Leren praten met de buren

Waar Limburgers van oudsher behoorlijk Duits of Frans spraken, spreken ze nu vooral Engels. De provincie wil dat veranderen. Te beginnen op school.

MAASTRICHT/REUVER - Het Porta Mosana College in Maastricht ligt precies 20 kilometer van de Duitse grens, en 10 kilometer van Wallonië. Een uitgelezen locatie, zou je denken, om vloeiend Duits en Frans te leren. Maar de middelbare school met bijna 1.500 leerlingen bood tot voor kort alleen tweetalig onderwijs Nederlands-Engels aan.


Twee maanden geleden kwam daar verandering in. Sindsdien komen twintig brugklassers elke woensdag en vrijdag een uur vroeger naar school. Ze krijgen dan 'versterkt Frans', een experiment dat op termijn tot tweetalig onderwijs in het Frans (en Duits) moet leiden. Daarmee speelt de school in op de strategie van de provincie Limburg om de kennis van de buurtalen te versterken.


'Elle porte une verte chemise?', vraagt Mart (12). 'Draagt ze een groen hemd?' Hij lost een raadsel op, waarbij hij op basis van kledingstukken een medeleerling moet identificeren. Zijn vraag klinkt onzeker, en de woordvolgorde is fout, maar dat maakt niet uit. De les 'versterkt Frans' is vooral bedoeld om plezier te krijgen in de taal: geen grammatica of woordenlijsten dus, maar dialogen en spelletjes.


Op twee leerlingen na hadden deze brugklassers tot voor kort nog nooit Frans gesproken. Mart, die in België woont, kon nog geen brood bestellen bij de bakker. Maar na twee maanden begint daar verandering in te komen. 'Wij lopen voor op de leerlingen die geen extra Frans volgen', zegt Merel, die ervan droomt om later in Parijs te studeren. 'We leren hier veel meer dagelijkse dingen.'


Van oudsher spraken de Limburgers behoorlijk Duits of Frans, afhankelijk van welke grens het dichtst in de buurt lag. 'We keken naar Duitse tv-zenders, en veel mensen werkten in de mijnen', zegt Guy de Munck, directeur van Porta Mosana. 'Maar met de opkomst van de commerciële televisie en internet is het allemaal Engels geworden. Voor onze kinderen zijn Duits en Frans vreemde talen.'


Een absurde situatie, vindt Giel Förster, coördinator van het talenproject in Porta Mosana. 'We zitten hier op een half uur van Luik en op een kwartier van Aken. Als je dan Frans of Duits kent, heb je een enorme troef op de arbeidsmarkt.'


Veel Limburgse scholen doen al langer pogingen om de buurtalen te herwaarderen, maar dat is niet zo eenvoudig. Er moeten nieuwe lesmethodes ontwikkeld worden, docenten opgeleid, en ouders en leerlingen overtuigd. De cijfers zijn veelzeggend: in heel Nederland geven zo'n 130 scholen tweetalig onderwijs in combinatie met Engels, twee met Duits, en geen enkele met Frans.


Inktvlek over Limburg

'Op Porta Mosana hebben we al een paar taalprojecten gehad', zegt Guy de Munck, 'maar die leunden volledig op het enthousiasme van enkele leerkrachten. Als die ermee stoppen, bloedt zo'n project vaak dood. Nu is er een meer gestructureerde aanpak, die begint op de basisscholen.'


Die gestructureerde aanpak komt voort uit de Strategische Agenda Buurtaal en Internationalisering, die de provincie Limburg begin dit jaar lanceerde. Het doel: de ervaringen van de verschillende scholen uitwisselen, de geslaagde projecten als een inktvlek over Limburg verspreiden en op termijn een doorlopende leerlijn Frans en Duits ontwikkelen, van kleuterklas tot afstuderen.


De strategie wordt financieel ondersteund door de provincie, door enkele gemeenten, door het bedrijfsleven en door Belgische en Duitse organisaties. Zo betaalt de gewestregering van Wallonië een Franse taalleerkracht, die Porta Mosana en de Nederlandse Talenacademie bijstaat met het ontwikkelen van de nieuwe lesmethode.


Ook basisschool Bosdael in Reuver, vlak onder Venlo, op 3 kilometer van de Duitse grens, is men met de buurtaal aan de slag gegaan. 'Er wordt hier voortdurend over de grens gewinkeld en getankt', zegt directeur Frank Beenen. 'Maar als je een kind aanspreekt in het Duits, verstaat het niet één woord, terwijl het wel vlotjes Engels spreekt. Dat is toch van den zotte.'


De leerlingen in Bosdael, gelegen in een idyllische nieuwbouwwijk, krijgen daarom vanaf de kleuterklas Duitse liedjes en voorleesverhalen te horen, en vanaf groep 5 een half uur per week Duitse les, boven op het gewone lesprogramma. Het hoogtepunt is de uitwisseling met een school in Keulen, in groep 6. Naast een taalbad is dat ook een culturele uitwisseling: het dorp met de Großstadt.


'Vanuit de ontmoetingen met hun Keulse leeftijdsgenoten snappen ze waarom het belangrijk is om Duits te leren', zegt Beenen. 'De inspectie hoort het niet graag, maar ik vind Engelse les op een basisschool in deze regio niet nodig. Met Engels worden ze in het dagelijkse leven al overvoerd en van Duits verstaan ze geen woord. Terwijl Duits zó belangrijk voor hun toekomst is.'


Jan Hulstijn, professor tweede-taalverwerving aan de Universiteit van Amsterdam, noemt de Limburgse strategie een uitstekend idee. 'Met een half uur les per week leren de kinderen op de basisschool niet noodzakelijk vlot spreken, maar ze krijgen het besef dat er in hun regio ook andere talen worden gesproken. De uitwisselingen met leeftijdsgenoten zijn wat dat betreft heel goed.'


Vooral het voorbereidende werk voor tweetalig onderwijs op de middelbare school vindt Hulstijn positief. 'Ik ben heel blij dat het ook met Frans en Duits gaat gebeuren, en niet alleen met Engels. Je moet zo'n project wel goed begeleiden en evalueren, want het is niet geschikt voor alle kinderen, maar ik heb de indruk dat dat hier goed gebeurt.'


Frank Beenen directeur van basisschool Bosdael in Reuver

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden