Le Pen III verovert Vaucluse

Marion Le Pen (22) moet voor het Front National de Franse parlementsverkiezingen in de Vaucluse winnen. De kleindochter van de extreem-rechtste politicus Jean-Marie Le Pen speelt een thuiswedstrijd. Nergens in Frankrijk is de familie Le Pen zo populair als hier. 'Het zullen de genen zijn'

'Wat is de koosnaam voor een meisje dat Marion heet?' Jean-Michel Ferrand kijkt de verslaggever onderzoekend aan. 'Dat is marionet, monsieur. Begrijpt u? Marion Maréchal-Le Pen is de marionet van haar grootvader.'


Ferrand herhaalt het nog eens: hij heeft niets tegen Marion Le Pen persoonlijk. Een aardig meisje is het. Ze kwam naar zijn campagnehoofdkwartier om zich voor te stellen. Dat hij bij die gelegenheid zou hebben gezegd dat ze hier niets te zoeken heeft, dat zijn verzinsels. Integendeel; de ontmoeting was hoffelijk. Maar ze is wel geparachuteerd. Haar grootvader durfde niet; daarom is zij hier kandidaat. Zodra de verkiezingen voorbij zijn, pakt ze haar biezen en zie je haar nooit meer terug in Carpentras. Als een bedreiging ziet hij haar niet. 'Ik haal altijd vijftien procent meer dan de landelijke kandidaat. De mensen kennen me, ik heb drie kantoren in de streek.'


Jean-Michel Ferrand is de sterke man van Carpentras en omstreken. Wie hier wat wil - een voetbalveld, instrumenten voor de blaaskapel, een extra schoollokaal, een vrachtwagen voor het feestcomité, een cheque voor het bluesfestival - klopt bij hem aan. Zo'n verzoek is zelden vergeefs. Zijn verkiezingsfolder is dan ook één grote dankbetuiging van de regio aan haar afgevaardigde. Zo gaat dat al vijf termijnen in Carpentras. En als het aan Ferrand ligt, komt daar een zesde bij.


Ferrand, onwaarschijnlijk zwart kapsel voor een man van 69 jaar, is een kind van de streek. Zijn hoofdkwartier leunt tegen de dikke muren van de stadspoort. In dit huis hadden zijn grootouders hun winkel in landbouwbenodigdheden. Hij hoort tot de uiterste rechterflank van de UMP; la droite populaire, vooral sterk in het hoge noorden en diepe zuiden van Frankrijk, streken waar ook het Front National een grote aanhang heeft.


Dit is het gebied van de pieds-noirs, legt Ferrand uit, de Franse kolonisten uit Algerije die begin jaren zestig met grote tegenzin terugkwamen naar het moederland. 'Die hebben nooit een goede relatie met Algerijnen gehad', zegt hij. 'Hun argwaan tegen vreemdelingen is gebleven.'


Immigratie is volgens hem een probleem met twee kanten. De ene is economisch: buitenlanders pikken de banen van de Fransen in. De andere is veiligheid. Ferrand vindt dat buitenlanders - en daaronder verstaat hij ook tweede en derde generatie immigranten - zich vaak 'onaangenaam gedragen'. 'Er is geen terrorisme hier, geen georganiseerde criminaliteit. Maar ze zijn onbeleefd. Dat gevoel hebben de mensen.'


Carpentras is een ogenschijnlijk vriendelijk stadje in de Vaucluse, in het midden van de driehoek die wordt gevormd door Orange, Avignon en de Mont Ventoux. Van oudsher is dit een boerenstreek: er is veel wijnbouw, maar ook groenten en fruit zijn hier in overvloed. De aardbeien van Carpentras zijn beroemd.


Dit is ook de stad waar Marine Le Pen bij de presidentsverkiezingen van mei haar hoogste score haalde. In de Vaucluse kreeg ze 27 procent van de stemmen, Carpentras kwam daar met 31,5 procent nog bovenuit. Dat was geen toeval. Haar vader, Jean-Marie Le Pen, deed het altijd al goed in de Vaucluse. In Carpentras haalde het Front National bij de kantonale verkiezingen van 2011 zijn enige raadslid.


Reden genoeg voor de partijleiding om voor de kieskring waartoe Carpentras behoort de joker in te zetten: Marion Maréchal-Le Pen, een blondine van 22 jaar die rechten studeert aan de universiteit van Parijs. Haar moeder is Yann, derde dochter van Jean-Marie Le Pen, ze is dus een volle nicht van Marine.


Twee jaar geleden debuteerde ze in de politiek, bij de regionale verkiezingen in de Yvelines, niet ver van Parijs. In de Vaucluse moet het beter gaan. Ze kent de streek niet, maar op de lokale markten krijgt ze alvast een vriendelijk onthaal. Op 11 mei kwam Jean-Marie eigenhandig de kandidatuur van zijn kleindochter lanceren. Op de vraag of zijn Front National niet te veel een familiebedrijf is, zei hij grijnzend: 'Ze heeft talent, het zullen de genen zijn.'


Het Front National presenteert Carpentras graag als heilige grond. In mei 1990 werden 34 graven op het joodse kerkhof vernield. Het FN, toen een partij in opkomst, kreeg de schuld. 'Een belediging, een manipulatie van de staat', was de furieuze reactie van Le Pen, die in Carpentras protestmarsen organiseerde. Pas in 1996 werd het FN vrijgepleit; een skinhead meldde zich bij de politie, die bekende met vijf anderen de grafschennis te hebben gepleegd.


In Carpentras deed de affaire veel stof opwaaien. In 1995 werd Le Sursaut (de uitbarsting) opgericht, een beweging tegen het FN, die duizenden op de been bracht voor een protestdemonstratie. Roger Martin, een linkse activist, was de organisator.


Martin staat nu bij de poort van conservenfabriek Ducros, even buiten Carpentras, met wat kameraden folders uit te delen. Martin is schrijver, maakt stripboeken (zijn Amerikkka werd in het Nederlands vertaald) maar is ook parlementskandidaat namens het Front de Gauche en kenner van extreem-rechts.


Alle vingers van een hand heeft hij nodig om uit te leggen waar het electoraat van extreem-rechts vandaan komt: om te beginnen is daar de aanwezigheid van de pieds noirs. 'Het zijn niet per se fascisten,' zegt hij. 'Maar ze zeggen wel: vroeger, in Marokko en Algerije, werkte het veel beter; daar maakten wij de dienst uit.'


Ook de door Europa en de globalisering bedreigde landbouw en de middenklasse die zich door de crisis langzaam voelt wegglijden, zijn volgens hem ontvankelijk voor het FN. Hetzelfde geldt voor de echte armen die niet weten hoe ze het einde van de maand moeten halen. 'Ik sprak een vrouw die 's morgens en 's middags drie uur achter de kassa zit bij Auchan (een grote Franse winkelketen, red.). Ze verdient daar een schijntje. Die moet een oppas nemen om de kinderen van school te halen, en heeft een auto nodig om op haar werk te komen. Zo iemand is wanhopig, die stemt Le Pen.'


Ook de nieuwkomers duwen de streek verder naar rechts, denkt Martin. 'Dat zijn hetzij gepensioneerden, die van een kleine uitkering moeten rondkomen. of anders welgestelde forenzen, die rechts stemmen om hun positie te beschermen.'


Voor de UMP'er Ferrand heeft hij geen goed woord over. 'Dat is je reinste cliëntelisme. Is er een geboorte, eerste communie of sterfgeval, dan staat Ferrand op de eerste rij. Zijn standpunten wijken amper af van het Front National. Ik heb geen enkel respect voor de opvattingen van Marion Le Pen, maar haar moed om hier te komen kan ik waarderen.'


Dan stapt hij in z'n campagnewagen, een uitgewoonde Renault, volgepakt met affiches. 'Het is oneerlijk verdeeld', verzucht hij. 'Voor Marion Le Pen geldt: hoe minder ze zegt, des te beter verloopt haar campagne. Terwijl wij moeten zwoegen voor elke stem.'


'Welkom in onze fabriek', staat bij de poort van Continentale Nutrition, een bedrijf waar voedsel voor huisdieren wordt gemaakt. Naast het spandoek prijkt groot de beeltenis van Che Guevara. Een ander affiche houdt de score bij: '118 dagen bezet'. Aan de lange tafel in de bedrijfskantine zit een handjevol mannen te kaarten. Continentale besloot eind vorig jaar de productie te staken en de productie te concentreren in Boulogne-sur-Mer, in het hoge noorden. Sindsdien houden de arbeiders het bedrijf bezet. 'De markt voor dierenvoeding groeit', zegt Yves Le Goanvic, een van hun leiders. 'Er is genoeg potentieel hier. Dat willen we niet opgeven. We kunnen ook andere conserven maken.'


Bovendien: het hoge noorden trekt niet. 'Aardige mensen daar, je voelt je welkom. Maar het is wel duizend kilometer verderop. Het weer is er ook niet alles.' Ze voeren hun strijd vreedzaam maar vasthoudend: het bedrijf is de klok rond bezet, dus ook in de weekeinden. De directie mag niet de kans krijgen de machines weg te laten halen.


Alle parlementskandidaten zijn bij hen langs geweest. Ferrand wilde een ronde tafel organiseren met overheid, eigenaars en arbeiders, het Front de Gauche is nauw betrokken bij hun strijd. Maar van het Front National, dat er zich op laat voorstaan een arbeiderspartij te zijn, werd nog niets vernomen. 'Die hoeven zich niet te vertonen', waarschuwt Le Goanvic. 'We zien er niets in om de toekomst van Europa te baseren op angst voor de ander.' De kaartende mannen knikken zwijgend.


In het zonnige kantoortje van de Carpentras-redactie van regionale krant La Provence breken Martine Quinette, Christine Blanc en Mélanie Ferhallad zich het hoofd over die extreem-rechtse voorkeuren. Ze hebben er dagelijks mee te maken, toch hebben ze geen antwoord paraat. 'Er zijn vanwege de druivenpluk en het fruit altijd veel seizoens-arbeiders uit de Maghreb hier gekomen', proberen ze. 'Vaak blijven die hangen. Dat kan spanningen geven.'


'Carpentras was veertig jaar geleden een rijke stad', weet Quinette. 'Die welvaart kwam van de landbouw, die nu lijdt onder concurrentie uit vooral Spanje en België. Veel mensen zijn arm. In Carpentras leeft 61 procent onder de belastinggrens, 75 procent van de huizen is sociale woningbouw.'


Wat ze horen als ze de stad in gaan, dat zijn verhalen over vandalisme, over veiligheid, over auto's die uitbranden. 'Niet dat hier grote bendes zijn. Maar de mensen zijn bang dat het kan komen, zoals ze bang zijn voor gesluierde vrouwen, voor mannen in djellaba's, voor de radicale moslims die toestemming kregen een moskee te bouwen. De bevolking is nogal gesloten.' Dan, na even nadenken: 'Hoewel, de vorige migratiegolf bestond uit Italianen; die zijn wel goed ontvangen.'


Op die hoge golf van vreemdelingenangst kwam vorig jaar Patrick Bassot boven drijven. Zijn lokale concurrenten noemen hem 'het geval Bassot' - voor de verkiezingen kende niemand hem. In veel kantonale kieskringen greep het Front National in 2011 net naast een meerderheid. Bassot haalde 54 procent, en werd daarmee het enige raadslid van de partij. Een speciale positie, zou je denken. Maar Bassot wil er niet van weten. 'Ik doe wat ik kan, maar heb niet het gevoel dat ze me in Parijs op handen dragen.'


De positie die hij inneemt is daar waarschijnlijk niet vreemd aan. Bassot leunt tegen Jacques Bompard aan, een afvallige FN'er die al sinds 1995 burgemeester is van Orange, tegenwoordig namens zijn eigen partijtje: de Ligue du Sud. 'Wie daarover struikelt is kleinzielig', vindt Bassot. 'Alle patriotten en nationalisten moeten zich verenigen, ongeacht hun partij. We zijn één familie.'


En patriottistisch is Bassot. Dat is wat hem betreft het cruciale verschil met de UMP, die hij mondialistisch vindt. 'Er zijn hier meer immigranten dan elders in Frankrijk', zegt hij. Dat schept een gevoel van onveiligheid. Vrouwen durven na zessen de straat niet meer over, er gaan wel eens auto's in brand.' Hij wil niet zeggen dat alles voor rekening van de buitenlanders komt. Maar toch: 'We kunnen niet alle ellende van de hele wereld op onze nek nemen.'


In januari werd hij veroordeeld wegens het aanzetten tot disciminatie. In het plaatselijke mededelingenblad had hij geschreven over 'de verplichte vestiging van immigranten die ons het leven vergallen met hun geweld en overlast.' Hij zegt spijt te hebben van die tekst en zich vooral nuttig te willen maken: 'Ik wil dicht bij de mensen staan. Hebben ze problemen, zijn ze eenzaam, dan probeer ik daar wat aan te doen. Ongeacht hun afkomst.'


De avond valt over Carpentras. Uit de enkele auto die zich door de smalle straatjes van de oude binnenstad wringt, schalt muziek. Op de Place des Oiseaux zit een groepje jongens op de rand van de fontein. Twee ervan heten Ahmed, de anderen geven geen naam. Na enig aandringen willen ze wel reageren op de vraag hoe het voelt dat een op de drie mensen hier Front National stemt. 'Ieder mag doen wat hij wil', zeggen ze eerst. Dan: 'Natuurlijk doet het je wat. Het is nooit goed wat wij doen. De mensen zijn gewoon bang dat we hun werk afpakken.'


Marion le Pen maakt intussen overuren. Vanwege de tentamens voor haar studie rechten moet ze vaak in Parijs zijn. Ook de paperassen voor het komende universitaire jaar moeten worden ingeleverd. Maar als het even kan, stapt ze op de trein naar Carpentras. Even over de markt lopen, mensen de hand drukken, informeren wat hun problemen zijn. 'Een direct contact kan kiezers over de streep trekken', zegt ze. 'Voor mij is de Vaucluse geen toeval, ik wil er lang blijven.


TWEE RONDEN

Frankrijk kiest in twee ronden (10 en 17 juni) een nieuw parlement. Het land is verdeeld in 577 kieskringen, elk met ongeveer honderdduizend inwoners. Alleen wie in de eerste ronde meer dan 12,5 procent van de stemmen heeft, gaat door naar de tweede ronde. Dan mag de partij met de meeste stemmen de afgevaardigde leveren. In de tweede ronde gaat de strijd doorgaans tussen twee of drie kandidaten.


De rechtse UMP, die nu een absolute meerderheid heeft in het parlement, zal die zeker kwijtraken. Grote vraag is of de Parti Socialiste na 17 juni meer dan de helft van de zetels krijgt. In alle andere gevallen is de socialistische regering van president Hollande afhankelijk van steun van de milieupartij (EELV) of het extreem-linkse Front de Gauche.


Het Front National, dat bij de presidentsverkiezingen 17,9 procent haalde, is niet vertegenwoordigd in het parlement. In de tweede ronde vormen de andere partijen doorgaans een 'republikeins front', dat de tegenkandidaat aan een meerderheid helpt. Met name in het hoge noorden en in het stroomgebied van de Rhône heeft het FN veel aanhang. Marine Le Pen, haar levenspartner Michel Alliot en haar nichtje Marion Maréchal-Le Pen zijn kansrijke kandidaten.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden