Leraren, ga staken, ook de ¿parttimevrouwtjes¿

Leraren staken minder dan agenten - en leraressen nóg minder. Toch zou dat nog meer indruk maken dan een afgelaste voetbalwedstrijd. Ze hebben er ook alle reden toe, met zo’n waardeloze bond.

Aleid Truijens

Zaterdag was het weer Internationale Vrouwendag, en daarom trakteerde ik mezelf op een 24-urig dolce far niente, zoals iedere hardwerkende vrouw soms toekomt. Een dag doorgebracht met uitslapen, liggen op de bank met vier zaterdagkranten, in de zekerheid dat ik naar geen enkele presentatie, verjaardag of voorstelling hoefde. Een paradijselijke toestand, slechts onderbroken door de inname van veel en lekker eten.

Ik mocht er zelfs foute zwijmelmuziek bij opzetten, want man en zoon brachten de middag door op het sportveld, gevolgd door een bierovergoten derde helft.

Eerlijk gezegd kreeg ik pas in de gaten dat het Internationale Vrouwendag was toen ik die kranten doornam. Ze stonden vol ontmoedigende berichten over salarisachterstand van vrouwen (16 procent), hun doorbreken aan de top (5 procent), hun hardnekkige voorkeur voor parttimebaantjes, en met argumenten waarom topmannen dat liever zo houden (vrouwen verzwakken hun positie en zijn slecht voor de concurrentie), die kennelijk zwaarder wegen dan vrouwelijke pluspunten als langetermijnvisie en verbetering van de teamgeest.

Het was een schande dat ik zomaar wat lag te lummelen. Ik moest naar conferenties over glazen plafonds en dansavonden die ‘de godin’ in de vrouw wakker schudden. Ik belichaamde hier, lome zeekoe van 52, eerder het thema van de boekenweek, waarover de kranten ook al niet uitgepraat raakten. Ook op dit punt werd ik berispt: use it or lose it, laat je overal zien, anders slaat de Alzheimer toe. Alleen Maria Goos, 52, gaf me in Het Parool gelijk. Ze pleitte voor meer nietsdoen, vaker nee zeggen en mijmeren. Zo werk je in de overige uren geconcentreerder en beter. Goede ideeën ploffen neer in een schoon hoofd.

Less is more, ook in het onderwijs. Minder uren lesgeven, maar betere lessen. Tijd voor voorbereiden en nakijken, tijd voor goede ideeën – zoals in de andere Europese landen. Minister Plasterk heeft tot nu toe niks gedaan om de positie van leraren te verbeteren. Wel heeft hij vorig jaar beloofd hen meer te laten werken - een volledige baan zou niet 36 maar 40 uur moeten zijn – zodat ze hun minieme salarisverhoging zelf betalen. Briljant idee. Academici verdienen op dit moment in het voortgezet onderwijs 25 procent minder dan in het bedrijfsleven. De vakbonden gaan dit voorjaar opnieuw in onderhandeling over een paar procent meer. Bovendien willen ze dat álle lerarensalarissen omhoog gaan, waardoor de kloof tussen ‘voorhossers’ en ‘nahossers’ (nu al zo’n 1.000 euro per maand) groter wordt en academici nog steeds niet naar opleiding worden betaald.

Aan zo’n bond heb je wat.

Waarom onderhandelen vakbonden trouwens niet rechtstreeks met de geldverstrekker, de overheid, maar met een quasi-werkgeversorganisatie als de VO-Raad? Diezelfde Raad die nu zegt ‘samen’ met de leraren op de bres te staan voor betere salarissen, lanceerde vorig jaar het plan om beginnende leraren niet te betalen in de gewone beginnersschaal, maar twee schalen lager, als trainee. Geweldig idee in tijden van lerarentekort. Je zou als academicus wel gek zijn om zo’n baantje te nemen, vooral omdat je ten sterkste wordt ontraden fulltime te werken – dat houd je niet vol. Nu al zie je jonge eerstegraders na een paar jaar gedesillusioneerd naar het bedrijfsleven vertrekken. De VO-Raad betreurt die aftocht van talent kennelijk niet.

Gelukkig is er eindelijk een actiegroep, stopplasterk.web-log.nl, opgericht door docenten van het Haagse Aloysius College. Ze hebben vier eisen: inschaling naar opleiding; werkdrukverlichting; 15 procent loonsverhoging en géén lerarenregister.

Gerechtvaardigde eisen. Ze sturen mails naar alle docenten in het land en zullen zonodig het middel van staking niet schuwen. Mooi plan. Leg het onderwijs maar een paar weken plat, dat maakt nog meer indruk dan een afgelaste voetbalwedstrijd. Het zal niet snel gebeuren. Leraren staken niet graag; zij schaden er hun leerlingen mee.

Ik hoorde dit weekend nog een reden waarom zo’n staking onwaarschijnlijk is. ‘De parttimevrouwtjes’, zuchtte een jonge leraar mismoedig, ‘zullen niet bereid zijn mee te doen.’ Ik veerde op van mijn bank, het was tóch Vrouwendag. Wat een misselijke seksistische opmerking! De jongen legde uit dat zijn vrouwelijke collega’s met kinderen doorgaans dik tevreden zijn met hun salaris. Zij kozen dit werk niet ‘om het geld’ – hun kostwinner verdient genoeg – maar om de voldoening, de handige werktijden en de schoolvakanties. Maar híj kon met dit salaris geen gezin onderhouden.

Daalt de status van een beroep – en het salaris – wanneer vrouwen massaal toestromen, omdat het zo een kneuterige, ‘verzorgende’ uitstraling krijgt? Of dalen de salarissen, en daarmee de status en de aantrekkingskracht op mannen, omdat veel vrouwen genoegen nemen met een leuk bedragje ‘erbij’? Vermoedelijk zijn beide mechanismen werkzaam. Beide zijn onaanvaardbaar en vernederend. Vrouwen moeten zichzelf niet als veredelde vrijwilliger laten gebruiken. De beroepsgroep die zo graag en vaak terecht klaagt, moet nu maar eens massaal en luid voor zichzelf opkomen.

Man of vrouw, kostwinner of niet.

null Beeld

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden