Laten we elk een nieuwkomer adopteren

TERECHT wijst de koningin in haar toespraak ter gelegenheid van 50 jaar bevrijding op de dreigende ontbinding van de samenleving....

Vooral migranten hebben een structurele achterstand op het gebied van werk, onderwijs, gezondheid, en maatschappelijke participatie. Het gevolg is dat zij in hun isolement aan de onderkant van de samenleving dreigen vast te lopen.

Veel Nederlanders aan de goede kant van de streep vrezen de groeiende kloof die zich vooral in de grote steden manifesteert, en zijn bang dat de kwaliteit van onze samenleving blijvend zal worden aangetast. Deze bezorgdheid over de fundamentele crisis, die op ons af lijkt te komen, vertaalt zich gelukkig slechts bij een minderheid in onverdraagzaamheid en afkeer van vreemdelingen.

Maar een gevoel van machteloosheid is velen niet vreemd. Zij zien graag een goed geoliede samenleving, waar iedereen aan zijn trekken kan komen en hopen dat 'de politiek' het heft in handen neemt en het tij zal weten te keren.

De grote afstand tussen 'haves' en 'have-nots kan niet worden verkleind door de overheid alleen. Daarvoor is ook een betrokkenheid, uitmondend in daden, van de burgers nodig. In een gezonde democratie moet zoveel mogelijk aan de mensen zelf worden overgelaten door hun individueel handelen, of door het deelnemen aan een samenwerkingsverband dat helpt de integratie van nieuwkomers in de samenleving te bevorderen.

Het klassieke middenveld is er de afgelopen decennia niet in geslaagd om de dreigende maatschapppelijke ontbindig te keren. Door het wegvallen van vertrouwde, overzichtelijke structuren is het gemeenschapsgevoel ten dele verloren gegaan, constateert de koningin. Vernieuwing van dat middenveld is daarom gewenst.

Een samenwerkingsvorm over de grenzen van levensbeschouwelijke, culturele of etnische grenzen heen, die zich uitstrekt tot allen die zich bij de dreigende tweedeling betrokken voelen, biedt kansen om de machteloosheid van de meerderheid te doorbreken. Zo kan het menselijk kapitaal dat in velen ligt opgeslagen in de vorm van bezorgdheid over de maatschappelijke ontwikkelingen, worden benut.

Het PvdA/VVD/D66-kabinet heeft de handschoen opgepakt en gaat nieuwe immigranten verplichten Nederlands te leren en zich te laten onderrichten in maatschappelijke oriëntatie. Plannen om deze doelstelling op basis van een inburgeringscontract te bereiken zijn in een vergevorderd stadium. Elke gemeente krijgt een Bureau Nieuwkomers voor de organisatie en controle.

De coalitiepartijen hopen dat het op grote schaal aanbieden van lessen Nederlands en maatschappelijke oriëntatie de communicatiemogelijkheden bevordert, waardoor integratie gestalte kan krijgen. Bijvoorbeeld door het makkelijker vinden van een baan.

Wat ik in de kabinetsplannen echter mis, is de interactie tussen enerzijds de mensen die zich bezorgd tonen over de dreigende maatschappelijke ontbinding en anderzijds de nieuwkomers. In de kabinetsplannen is het de overheid, die de kloof wil verkleinen en daarvoor voorwaarden schept. Maar daarmee ontstaat nog geen draagvlak bij de burgers, die ontwend zijn geraakt hun bezorgdheid in daden om te zetten.

Hun sluimerend gevoel van solidariteit moet worden gewekt. Bij anderen moet de onverschilligheid worden doorbroken door een appèl te doen op het eigen belang, dat ieder heeft bij een werkelijk geïntegreerde maatschappij. De tijd van zwaarwichtige woorden is voorbij. Ik stel concrete actie voor. In een zorgvuldig opgezette campagne kan de overheid de burgers stimuleren hun bezorgdheid om te zetten in daden.

Degenen, die als vrijwilliger een nieuwe immigrant willen 'adopteren', kunnen zich melden bij het Bureau Nieuwkomers in de eigen woonplaats. De vrijwilliger, die zich aanmeldt wordt gekoppeld aan een nieuwe immigrant, die prijs stelt op contact met een in Nederland geworteld iemand.

De bedoeling van deze 'adoptie' is de integratie naar beide kanten te bevorderen. Op een vrijblijvende manier kunnen de vrijwilliger en de immigrant hun onderling contact verder invullen. Zij kunnen bijvoorbeeld periodiek met elkaar gaan eten, de vrijwilliger kan voor de immigrant als vraagbaak voor alledaagse dingen dienen. De immigrant krijgt zo de mogelijkheid over de vloer van een Nederlandse huiskamer te komen.

En de vrijwilliger maakt op persoonlijk niveau kennis met de problemen, die iemand heeft die een nieuw leven wil opzetten in een land met een vreemde taal en cultuur. Vaak zijn dit soort persoonlijke contacten waardevoller dan alle door de overheid georganiseerde cursussen bij elkaar. Het gaat om het gevoel welkom te zijn en geaccepteerd te worden.

Zodra dat gevoel er is, opent de deur zich voor participatie en wederzijdse integratie.

Boris O. Dittrich

De auteur is Tweede Kamerlid voor D66

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden