Leenstra moest haar focus op de volgende wedstrijd richten

De volgende kans

Het NK allround was nog niet begonnen of Marrit Leenstra, de grote uitdaagster van Ireen Wüst, lag er alweer uit. Gediskwalificeerd bij de start van de 500 meter. Een NK voor spek en bonen meerijden daardoor, en ook geen kwalificatie voor het EK. Ze had een schaats over de lijn gehouden. Dat mocht niet, kon ook helemaal niet, maar was gebeurd.

Terwijl de collega's de eerste rondjes draaiden, zat zij verslagen op een bankje op het middenterrein. Het lichaam wist al wat het te doen stond, de handen mikten spullen in een tas, maar aan de manier waarop ze naar het ijs keek, naar een werkelijkheid die zich zonder haar begon te voltrekken, kon je zien: de geest was nog niet zover.

Zou ze inwendig erg tekeergaan op dat moment? Zou ze schelden, eerst op zichzelf, haar domme beginnersfout, daarna op de scheidsrechter, een lijntrekker eigenlijk, die nog nooit van de geest van de wedstrijd had gehoord, op collega's die het maar gemakkelijk hadden, om ten slotte weer bij de zelfhaat uit te komen?

Zou ze aan de doden denken, die de laatste tijd met zoveel passie door de hoofden van onze sporters gaan als er is verloren? Er was een tijd dat atleten te pas en te onpas hun kinderen de velden en banen optilden, maar die tijd is voorbij. Nu zijn het de doden aan wie wordt gedacht. Vaders, moeders, buren; de sport als een grote herdenking.

Marrit Leenstra zat nog steeds op een bankje op het middenterrein. Zonder haar zette het schaatsseizoen zich in beweging. Ze keek ernaar, zette haar eigen seizoen er in gedachten naast, erbuiten; een alternatief seizoen. Er was een deel van een verleden dat in de toekomst moest worden weggepoetst, iets kroms dat moest worden rechtgezet.

Ze moest het liefst meteen terug in de tijd zijn gegaan om de vlek te verwijderen, het besmette verleden was nog heel nabij. Maar je kunt niet terug in de tijd. Er is maar één richting: vooruit, de toekomst in, om daar iets te vinden dat ze over de vlek heen kon plakken. Een medaille, liefst een grote, zodat je er bijna niets meer van zag.

Ja, de focus moest op de volgende kans worden gericht, de volgende wedstrijd, meteen al, nu, op het middenterrein. Het beste was om daarbij niet te denken aan wat er met haar zou gebeuren als ze die kans opnieuw zou verprutsen, want dat is niet positief. En je mag alleen maar positief denken, anders loop je meteen al een mentale achterstand op en kun je je nieuwe focus net zo goed meteen overboord gooien.

Psychologisch was zoiets niet erg verstandig, want zo ontwikkelde je helemaal geen strategieën om nieuwe tegenslagen te kunnen verwerken en ging je onbeschermd een lange, gevaarlijke toekomst in. Maar dat was voor later zorg. Wie dan leefde, wie dan stierf. Ze stond op. Op korte termijn was focus de beste psycholoog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.