Leen wat je lenen kunt

De meeste studenten hebben de pest aan hun studieschuld. Liever nog maar eens aankloppen bij hun ouders of een baantje nemen dan nog meer geld lenen....

Als Vid Stimac (21) afstudeert in de econometrie, over een jaar of drie, vier, heeft hij een studieschuld van 25 duizend euro. Vid leent wat hij lenen kan. `Ik leen van de IB-Groep het maximum wat ik kan krijgen, ongeveer 450 euro per maand`, zegt hij.

Hij trekt er geen zorgelijk gezicht bij, integendeel. Vids leengedrag is dan ook geen oplossing voor een groot financieel probleem, maar een doelbewust gekozen strategie om alles uit de studietijd te persen wat er in zit. `Ik wil alles kunnen doen wat ik wil. Ik wil elk boek kunnen kopen dat ik wil hebben, ik wil bij wijze van spreken een elektrische puntenslijper kunnen kopen als ik dat wil.`

Niet dat hij voor zijn dagelijkse leven veel nodig heeft. `Ik ben niet op consumeren ingesteld, niet zo van het materialistische. Maar ik reis bijvoorbeeld veel.` Zo was hij afgelopen winter een paar weken in Skopje, waar een `winteruniversiteit` werd gegeven over corporate governance en de effectenmarkten. Dat kostte ruim duizend euro. In de zomer daarvóór zat hij wekenlang in Polen, bij de befaamde Warschau School of Economics. Daar was een cursus over transitie-economie, ofwel het fundamenteel veranderen van de economische structuur. Daar hebben de Polen warempel ervaring mee, dus als je daar iets van wilt weten, moet je naar Warschau. En vlak voor de zomer was hij in Ljubljana, waar een conferentie was over Europese integratie. Komende zomer wil hij hoe dan ook een aantal weken naar Moskou, om zijn Russisch wat bij te spijkeren.

Hij reist trouwens niet alleen maar om te studeren. Vid komt uit Belgrado, Servië, en heeft familie in heel voormalig Joegoslavië. Ook die bezoekt hij wel eens.

En dan zijn er nog genoeg andere dure dingen die het studeren aangenaam en interessant maken. Voor een beetje laptop is hij zo duizend euro kwijt, en `laatst bestelde ik drie boeken om in de zomer te kunnen studeren. Dat kostte tweehonderd euro`.

De doorsnee Nederlandse student (trouwens ook de doorsnee waar-dan-ook-student) heeft een grote afkeer van studieschulden. Die doet alles om te voorkomen dat hij geld moet lenen. De gebruikelijke methoden zijn bedelen bij de ouders en een baantje nemen, van soms meer dan twintig uur per week.

Doodzonde, vindt Vid, dat die mensen `twintig uur per week in een stinkend café willen werken, enkel om geen schulden te krijgen`. `Dit is de tijd dat je in jezelf moet investeren. Nu leer je nog snel, en alles wat ik nu leer gaat veel langer mee. En bovendien wil ik alle vrijheid om te doen wat ik wil. Die vrijheid is mij veel meer waard dan wat het me later kost als ik die schuld moet afbetalen.`

Hij wijst op studenten aan topopleidingen in Amerika en Engeland. `Daar lenen studenten soms meer dan honderdduizend dollar om een studie te betalen.`

Hij geeft toe dat zijn studierichting een rol speelt bij het gemak waarmee hij leent. Die paar duizend euro bijvoorbeeld boezemt hem geen ontzag in: `Wij praten de hele dag over miljarden.` En belangrijker: `Mijn financiële vooruitzichten zijn natuurlijk anders dan die van een student antropologie`, al is hij absoluut niet van plan om `zoiets stoms` te doen als in het bedrijfsleven te gaan werken. Nee, hij denkt eerder aan een interessante baan in een transnationale organisatie.

Zelfs de meeste van zijn medestudenten econometrie deinzen terug voor grote studieschulden. Vid begrijpt niets van die terughoudendheid. Zelfs als het hem later financieel toch niet voor de wind gaat, wat dan nog? `Misschien moet ik later 'honderd euro per maand aflossen. Dat is toch heel weinig? En als je zelfs dat niet kunt betalen, kun je vrijstelling aanvragen.`

Welbeschouwd zou hij zijn studie best kunnen betalen zonder te lenen. Hij woont op zolder bij zijn moeder, krijgt 75 euro per maand studiebeurs en heeft sinds kort een baantje dat maar liefst zeshonderd euro per maand opbrengt. Een baan? `Ja, ik heb een student-assistenschap. Dat is heel interessant werk. Ik help bij het uitvoeren van onderzoek. Ik denk dat ik het ook zou doen als het niets opleverde, maar dat moet je maar niet opschrijven.`

Sinds die baan maakt hij niet meer al zijn geld op. Al is het alleen al omdat hij geen tijd heeft om het uit te geven. Per week heeft hij 18 uur college, nog eens zo veel tijd besteedt hij aan studie, 16 uur voor zijn baantje en 5 uur voor het honours-programma van de Universiteit van Amsterdam (een programma voor excellente studenten). `Ik spaar nu wat, met deze rente kost dat ook bijna niets.`

Maar het risico dat hij iets zou moeten laten uit geldgebrek, neemt hij in geen geval.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.