige werken op veilingen worden betaald, vooral als de kunstenaar is overleden, hebben volgens Herrero weinig van doen met de daadwerkelijke waarde van een kunstwerk.

Wie bij Latijns-Amerikaanse kunst denkt aan magische, folkloristische en kitscherige taferelen - een beeld dat vooral ontleend is aan de etnografische kunst - loopt achter de feiten aan. Wat de 22 Latijns-Amerikaanse kunstenaars uit Argentinië, Brazilië, Chili, Colombia, Costa Rica, Mexico en Puerto Rico op deze Arco laten zien, is allesbehalve woest-exotisch. Zij tonen fragiele en sensueel oplichtende bollen van huishoudfolie (de Argentijn Tomas Saraceno) of een lichtinstallatie die op petroleum werkt, en af en toe hapert, zoals de wereld gaat haperen wanneer zij louter blijft draaien op fossiele brandstof (Marcela Armas uit Mexico). Zij tekenen met monnikengeduld een gigantische, barokke kerk met bunkergezwel, in lijnen van Bic-ballpoint (Gamaliel Rodríguez uit Puerto Rico) - dat de kerk een bunker had, gebouwd tijdens de Koude Oorlog als schuilplaats voor de elite, werd pas onlangs bekend.

Van oudsher richt de grote kunstbeurs Arco Madrid - die in 1982 is opgericht uit onvrede met met de afwezigheid van hedendaagse kunst in Spanje - zijn venster op Zuid-Amerika. Maar in 2001 kreeg de beurs als podium van Latijns-Amerikaanse kunst concurrentie van de satellietbeurs Art Basel in Miami Beach. Sinds een jaar of tien immers maken de Latijns-Amerikaanse landen een economische groei door. Rijke en belangrijke verzamelaars zijn opgestaan, vooral in Venezuela, Argentinië, Mexico en Brazilië, hun aantal neemt nog altijd toe. Bovendien biedt de toegenomen welvaart een voedingsbodem voor lokale initiatieven, hoogstaande kunstacademies en museale instellingen. Wereldwijd kijken kunstliefhebbers reikhalzend uit naar de ontwikkelingen in Zuid-Amerika.

Om zijn positie te versterken en de concurrentie met Miami aan te gaan, heeft Arco dit jaar zes lokale scouts op pad gestuurd, die samen 22 kunstenaars met hun galeries hebben uitgekozen. In de speciale sectie Focus LatinoAmérica wordt hun werk gepresenteerd.

De galeries die Zuid-Amerikaanse kunstenaars vertegenwoordigen, komen uit Houston, Rotterdam en Madrid, maar vooral uit Buenos Aires, Chili, Sao Paulo en Mexico. Een enkeling bestaat al bijna dertig jaar. Maar het merendeel van de aanwezige galeries is in de afgelopen vijf jaar opgericht. Omdat er onder zijn generatiegenoten zoveel talent is, zegt de dertiger van Arróniz Arte Contemporáneo uit Mexico City. Omdat de kunstmarkt en het aantal belangrijke verzamelaars snel groeien, zegt Lorena Peña Brito. Haar galerie, Plataforme Arte Contemporáneo uit Guadalajara, Mexico, bestaat een jaar.

Op de openingsdagen voor professionals loopt een opmerkelijk gemêleerd publiek: veel Spanjaarden, maar ook gedistingeerde Zuid-Amerikanen, druk gebarende zakenmannen naast in mantelpak gehulde dames. Zij bevolken de stands met spierballenkunst - waar een uniek schilderij van Francis Bacon wordt aangeboden. Zij staan in de rij bij de nieuwste foto- en filminstallatie van Erwin Olaf, waar je via een sleutelgat kijkt naar een oude man met een jochie op schoot, die precair balanceert tussen liefde en lust.

Anders dan het werk van Olaf is het werk van de Zuid-Amerikaanse kunstenaars op Arco ingetogen en minimalistisch, met een voorkeur voor eenvoudige materialen - ballpoint, ouderwets potlood, triplexplaten, huishoudfolie - en voor een verfijnd, haast sensueel vakmanschap.

Vooral die voorkeur voor gewone materialen is opmerkelijk. Bij een video uit Panama schiet een man met een lepel plastic flessendoppen tot een poëtisch landschap ontstaat. En de Braziliaanse Lia Chaia heeft met het vuil van stofzuigerzakken enorme hekwerken gekneed, met een even poëtisch als bedreigende sfeer.

Ook de schilderijen van de jonge Mexicaanse kunstenaar Edgar Cobián ogen als eenvoudige rechthoeken en driehoeken luchtig verspreid over het papier. Ze doen denken aan het werk van Stijl-icoon Theo van Doesburg, alleen is de lading anders.

Dat Cobiáns werk verwijst naar de modernistische westerse kunstgeschiedenis, is niet vreemd. Tussen Zuid-Amerika en de Verenigde Staten en Europa is altijd uitwisseling geweest. De Amerikaanse schilder Jackson Pollock had zijn beroemde schilderijen nooit kunnen maken zonder de lessen van de Mexicaanse muurschilder Siqueiros, die Pollock liet kennismaken met de drup- en spattechniek.

Andersom importeerden Zuid-Amerikaanse kunstenaars en architecten al vanaf de jaren dertig het westerse modernisme, de taal van Mondriaan en Malevitsj. Door het te mixen met een eigen beeldtaal zijn enerverende gebouwen en kunstwerken gemaakt, zoals de door de zwierige lijnen van de natuur en van sensuele vrouwenlijven geïnspireerde architectuur van Oscar Niemeyer. Of de 'bolides' van de Braziliaan Hélio Oiticica (1937-1980) - abstracte en minimalistische doosjes, maar ook frivool en zinderend, gemaakt van materialen als houten plaatjes en stukjes stof, die aan de favelas doen denken, de sloppenwijken, waarin Oiticica zelf woonde.

Pas in de jaren zestig en zeventig vervreemdde Zuid-Amerika van het Westen, door militaire dictaturen en economische achteruitgang. Wat er nog aan kunst bestond, ging ondergronds.

Het werk dat nu in Arco wordt gepresenteerd, leunt in vorm op het werk van Oiticica en zijn tijdgenoten, maar het heeft een totaal andere inhoud dan de utopische, speelse, optimistische toon van toen. Nu gaat de sensationele verfijning en eenvoud en een tamelijk luchtig uiterlijk vanzelfsprekend samen met een maatschappelijke en politieke lading, die niet wordt gevoed door theorieën maar door persoonlijke verhalen, door persoonlijke levens, door een aan den lijve gevoelde, vijandige geschiedenis.

Dat keert terug bij de gigantische potloodtekeningen waarmee de Argentijnse Adriana Bustos de levensverhalen in beeld brengt van vrouwelijke, Colombiaanse cocaïnekoeriers. Als scènes uit een klassieke zwart-witfilm trekken de meest bizarre details van hun levensgevaarlijke bestaan aan je ogen voorbij: het ingeslikte jezusbeeldje of de aangeplakte zesde vinger waarin de cocaïne wordt vervoerd, de muur van politie waarop je kan stuiten met getrokken revolvers.

Het grimmige leven, het sociale engagement dat deze jonge kunstenaars zo vanzelfsprekend verweven met een minimalistische, poëtische, van drama gespeende façade, maakt hun werk intrigerend.

Er is een voetnoot. Van de sensuele en poëtische, vederlichte beelden is alleen het werk van Tomas Saraceno te zien. En de enerverende, rauwe beelden van de stad en van de straat, die vooral door jonge fotografencollectieven in Rio de Janeiro en in Sao Paolo worden gemaakt, en die in ons land tijdens Brazil Contemporary in 2009 waren te zien, zijn door de scouts overgeslagen. Dat maakt de focus wat eenzijdig.

31e ARCOmadrid 2012, t/m 19 februari. ifema.es

------------------------------------------------------------------

Arco, de beurs voor hedendaagse kunst in Madrid, is een van de drukst bezochte kunstbeurzen ter wereld. Niet alleen verzamelaars en professionals - curatoren van musea en andere kunstinstellingen - vliegen in vanwege een speciaal op hen afgestemd programma van lezingen en debatten. Ook gewone mensen beschouwen Arco - met ruim tweehonderd stands uit dertig landen drie keer zo groot als Art Rotterdam - als een dagje uit. Op vrijdag rijden bussen met schoolkinderen vanuit het hele land af en aan. De populariteit is opmerkelijk in een land waar de helft van de beroepsbevolking onder de 35 jaar werkloos is.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden