Laten we die duivel voorgoed vergeten

Het is Maria-ten-Hemelopneming, een vrije dag in België. Tien jaar geleden daalde juist op deze dag de duivel neer op het aardse toneel, in de persoon van een werkloze autodief en drugshandelaar....

Bart Dirks

Marc Dutroux.

Op 15 augustus 1996 werden Sabine Dardenne en Laetitia Delhez uit zijn tot gevangenis omgebouwde kelder gered. De televisiebeelden van de twee verkleumde, doodsbange meisjes gingen de wereld over. Het leek die dag de dramatische ontknoping van twee verontrustende verdwijningen, maar al snel bleek dat er een beerput was opengegaan. Na graafwerkzaamheden werden enkele weken later ook de uitgemergelde lichamen van An, Eefje, Julie en Melissa teruggevonden, evenals het lijk van Dutroux’ spoorloze handlanger Bernard Weinstein.

Je zou kunnen zeggen dat 15 augustus 1996 voor de Belgen is geworden wat vijf jaar later 11 september 2001 werd voor de Amerikanen. Een wake up call met onverwachte, verregaande gevolgen.

Zoals 11/9 uiteindelijk leidde tot de oorlog in Irak, ging het bij Dutroux al snel niet meer uitsluitend over de misdaden van een perverse kinderverkrachter en -moordenaar, maar ook om het jammerlijk falen van politie, justitie en politiek bij het oplossen van de hele affaire. Bij de Witte Mars op 20 oktober 1996 gingen 300 duizend burgers in Brussel de straat op uit woede over de falende rechtsstaat. Sommige deelnemers droegen borden mee met de tekst: ‘Ik ben beschaamd Belg te zijn’.

Hardnekkige complottheorieën over pedofielennetwerken, over ‘roze balletten’ met hooggeplaatste figuren zoals de koning, en over anonieme ‘X-getuigen’ vertraagden de rechtsgang. Hoewel de complotten nooit zijn bewezen, vindt menigeen tot op de dag van vandaag dat ze evenmin ontkracht zijn. Dat is immers eigen aan doofpotten, redeneren zij, net als de believers in samenzweringscomplotten die het Witte Huis beschuldigen van de aanslagen op 9/11. België liep een minderwaardigheidscomplex op dat het land nu pas te boven komt.

Marc Dutroux! Opmerkelijk hoe vaak zijn naam hier nog altijd opduikt. In de media, in alledaagse gesprekken. Terloops, in een grap (‘die kelder van je nieuwe huis laat je liever niet zien, hè’), of bij vergelijkingen met andere pedofielen, zoals in de zaak van de gewurgde Stacy en Nathalie. De vergelijkingen tussen het lot van de twee Luikse stiefzusjes en dat van Dutrouxs slachtoffers zijn zo sterk dat je haast zou geloven dat Dutroux hoogstpersoonlijk vanuit de gevangenis de touwtjes in handen had bij de Luikse affaire.

De afgelopen dagen was Dutroux opnieuw voorpaginanieuws in de Belgische pers. Terugblikken op ‘de zomer die België veranderde’ en op ‘l’affaire qui a traumatisé la Belgique’, interviews met magistraten en ministers van destijds, of met de agenten die Sabine en Laetitia terugvonden, alles passeert weer de revue.

Bij mij staat vooral het ‘proces van de eeuw’ nog op het netvlies, in het voorjaar van 2004 te Arlon. Marc Dutroux lijkt daar nauwelijks doordrongen van de ernst van zijn handelen. Hij bagatelliseert zijn daden en geeft de halve wereld de schuld. De eerste dag van het proces brengt hij grotendeels slapend door. Ruim anderhalve maand later, na afloop van de indrukwekkende getuigenissen van Sabine en Laetitia, krijgt hij voor het eerst het woord excuus uit zijn strot.

‘Ik besef het kwaad dat ik heb aangericht’, prevelt Dutroux in de rechtszaal tegen de twee zelfverzekerde jonge vrouwen, ‘en daarom wil ik hier vandaag mijn diepste respect betonen...’

‘Om het grof te zeggen: laat hem creperen met zijn excuses!’, tiert de inmiddels 22-jarige Laetitia geëmotioneerd.

‘...en mijn meest oprechte...’

‘Laat hem toch zijn kop houden!’, roept ook Sabine van 20 op dat moment.

‘...excuses aanbieden...’

‘Arrêtez, monsieur Dutroux’, maant de rechtbankpresident.

‘...aan deze twee slachtoffers.’

De smeerlap. Hij meent geen woord van wat hij zegt. Het is een laffe poging om zijn hachje te redden. Maar strafvermindering praat hij er niet mee los. Het vonnis van jury en rechters: levenslang.

Eind goed, al goed? Nauwelijks. Want hoelang blijft de naam Marc Dutroux nog bij iedereen voor in de mond liggen? Als we niet uitkijken, transformeert het gehate monster van Marcinelle nog tot een onschuldige cultfiguur à la Jack de Ripper. De ernst van diens moorden zijn we vergeten, maar we smullen van hetgeen hij op zijn kerfstok heeft.

Tien jaar onverdeelde aandacht is meer dan zat voor een gestoorde, geperverteerde eenzaat. We moeten Marc Dutroux, levenslang achter de tralies, niet vergeven maar wel vergeten. Want zoveel eer heeft hij niet verdiend.

Bart Dirks

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden