Lekker klooien in de oefenruimte

In april keerde SFeQ terug naar Nederland, na een verblijf van enkele maanden in the Big Apple. Ze studeerden en speelden daar - onder andere in de Knitting Factory - en konden elke avond wel een held uit hun jazzdromen bewonderen....

VERWAR SFeQ niet met al die bands die, waarschijnlijk uitpuilend van goede bedoelingen, meedoen aan 'het hip maken van de jazz'. Want dat is niet goed en helemaal fout. De vijf jongens van SFeQ zijn namelijk bezig, zeggen ze, met het doen van hun eigen ding.

Heel wat minder vrijblijvend dan zo'n opmerking is hun muziek, waarvoor vier instrumentalisten een eind weg putten uit een allesomvattend jazzidioom dat ze 'eigenlijk vanzelf' hebben meegekregen - van huis uit en op verschillende conservatoria.

Met zuinig gedoseerde scratches en samples verbouwt discjockey Git Hyper, niet meer weg te denken SFeQ-lid, complexe klanken tot een eigentijdse sound die ook zonder goede wil als vooruitstrevend valt te bestempelen. Er zijn invloeden van Monk, souljazz en Charlie Parker, van hip hop - dat heb je al gauw, als er draaitafels bij komen kijken - en andere pop, met kenmerken van. . .

Maar stop, hou eens op, er is al weer te veel gezegd. 'Wij denken niet in stijlen en stromingen', verkondigt saxofonist Bart Suèr plechtig. 'Wij gaan in de oefenruimte altijd lekker aankloten en dan zien we wel wat eruit komt', meldt drummer Stefan Kruger parmantig.

Met Low Impact, High Energy, Totale Body Work Out leverde het vijftal vorig jaar zijn tweede plaat af. Mind you, die Engelse titel mag best op z'n Nederlands worden uitgesproken. Komt uit een Amazing discoveriesachtig filmpje waarin een nagesynchroniseerde meneer een glij-uzelf-fit-apparaat aanprijst. SFeQ (officieel staat het voor 'San Francisco Earthquake', zeg maar gewoon sfek) houdt wel van gek.

Begin dit jaar toog de groep naar New York, waar de leden een paar maanden konden studeren en spelen. Ze waren herhaaldelijk te horen in de Knitting Factory ('klein, smerig kutclubje, in feite') en lieten zich ondersteboven blazen door de gedachte dat bijna elke avond wel een held uit hun jazzdromen op een of ander podium te bewonderen is - je hoeft de speellijst uit The Village Voice er maar bij te pakken of je zit weer uren vast. Om vervolgens gewaar te worden, zegt Kruger, dat 'vooral die rhythm-secties beschikken over ongelooflijk veel rust'. De coolheid! De relaxtheid!

En dan: het benaderen van andere musici. Om te vragen of ze je les willen geven. Halve grootheden soms, in hun ogen. 'Als je laat merken dat je geen toerist bent, dat je daar zit voor langere tijd', zegt Kruger, 'dan ben je gelijk een van hen. En als je dan kunt zeggen dat je nog speelt ook, dat je dan-en-dan te horen bent in de Knitting Factory. . . Wauw! Sta je meteen een rang hoger. Kun je de volgende dag langskomen.'

In april keerden ze terug naar Nederland. 'Voor het eerst heb ik geen uitkering meer', zegt Kruger. 'Dat is een ontzettend goed gevoel, dat ik kan leven van het spelen.' Van optreden en nog eens optreden, want van de plaatverkoop hoeft SFeQ het nog niet te hebben. Hoeveel er verkocht zijn van de laatste cd? 'Weet ik niet', zegt de drummer. 'Ik durf het ook niet te vragen.' Tweeduizend, schat saxofonist Suèr, of nog iets meer. 'Maar hij komt binnenkort ook in andere landen uit, en Duitsland en Zwitserland zijn bijvoorbeeld erg belangrijk voor ons.'

Ze willen de mensen blijven voeden. De uitbaters van jazzclubs, de programmeurs. Stuur eens een plaatje op naar Brazilië, toe maar. Zorg dat je die mensen paait. 'Want misschien lukt het er nu nog niet, maar over drie jaar wel', zegt Kruger. 'Zo gaat dat.' In Japan, ze weten het zeker, krijgen ze met hun 'niet-commerciële muziek' vroeg of laat ook voet aan de grond.

Moedeloos worden ze niet, van het uitblijven van de grote doorbraak. Met wat zij doen zal die nooit komen, zo nuchter zijn ze ook wel weer. En daaraan ontlenen ze juist de kracht om eigenzinnig door te gaan.

Wel balen ze geregeld van het amateurisme in sommige delen van het jazzcircuit, waar ze tegen wil en dank toch een beetje in verkeren. Kruger: 'Aan de telefoon zeggen ze dan: ja, wij hebben alleen moderne jazz. Vraag ik: wat dan? Nou, Willem Breuker en zo, is vaak het antwoord. Tuurlijk, dat is moderne jazz, maar wel moderne jazz van twintig jaar geleden. Of ze zeggen: eh, nee, we doen alleen muziek uit het BIM-huis. Zeg ik: wij spelen ook in het BIM-huis. Nou nee, dat gaat niet, jullie zijn niet modern genoeg. Met dat soort mensen moet je onderhandelen. Dan denk je op een gegeven moment ook: krijg het schijt, sodemieter op.'

Als je het van zulk pruttelwerk moet hebben, kom je sowieso geen stap verder, vindt Suèr. Die gesubsidieerde zaaltjes waarin ze 'slechte publiciteit maken', zodat er nooit meer dan zes toeschouwers zitten - altijd dezelfde toeschouwers, ook dat nog, mensen van het slag 'Engelse leraar met baard en pijp'. Inside-grapje. Sorry.

Kortom: als zij van hun muziek willen rondkomen, zijn ze genoodzaakt naar het buitenland te gaan. Je wordt er nooit rijk van, maar aangenaam is het wel. 'Ik hoef geen dure auto', zegt Kruger, 'ik hoef geen groot huis. Als je je maar gelukkig voelt in je eigen muziek.'

Wat niet betekent dat hij de neus ophaalt voor een goeie schnabbel. Laatst stond hij er gewoon weer, in Motel Rosmalen, op een Braziliaanse Avond. Ook Suèr draait de hand niet om voor een bruiloft meer of minder. 'Spelen is al gauw prettig, je kunt het ook in een Top-40-bandje zo moeilijk maken als je zelf wilt.' En het geeft altijd een kick, als je mensen aan het dansen krijgt op je eigen geluid.

Maar welk rottig klusje ook in de agenda staat, al is het voor duizend gulden de man, SFeQ gaat voor. Duidelijke zaak.

Stefan Kruger: 'Het is geen zielig verhaal.'

Bart Suèr: 'Nee, we wisten het van het begin af aan.' Brede grijns. 'Dat het zo zou worden. Het is hartstikke leuk hoor. Ik vermaak me rot.'

SFeQ speelt zaterdag op het North Sea Jazz Festival.

Cd's:

Rumble. VIA 995015-2 (1992).

Low Impact, High Energy, Totale Body Work Out. VIA 995022-2 (1993).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden