Late Rembrandt: in een volgend leven dan maar

Jeanne Prisser bericht over wat zich afspeelt in de voorhoede van de kunst. Deze week: pamflettisme en zingende kikkers.

Beeld Ellen de Bruijne PROJECTS, Amsterdam

Amsterdam, 13 april

Mijn 'once in a lifetime-experience' in het Rijksmuseum zat erop. Na het neertellen van 25 euro voor Late Rembrandt was ik in die krappe Philips-zalen bij een dubieuze luchtatmosfeer platgeperst in een kolkende menigte; had ik blauwe kuiten opgelopen van de rolstoelen (ja, pardon). En wel tien keer hoorde ik: 'Ja, hij schilderde de échte mens, hè!' uit de mond van identiek gekapte leeftijdgenoten, die evenwel, net als ik, Rembrandts late werken onmogelijk konden naderen. In een volgend leven dan maar.

Mijn diepe afkeer van de menselijke soort en groupe verwaaide buiten in de ozongevulde lucht. Bij galerie Ellen de Bruijne Projects: nog een bries die frisse, nieuwe gedachten bracht. Opgewekt door Pauline Boudry en Renate Lorenz (Zwitsers en Duits), in een korte film en een filminstallatie. Ik kende ze niet, maar twee dikke catalogi praatten me snel bij.

De dames houden zich al jaren bezig met transseksualiteit, maskerades, manvrouwen en vrouwmannen, en zaken en mensen die op andere manieren niet in de bestaande schema's en hokjes te persen zijn. De film was opgedragen aan Valerie Solanas (de vrouw die Andy Warhol neerschoot) en Marilyn Monroe en laat zich nauwelijks omschrijven. Aangestuurd door kleurcodes musiceerden daar vier dames en een man, de laatste gekleed in een groene lampenkap en met een theremin, wat een verrukkelijk geheimzinnig instrument is. Ik zag en voelde een intense poging om iets nieuws uit te drukken, om origineel te zijn - niet te líjken. Een vrouw voerde richting een ander avances uit met een voor haar lichaam gebonden elektrische gitaar en het kan verkeren, maar dit leek me net zo menselijk en teder als de hand op het lijfje van Het Joodse bruidje. Die avances gingen vervolgens verder richting trapleuning en pilaar, enfin, dat was vooral... dapper.

Het meest recente werk was Opaque, een door twee acteurs van onduidelijke kunne uitgevoerde toespraak, gebaseerd op een tekst van Jean Genet. En die ontroerde. De één (snor, biker-outfit, ronde dijen) acteerde lipsync de tekst van de ander (Aziatische tomboy in roze tijgerpyjama), die ging over anderszijn en hoe de goegemeente dan tegemoet te treden. Kies je vijand, zo begreep ik de boodschap. Zoek hem op. Zoek die 'inadequate' opponent. 'Ik zal hem Engels voedsel laten eten. Laten copuleren met prins Philip. Laten leven in mijn plaats.' Daarna staken de protagonisten roze en blauwe rookbommen af.

Ik kwam in een pamfletterige stemming en hunkerde naar diversiteit. Waar waren de jaren tachtig? Terug naar het Rijksmuseum, voor zo'n rookbom onder het raam van de marketing-afdeling.

Scheveningen, 15 april

De zon liep warm, de zee tintelde als de vingertoppen van een koortslijder, en had er die zondagmiddag in de achterzaal van Beelden aan Zee een suppoost gestaan - maar die stond er niet - dan had-ie een tiepje kunnen opmerken, een verfrommeld, met zakdoeken wapperend geval, dat zich met toenemende irritatie, als een wesp in een limonadeglas, van zaal naar zaal bewoog. Dat verfrommelde tiepje - dat was ik. Een tentoonstelling van ZimmerFrei had me naar de hofstad gebracht, maar het duurde even eer ik had uitgevogeld welke werken bij de expositie hoorden.

Hen zal ik even introduceren. Drie Italianen gevestigd in Bologna en Brussel, werkzaam onder een Duitse naam. Hun werk gaat over van alles en nog wat, maar een preoccupatie met het huiselijke springt in het oog. ZimmerFrei - toepasselijke naam, trouwens - onderzoekt het wonen. En dan vooral het wonen in antiburgerlijke constructies, het zigeunerkamp, de vrijplaats. Daarover maakt men fotoseries en documentaires, al tien jaar nu; Continuo is hun jubileumtentoonstelling. De zaaltekst: 'Een open dialoog met de dynamiek van de locatie en van degenen die de locatie dagelijks inspireren.'

Beeld ZimmerFrei

Die dynamische locatie die de dialoog aanging - brrr - was dus Beelden aan Zee. Preciezer gesteld: dat grandioze zeeuitzicht in de verbindingszaal tussen tijdelijke tentoonstelling en vaste collectie. Daar stonden twee diorama's en die toonden datzelfde uitzicht plús foto's van een vent in een grijze trui en een vrouw met een fotocamera (die daar, zo begreep ik, echt werken). Verderop een neonbord dat las: 'Zimmerfrei, een fotoserie van Chassidische Joden op het strand van Coney Island; een fotoserie van Moldavische herders in de voorsteden van Rome.' Er was een lp met buitenopnamen, waaronder driftig gekwaak van kikkers (Frogs Chanting in the Afternoon). Daarvoor kom ik terug als ik eens een joint heb gerookt. Er was, ten slotte, een documentaire, Hometown Mutonia.

Die laatste was het meest geslaagde deel van de expositie. Zij gaat over een groep cyberpunkbeeldhouwers - ja, die bestaan - die 25 jaar geleden een kamp stichtten bij Rimini. Daar is het wooncomfort minimaal, maar de vrijheid optimaal; er zijn rituelen met zelfgemaakte vlammenwerpers, er zijn diersculpturen van oud ijzer en ander restmateriaal, waaronder een struisvogel en een dinosaurus van aluminium. Sterk documentair materiaal, zeker, en net als die Moldavische herders en Chassidische Joden geknipt voor het IDFA of Vrij Nederland. Nu bevond het zich in een museum voor beeldhouwkunst.

Waarom eigenlijk?

ZimmerFrei, Continuo Beelden aan Zee, Scheveningen, t/m 10/5.

Pauline Boudry en Renate Lorenz Ellen de Bruijne Projects Amsterdam, t/m 16/5.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden