Leeg Lijnden

Het dorp Lijnden raakt steeds leger omdat de omgeving voller wordt. Waar bewoners vroeger vanuit hun huis de hele polder konden overzien, zien ze nu businessparken, verkeer en vliegtuigen....

tekst John Schoorl fotografie Marcel van den Bergh

Bekend Lijndens gezegde: als Jos Weel z'n vinger een kant uit wijst, dan komt ie altijd wel een hoekie van zijn eigen tegen. Losjes vertaald komt het erop neer dat hij heel veel grond bezit, her en der in Nederland. In Lijnden zo'n 23 hectare. Of in Weels eigen woorden, trots turend over eigen terrein: 'Dit is van mijn. En dat daar is ook van mijn.'

Terwijl de A9 en de binnenwegen rond het dorp worden omgetoverd tot een verzameling rode lampjes, verzorgt Jos Weel in de avondschemering een rondleiding langs zijn bezittingen. Sinds 1874 woont de familie Weel in Lijnden. 'Zie je die loodsen daar liggen? Allemaal van mijn. Heb ik zonder vergunning gebouwd. En hier voor je, de handbalvereniging vos? Ben ik voorzitter van. Maar denk je dat ik ga wachten totdat de gemeente een parkeerterrein of zo regelt? Ben je helemaal belazerd! Ik doe lekker wat niet mag. Dat is mijn manier om voor het voortbestaan van Lijnden te vechten.'

Op het gezicht van Jos Weel verschijnt een grote lach die de cabine van zijn auto lijkt te vullen. 'Effe die lui opnaaien', voegt hij eraan toe en slaat hard met zijn vuist op het dashboard. 'Al die lui bouwen aan de randen ons hele dorp vol, en mij vragen ze niets', zegt hij. 'Nou, dan ga ik toch ook niet overal toestemming voor vragen. Burgerlijk ongehoorzaam, noemen ze dat. Gewoon doorrammen, noem ik het.'

De laatste boer van Lijnden, want dat is ie ook nog, gromt van plezier en geeft gas. Terwijl we langs zijn eigendommen rijden, laat hij zien waar een boer in Lijnden tegenwoordig zijn geld mee verdient - behalve met het beheer van honderdzestig koeien.

Overal op zijn erf staan kleine schuren, veelal oude pluimveeloodsen, die hij verhuurt aan kunstenaars, Iraakse dan wel Iraanse autosleutelaars en anderen op zoek naar 'een stukkie stadsrandwerk'. Dat daar ook weleens 'een slechte' tussenzit, ja daar kan hij niks aan doen. Want neem nou dat gedoe twee jaar geleden, toen een van zijn loodsen in de brand vloog en de brandweer xtc-afval tussen de smeulende resten aantrof. Het leken zulke nette jongens, dat wel.

Weel, ook handelaar in betonplaten, heeft inmiddels met zijn eigen waar een 'ontsluitinkjesweg' aangelegd en hij heeft een andere eigen weg, die naar het tijdelijke viaduct over de A9 leidt, in voorbereiding. 'Zo doe je dat', doceert Weel. 'Als je om zo'n weg vraagt, krijg je niks. En als ik niks meer doe, stopt alles in Lijnden en vegen gemeente en Schiphol het dorp van de kaart af. Ik vecht tot het uiterste, jazeker, en daarom zien ze me misschien als een cowboy. Maar ik ben wel een cowboy die alles voor Lijnden geeft.'

Want het dorp ligt daar om vergeten te worden, vindt Weel. Weg ge drukt in de oksel van de overvolle A9, het uitdijende Schiphol en de drukke polderwegen, ligt het dorp Lijnden in de Haarlem mer meer te kwijnen. De nieuwe snelweg A5 doorboort het achterland, Amsterdam rukt verder op aan de voorkant en Airport Business Park Lijnden vult de rest van de horizon met vele vierkante meters Millennium Distribution Center, Quadrantium en Merchants Park.

Lijnden is een verdoemd dorp, zegt een bewoonster. Een tussen Badhoevedorp en Zwanenburg ingeklemd lijk, vindt een ander. We zijn afgeschreven, weet er een.

Lijnden is vooral een dorp zonder uitzicht. Dat wil zeggen: er is wel een uitzicht, maar dat is geen uitzicht voor een polderdorp. Het is een zicht dat wordt belemmerd. Het dorp raakt steeds leger, terwijl de omgeving voller wordt. Stel Lijnden voor als een vierkant huis met aan elke zijde een groot raam. En wat zien de Lijndenaren dan? Maar vooral, wat zien ze niet meer? Jos Weel: 'Vroeger konden we vanuit onze boerderij de hele Haarlemmermeer doorkijken. Je had geen snelweg, geen waterzuiveringsinstallatie, geen verkeer. Ik kon bij goed weer de Grote Kerk van Haarlem zien. Nu zie ik vooral laagvliegende vliegtuigen en héél veel auto's.'

Wiet van Hoorn: 'Door mijn achterraam zag ik tot voor kort een groot leeg weiland, maar nu is dat doorkliefd door een nieuwe weg, de T106. En ik zie dat de eerste kantoren zijn gebouwd en dat er borden staan van makelaars. Dat hele weiland gaat volgeplempt worden met voor Schiphol bestemde kantoren. Propvol.'

Jaap Burger: 'Vroeger zaten hier aan de overkant allemaal tuinders met hun land en die kwamen vaak met een bootje over om bij ons in het café een potje bier te drinken. Nu staan er flats en huizen. Ik kan Amsterdam al bijna grijpen. Nog effe en het is zover.'

Arie Blom: 'We konden Hoofddorp zien liggen. Met helder weer zag je de de zerken van de begraafplaats aan de andere kant van de polder. Nu zie ik de hele dag vliegtuigen landen en dat wordt alleen maar erger als die vijfde baan erbij komt.'

Het regent in Lijnden en de karige polderwegen zijn glibberig. Het zijn van die herfstige, regenachtige dagen dat een Lijndenaar zegt blij te zijn dat ie de de bieten en aardappelen de grond uit heeft. De Hoofdvaart ligt als een liniaal in het landschap. Met aan beide zijden, in een vast ritme, treurige kale bomen. Even verderop doorkruist een begrafenisstoet het nieuwe bedrijventerrein.

Het zijn dagen waarin de ontstaansgeschiedenis van het dorp als het ware zichtbaar is. Twee flinke stalen pijpen komen uit het in het hart van het dorp gelegen gemaal en stoten bij de Ringdijk een enorme hoeveelheid water uit. De waterstand in de Haarlemmermeer is deze dagen de hoogste in dertig jaar; de polder loopt vol en het watergemaal De Lijnden moet het allemaal verwerken. O, wat is er dan een trots in Lijnden. Het vermaledijde Hoofddorp en het verdomde Schiphol leunen in vochtige tijden op Lijnden. Al het stromende water komt hier tezamen. 'Ze mogen in Hoofddorp nooit vergeten dat als ze daar in het water lazeren, ze altijd in Lijnden uitkomen', heet het.

Het gemaal De Lijnden, legde samen met de gemalen De Cruquius en De Leeghwater, in 1852 de Haarlemmermeerpolder droog. De Lijnden werd genoemd naar Baron van Lijnden van Hemmen die in 1822 een verontruste verhandeling had geschreven over de steeds onstuimiger wordende Haarlemmer Meer. Rond dit gemaal ontstond na de inpoldering een kleine nederzetting waar zich polderwerkers, baggeraars, daggelders en later boeren vestigden.

Nu wonen er 848 mensen, begin jaren zeventig waren dat er tweehonderd meer. Al geruime tijd geldt vanwege de geluidshinder een woningbouwstop. Behalve een rijdende bakker laat geen enkele winkelier zich meer in Lijnden zien. Ook de bus mijdt Lijnden. Onlangs sloot de peuterspeelzaal en School 1 (de eerste openbare school van de Haar lem mermeer) was al in 1994 opgehouden te bestaan.

Een dorpsagent heeft Lijnden ook al lang niet meer. Zijn vervanger opereert vanuit Badhoevedorp als 'gebiedsgebonden medewerker' en daarmee is alles gezegd. Hij moet zich voornamelijk bezighouden met de vele verkeersongelukken in de buurt.

Wel zijn er veel bedrijven in Lijnden. Het totale aantal is 85, waarvan de vuurwerkgroothandelaar Mercurius en vetsmelterij Noba de bekendste zijn. Maar veelal gaat het om 'marginale bedrijven', zoals Jan Krikke, projectplanoloog van de gemeente Haarlemmermeer het noemt. Hij spreekt van 'wild-west-bedrijven waar de eigenaren weleens een hond op je afsturen'.

Arie Blom loopt het grindpad af, gaat de trap op en steekt de sleutel in de deur. Een muffe geur is het eerste dat hem uit de kerk tegemoetkomt. 'Kijk, bij die pilaren daar aan de rechterkant was mijn vaste plaatsie', zegt hij treurig. Hij wandelt verder de Sint Franciscus van Sales-kerk in en gaat voor het altaar staan. 'Mijn hele familiegeschiedenis zit hier in dit kerkje in Lijnden. We zijn hier gedoopt, getrouwd, en gestorven. Kun je je voorstellen dat ik zelf die kerk heb gesloten?'

Hij zat 21 mei 2000 vooraan in de kerk - en niet op 'zijn plaatsie' - toen deze kerk zijn laatste dienst beleefde. Hij was immers voorzitter van het bestuur en mocht naast de burgemeester van de Haarlem mermeer het einde van de kerk beleven. Na 140 jaar was0 er geen perspectief meer. De kerk raakte steeds meer ontvolkt en schouder aan schouder zaten ze al jaren niet meer. Geruime tijd worstelde Blom met de sluiting van de kerk.

'Bij de laatste dienst zag ik een oud vrouwtje. Ze kwam al haar hele leven in die kerk. "Arie, mag ik dan nooit meer op me plaatsie zitten?", vroeg ze. Ja, wat moest ik haar vertellen. Ik had 'r eigenlijk alles afgenomen, zo voelde ik dat. Ik zal je zeggen: ik mis zelf mijn plaatsie in de kerk ook nog elke dag.' Met zijn hand leunend op een van de overgebleven kerkbanken, vertelt hij over de bevoogding van de kerk in vroeger tijden. Over hoe arme daggelders op kosten van de gemeenschap werden begraven, over hoe de kerk over het welzijn van de Lijnde na ren waakte. Nu de kerk is gesloten, voelt hij zelf ook niet meer de bescherming van Sint Franciscus van Sales, zegt hij. Een paar maanden geleden kreeg Blom een hartinfarct. Ook heeft de voormalige varkensboer last van astma en is hij inmiddels allergisch voor uitlaatgassen en straatvuil.

'Voor mij was het sluiten van deze kerk ook het einde van Lijnden. Die kerk was zo belangrijk, het belangrijkste bindmiddel. Maar het kon niet anders, en dat besefte ik maar al te goed. Lijnden bloedt langzaam dood. Noem het een sluipmoord. In dus trie mag er volop bij, maar voor nieuwe mensen is geen plek meer. Lijnden wordt vol, maar niet doordat er meer bewoners bijkomen. Want alleen Schip hol en de industrie mogen uitbreiden. Economische groei is heilig.'

We lopen naar buiten en zien wat er overblijft in het dorp - behalve de 160 duizend auto's die dagelijks langs Lijnden over de a9 rijden. Naast de kerk ligt dorpshuis De Vluchthaven en daarachter het volgelopen terrein van Petanque Lijnden. Aan de overkant prijkt de kleine protestantse Geloof en Liefde-kerk.

Volgend jaar zal ook de laatste dorpskroeg, café Lijnden, gesloten worden. Eigenaar Jaap Burger is ongeneeslijk ziek en zijn vrouw Rietje zegt dat er vanuit het dorp geen nieuwe klandizie valt te verwachten. 'Als je van het dorp moet eten, liggen de muizen dood voor de kast', verheldert ze.

Zijn garage in de tuin ziet er aan de buitenkant uit als een opbergplaats voor een zeer zeldzame en zeer glimmende Italiaanse sportauto. Als je echter de deur opendoet, zie je Goof Hameteman in blauwe overall de duivenschijt van de vloer afschrapen. 'Kuise, goed kuise', heet dat. Links in het hok zitten zijn wedstrijdduiven (24) en rechts zijn jonge duiven (25). Iets verderop is 'het kweekcentrum' waar 'de baron', een 15 jaar oude wedstrijdduif, 'de boel bevrucht'.

Hameteman werd in 1934 geboren in Lijnden en al zo'n vijftig jaar houdt ie postduiven. In zijn huiskamer is hij omsingeld door porseleinen duiven en zijn vrouw noemt ie 'mijn duivin'. 'Ja, de liefde. De liefde voor de duif.' Hij moet even nadenken. Daar gaat ie. Als zo'n duif op vrijdagmiddag in Zuid-Frankrijk gelost wordt en - 'met de zuidenwind in z'n poepert' - die duif de volgende dag weer thuiskomt met een blik in zijn ogen van: 'Hé baas, ik ben er weer'. Dan, ja dan heeft Goof 'een stuk in mijn keel'.

En nu zijn er dus problemen met zijn duivenhok. Hameteman verhuist naar zijn voormalig ouderlijk huis, iets verderop in Lijnden. De gemeente Haarlemmermeer geeft hem geen toestemming om een duivenhok van 8 bij 2 meter, met een puntje, te bouwen, zegt hij. 'U heeft al genoeg hobbyruimte', kreeg hij te horen. Goof Hameteman begrijpt er niks van. Hij heeft alleen een washok, een garage en een hok voor oude fietsen. Dat zijn toch geen hobby's, vindt hij. 'Het gaat wel om duiven, ja. En ik wil me duiffies houden, klaar af.'

Zijn hele leven woont hij al in Lijnden. Alle veranderingen rond het dorp heeft hij zich zien voltrekken.En hij ziet ook hoe er nu 'verschrikkelijk veel' wordt gebouwd. Maar waar hij dan hélemaal niets van begrijpt - om de ernst van zijn onbegrip te ondersteunen maakt hij maaiende bewegingen met zijn armen - is de ophef rond zijn duivenhok. 'Lijnden wordt omsingeld', ziet Hameteman. 'Overal komen grote bedrijven. Al die nieuwe wegen. En dan mag ik van die rimpelkikkers geen duivenhokkie in Lijnden bouwen. Begrijp je dat nou? Wat stelt dit hokkie nou helemaal voor op aarde?'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden