Lentekunst in Roffa

Jeanne Prisser bericht over wat zich afspeelt in de voorhoede van de beeldende kunst. Deze week: terug naar de jaren negentig in Amsterdam en een zeldzaam mooie en grappige tentoonstelling in Rotterdam.

Beeld uit El Yuma, Ruti Sela, 2014. Beeld -

Halverwege de korte film Credit Point wilde ik Ruti Sela een knal verkopen. Ik wilde haar wegduwen, in haar gezicht schreeuwen: 'En nu is het genoeg geweest, jij hemeltergend manipulatief stuk addergebroed!' Nu ben ik altijd akelig goed geweest in het kanaliseren van mijn emotionele onstuimigheid, dus hier keek ik wel even van op. De heftigheid van die reactie, dat had die Ruti Sela toch maar mooi voor mekaar gekregen!

Toen had ik nog vier films te gaan.

Ik zat in het donker in de expositieruimte van Stedelijk Museum Bureau Amsterdam. De Israëlische kunstenares Ruti Sela kende ik niet, desondanks voelde haar werk vanaf het allereerste moment volkomen vertrouwd. Het was alsof ik twintig jaar terug in de tijd was geslingerd en zojuist De Appel was binnen gelopen, nog aan de Nieuwe Spiegelstraat uiteraard, alwaar de jaren negentig in volle gang waren.

Participatievideokunst! Schokkerige beelden, gemaakt met een handheld cameraatje! Een kunstenaar die zichzelf vol betrokkenheid tussen de gewone mensen begeeft, tussen de nachtvlinders op straat, totaal overtuigd van de gedachte dat je zo het ware leven zichtbaar maakt. En dat alles begeleid door volkomen onbegrijpelijk en vaag kunstjargon. 'De complexiteit van autoriteit in menselijke relaties.' 'Extraterritorialiteitsbeginsel.'

Ach gut. Even wentelde ik mezelf in nostalgie.

Ik zei: even. Toen zag ik Credit Point - een video uit 2012, mind you - en balde mijn vuist. Hier was Sela, met haar handheld camera, participerend en volop aanwezig in haar eigen scenario. Ze onderzocht de complexiteit van autoriteit in menselijke relaties, wat erop neerkwam dat ze tijdens een workshop een aantal kunststudenten de stuipen op het lijf joeg door ze als een krolse kat half te bespringen en te dreigen met een onvoldoende voor dit vak als ze niet meewerkten.

A Prayer for Loss of Arrogance, Kristof Kintera, 2013. Beeld Kunsthal

Ik kon het niet aanzien. Vergaande persoonlijke betrokkenheid? Wat een quatsch. Ik gelóófde Ruti Sela gewoon niet. Ik geloofde niet dat haar films, waarin ze het aanlegt met prostituees en homoseksuelen en oversekste mannen en waarin ze zelf steeds naar haar eigen camera zit te lonken, zijn gemaakt vanuit oprechte interesse in de ander. En al helemaal niet dat ze het echte leven laten zien.

Haar werk werd pas interessant toen ik de films bekeek waarin ze zelf niet voorkomt. In People Will Comply (2010) volgt ze een groepje jonge, getraumatiseerde Israëliërs. Tijdens een museumbezoek krijgen ze de kans om elkaar zogenaamd elektrische schokken toe te dienen. Daar werd het pas echt. Ruti Sela zat er niet tussen.

Rotterdam, 10 maart

Lente in Roffa - en alles begon opnieuw. De bloesem op de Westersingel: ze ontlook. Het vermetele naveltruitje op het Eendrachtsplein: het trippelde. De twee dranghekjes met geweien in het parkje naast De Kunsthal: ze bestegen elkaar als bronstige herten. Die laatsten maakten deel uit van een tentoonstelling in diezelfde Kunsthal, Your Light is My Life, een van de leukste, mooiste en met afstand de grappigste die ik dit jaar zag.

Het betreft een solo van Krištof Kintera, een Tsjechische kunstenaar, alumnus van de good old Rijksakademie, maker van beelden, al klinkt dat hier wat 19de-eeuws, dingen dan maar. Kintera produceert dingen, samengesteld uit alledaagse objecten, lampen, ballen, boeken, meubilair, slim, dubbelzinnig en vaak erg grappig; kinetisch is het ook.

De objecten van Jean Tinguely, van wie de Kunsthal jaren geleden een fijn overzicht toonde, komen in gedachten; eendere speelsheid, dezelfde kinderlijk enthousiaste reacties bij het publiek. Heeft u behoefte aan een oppepper? Kintera is uw man.

Het interne deel van de expositie begon met geluid. Het klonk schel en dierlijk. Gremlins, dacht ik, ze hebben verdorie Gremlins in de Kunsthal losgelaten, en het gekras en geschreeuw volgend, liep ik door een nauwe gang met nog nauwere zijstegen waarin ondefinieerbare poppen hun hoofd tegen de muur beukten om uiteindelijk te belanden in de eigenlijke tentoonstelling: een open ruimte gevuld met tientallen objecten.

Er waren geen Gremlins. Wat er wel was: een kinderwagen met bepantsering; een reusachtige figuur gemaakt van lampen; een boodschappentas met bewegende komkommer (die had ook de lente in zijn kop); iets wat leek op een gesmolten zwerver. Nu ontwaarde ik ook de eigenlijke lawaaimaker: een kraai met bungelende beentjes. Hij zat op een plint en imiteerde een telefoongesprek: I see, kraste de kraai. I see, I see, I see. Zijn leren jackie lag op de grond: No, no, no, I see. Toen hij klaar was met het imiteren riep de kraai: Oh Jesus. Oh Jesus. Jesus Christ Superstar.

In de begeleidende tekst, in dit geval eentje op posterformaat, werden zulke objecten gekoppeld aan vervuiling en energieverbruik en de Fluwelen Revolutie. Dat kon je er in terugvinden, maar de kracht van Kintera's werk zat elders: in de visuele vondsten, het bijeenbrengen van schijnbaar gescheiden werelden, het surrealistische aspect, zeg maar.

Toen ik buitenkwam stuitte ik op nog zo'n kunstwerk, de Public Jukebox. Voor 50 cent kreeg je een liedje te horen, of niet, dat wist je nooit zeker. De lampjes in de C waren kapot. Ik bestudeerde de titels, en las: I'm thirty, I'm lonely, I'm horny.

Ik heb geen muntstuk ingeworpen. Ik ben geen 30.


Ruti Sela Stedelijk Museum Bureau Amsterdam, t/m 29/3.
Krištof Kintera: Your Light is My Life De Kunsthal, Rotterdam, t/m 7/6.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden