Ledenreferendum helpt tegen vrijblijvende debatten in PvdA

Kan een partij tegelijk democratisch en aantrekkelijk zijn? Volgens Pieter Hilhorst en Tessel Schouten biedt het schriftelijk stemmen door leden over politieke voorstellen meer dynamiek én een betere controle op partijtijgers....

ARIE de Jong schrijft in de Volkskrant van 13 februari dat de PvdA in slaap is gesust door de populariteit van Wim Kok. Het congres is een applausmachine geworden en de partijdemocratie is uitgehold. Hij bepleit een versterking van de afdelingen en de invoering van een Verenigingsraad.

Dat is terug bij af. Een democratie van apparatsjiks is een nachtmerrie van voorbije tijden. De Jong heeft zonder meer gelijk dat de verhouding tussen de partijtop en de leden moet worden verbeterd. Maar dat kan beter gebeuren met ledenraadplegingen, een soort referendum waarin leden schriftelijk mogen stemmen over specifieke politieke voorstellen.

Felix Rottenberg heeft tijdens zijn voorzitterschap de partij opengegooid. Hij heeft de partijraad afgeschaft en geëxperimenteerd met nieuwe vormen van debat om de partij weer aantrekkelijk te maken. Dat is aardig gelukt.

De zichzelf partij-ideoloog noemende Bart Tromp heeft Rottenberg altijd gekritiseerd dat daarvoor wel een grote prijs betaald is. De partijdemocratie is afgebroken: leden hebben weinig invloed op de koers van de partij en de kandidaatstelling voor vertegenwoordigende lichamen.

Het lijkt alsof een partij niet én aantrekkelijk én democratisch kan zijn. Sinds het vertrek van Rottenberg lijkt de PvdA zelfs af te glijden naar 'the worst of both worlds'. De zeggenschap blijft slecht geregeld, terwijl de levendigheid en de wil om onorthodox te denken zijn verdwenen. De PvdA is een bestuurskunde-partij aan het worden die probeert om de kennis van leden te mobiliseren, maar de meningsverschillen buiten de deur te houden. Suggesties zijn welkom, protesten niet.

Politiek moet echter meer zijn dan het inventariseren van leuke ideetjes. Het gaat om het productief maken van politieke tegenstellingen. En dat nu is in de PvdA taboe. Ledenraadplegingen kunnen helpen dat taboe te doorbreken. Ledenraadplegingen zijn de ideale manier om 'the best of both worlds' te vestigen: levendige debatten én zeggenschap.

De partijstatuten staan ledenraadplegingen toe. Er kan dus mee worden geëxperimenteerd. Als de kandidaten voor het voorzitterschap zich aan hun woord houden, valt dat ook te verwachten want zowel Marijke van Hees als Lennart Booij en Erik van Bruggen hebben zich voorstander betoond van ledenraadplegingen. De niet door het partijbestuur gesteunde kandidaat Wouter Koning heeft in december jongstleden zelfs al een ledenraadpleging voorgesteld over Schiphol.

Het doel van de ledenraadpleging is niet het leren kennen van de standpunten van de achterban. Daarvoor volstaat een steekproef. Het goede van een ledenraadpleging is dat het een enorme stimulans is voor het debat en om slapende leden tijdelijk bij de partij betrekt. Daarnaast dwingt het bewindslieden om niet alleen rekening te houden met hun collega's in het kabinet en al gemaakte afspraken vastgelegd in het regeerakkoord maar ook met hun eigen achterban.

Onder druk van een ledenraadpleging zullen er veel ideeën, suggesties en onorthodoxe voorstellen boven komen. Dat effect is ook opgetreden bij lokale referenda over bijvoorbeeld de Amsterdamse nieuwbouwwijk IJburg. De dreiging van ledenraadplegingen stimuleert politici bovendien om al in een vroeg stadium serieus te luisteren naar kritische geluiden.

Voorwaarde is wel dat vooraf duidelijk is wat er met de uitslag gebeurt. Voor de nieuwe voorzitter zal het niet gemakkelijk zijn om inderdaad ledenraadplegingen over heikele onderwerpen voor elkaar te krijgen. Er zal sprake zijn van koudwatervrees. Het begrijpelijk dat de angst bestaat dat er niet valt te regeren als de leden gehoord worden en eventueel hun zin krijgen.

De top van de partij heeft immers vooral traumatische herinneringen aan momenten dat de achterban van de partij zich uitsprak, zoals bij het stranden van de formatie van het tweede kabinet Den Uyl en de protesten in de partij na het WAO-debâcle.

Het is een misverstand om te veronderstellen dat ledenraadplegingen de speelruimte van de politiek verantwoordelijken louter beperken. Zo had Wim Kok op het vorige PvdA-congres de congresuitspraak over de hypotheekrente-aftrek legitiemer naast zich neer kunnen leggen, als hij het congres had uitgedaagd om hun standpunt voor te leggen aan de leden.

Een ledenraadpleging is bovendien niet alleen bedoeld om het standpunt van de top te corrigeren, maar ook om leden te verleiden zich te in te leven in de morele en politiek-strategische overwegingen van de politici. Zo zou het komend congres een ledenraadpleging kunnen uitschrijven over een generaal pardon voor witte illegalen. Dat zou het debat over dit heikele onderwerp stimuleren, de leden dwingen de dilemma's serieus te nemen en zo gemakzuchtige kritiek op Cohen genadeloos bloot leggen.

Een levendige partij waar de leden via raadplegingen daadwerkelijk iets te zeggen hebben, maakt het voor de partijtop niet altijd gemakkelijker. Maar het alternatief is nog veel erger. Als er geen manier bestaat om politieke tegenstellingen te kanaliseren en als elk meningsverschil wordt uitgelegd als electoraal schadelijke ruzie, bloedt de ideeënvorming in de partij niet eens zo langzaam dood. Dan kunnen dissidente leden, zoals tijdens de WAO-crisis, alleen met hun voeten stemmen.

Pieter Hilhorst is politicoloog. Tessel Schouten is coördinator van het PvdA-ledenblad Pro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden