Lekker wijf

Op vakantie met mijn vriendin... Nee. 'Op vakantie' mocht niet bij ons thuis; dat was katholiek.


Met vakantie met mijn vriendin... Gatver. Twee keer 'met' in één zin.


In dé vakantie met mijn vriendin...? Kleffig: alsof wij de hele zomer saampjes hebben doorgebracht (één lesbi - twee lesbies) terwijl we maar even in dat vakantieoord verbleven. En voornamelijk om mijn kleinzoon op te zoeken.


Vakantie vierend met... Klinkt gekunsteld. Als een vertaling. Hoe heet die werkwoordsvorm ook weer? Onvoltooid deelwoord.


Tijdens een vakantietje met een vriendin... Twee keer 'een'. En alsof het om een willekeurige vriendin gaat. Vakantietjè? Te bagatelliserend.


Met vakantie in gezelschap van mijn beste vriendin... Overdreven. Een van mijn beste vriendinnen dan maar.


Zo zit ik vaak minutenlang te sleutelen aan een eerste zin. Om maar niet te hoeven toekomen aan waar ik heen wil, om het verhaal dat op het puntje van mijn pen ligt zo lang mogelijk uit te stellen. Uit angst voor oppervlakkige anekdotiek. Met mezelf weer eens als middelpunt. Zo'n koddig type dat - beproefd recept - het onderspit delft. Want ook uit deze vakantieflashback zal ik als antiheldin tevoorschijn komen en mezelf beschrijven als iemand die gebukt gaat onder ambivalente, ja laakbare gevoelens. Ditmaal over mijn verschijning in verhouding tot die van die vriendin.


In het VPRO-programma Boeken op reis, waarin Wim Brands met een doodgraversgezicht naar buitenlandse auteurs zit te luisteren, zei schrijfster Shriver - die zich om onnaspeurlijke redenen Lionel heeft genoemd - dat we onszelf zien als 'materiaal'. Dat we in plaats van onze geest te verruimen naar fitness gaan (of naar de schoonheidsspecialiste). Met andere woorden: dat we te veel zijn gefocust op onze buitenkant.


Ik weet niet waar ik me moet bergen van schaamte. Maar toen ik met vakantie was, had ik dat televisieprogramma nog niet gezien.


Vooruit. Of liever, achteruit: deze zomer was ik een weekje op Mallorca. Wacht, ik ga over tot het praesens historicum. Dat verlevendigt de boel.


Met een van mijn beste vriendinnen logeer ik een paar dagen in het havenplaatsje waar mijn kleinzoon woont. Morgen krijg ik hem te zien. Maar nu is het avond en ben ik nog even geen oma. Zie ons, voortvarende holandesas, de marmeren trap van ons hotel aftrippelen, pardoes de boulevard op waar het wemelt van de mensen. Voor we aan tafel gaan, besluiten we nog wat te drinken op een van de talloze terrassen.


Ik ben erg gesteld op mijn vriendin, maar ze heeft één nadeel. Al zijn we nagenoeg even oud, zij ziet er jonger uit. En niet alleen in mijn perceptie. Heus, ik weet best dat ik af en toe nog heel aardig voor de dag kan komen, maar zij is een regelrechte blikvanger. Waar wij ons ook vertonen, te land, ter zee of in de lucht, hoe weelderig mijn haar ook is geföhnd, hoe elegant en toch eigentijds ik ook gekleed ga, me voortrep op mijn mooiebenenschoenen, steeds bekruipt me het gevoel dat alle blikken een fractie van een seconde op mijn gestalte blijven rusten om zich onmiddellijk aan die van haar te hechten: 'Lekker wijf!'


Maar ach, wat wil ik ook op mijn leeftijd? Wat ik wil? Evenveel bekijks als zij! Terwijl ik haar tegelijkertijd alles gun. Bestaat er iets fnuikenders dan te worden heen en weer geslingerd tussen ordinaire jaloezie en onbaatzuchtige vriendinnenliefde?


Net op het moment dat ik heb besloten deze ballast overboord te gooien, mezelf en mijn uiterlijk te vergeten en te genieten van de zoele lucht, de kabbelende zee en mijn kleinzoon in het vooruitzicht, bots ik bijna tegen een uit de kluiten gewassen veertiger op die me indringend aankijkt... Jazeker. Mij! (Wordt vervolgd.)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden