Larry Clarks rukkende pubers laten publiek koud

Fotograaf Larry Clark debuteerde in 1995 als regisseur met 'Kids' over tieners die zich bezig hielden met skaten, roken, drinken en seks....

Het was de omgekeerde wereld: tijdens de persconferentie van Ken Park nam actrice Tiffany Limos foto's van de halfgevulde zaal met journalisten. De 22-jarige Limos, die eerder alleen te zien was in een piepkleine rol in Larry Clarks Bully, speelt Peaches, een meisje dat door haar godsdienstwaanzinnige vader wordt afgeranseld met een bijbel, nadat hij haar en haar vriendje in zijn bed betrapte tijdens een kinky seksavontuur.

'We wisten ongeveer waar we aan begonnen', vertelde Limos. 'Wij zijn van de porno-generatie. Porno is overal; in reclames, in modebladen. Waarom dan niet in een film?'

Fotograaf Larry Clark en cameraman Ed Lachman liepen al in 1988 rond met het plan voor Ken Park. Het moest een film worden op basis van waargebeurde verhalen, dagboekaantekeningen, krantenberichten die Clark jarenlang verzameld had. Maar nadat hij in Visalia (Californië) jaren met een aantal skaters was opgetrokken om ze te fotograferen, ontstond het idee voor Kids. Clark ontmoette Harmony Korine, en vroeg hem de scenario's voor beide films te schrijven. Kids was eerder klaar, en werd in 1995 Clarks speelfilmdebuut. Korine vond het helemaal niets; de twee kregen ruzie. Maar na Another Day in Paradise (1998) en Bully (2001) hebben Clark en Lachman Ken Park alsnog verfilmd.

Het moest een expliciete film worden, even open en bloot, eerlijk en schaamteloos als het vroege fotowerk van Clark. Dat werd het ook. Clark en Lachman introduceren close-ups van beffende, pijpende, neukende en ejaculerende pubers in de bovengrondse cinema. Een jongen zit te masturberen terwijl op televisie tennister Mary Pierce kreunt en steunt. Als hij is klaargekomen zoomt de camera nog even in op zijn halfslappe piemel en het sperma op zijn hand. Daarna steekt hij zijn grootouders dood; opa omdat hij vals speelt met scrabble, oma omdat zij nooit klopt voordat ze zijn slaapkamer binnenkomt.

Ken Park, genoemd naar een rossige puber die zichzelf in de openingsscéne door zijn hoofd schiet omdat zijn vriendinnetje zwanger is, lijdt onder hetzelfde euvel als eerder werk van Clark: een moralistische ondertoon, voorspelbaarheid en clichématige personages. De ongelukkige pubertjes skaten, drinken, gebruiken drugs en hebben onveilige seks. Hun waardeloze ouders zijn alleen maar druk met zichzelf.

Ken Park veroorzaakte niet eens rumoer; de film werd schouderophalend ontvangen. Iedereen bleef netjes zitten, na afloop klonk een beschaafd applaus, gefloten werd er niet.

Het Amerikaans-Nederlands-Franse project werd geproduceerd door de Nederlander Kees Kasander (The Cook, the Thief, His Wife and Her Lover, Abeltje). Of de film in Nederland te zien zal zijn, is nog niet bekend; Clarks vorige (Bully, vorig jaar in Venetië vertoond) belandde in Nederland rechtstreeks in de videotheek.

Nederlandse bijdragen in Venetië zijn op de vingers van een hand te tellen. In Un honnête commerçant, een stijlvol portret van een drugsdealer, worden twee zinnen Nederlands gesproken door een vlotte Amsterdamse drugsdealer, maar die wordt gespeeld door de Belg Lucas Van der Eijnde. Het Rotterdams filmfestival droeg middels het Hubert Bals Fonds (voor filmmakers uit derdewereld-landen) en de CineMart (voor internationale coproducties) bij aan een aantal films, Reinier van Brummelen deed de digitale effecten van Ken Park, en componist Loek Dikker is verantwoordelijk voor de soundtrack van Führer Ex, gebaseerd op de memoires van voormalig neo-nazi Ingo Hasselbach, waar regisseur Winfried Bonengel in 1994 al de beter geslaagde documentaire Beruf: Neo-nazi op baseerde.

Wél de moeite waard zijn twee totaal verschillende Franse producties. Jean-Luc Godard maakte een fraaie tien minuten durende montage met intrigerende video- en filmbeelden, als onderdeel van het gesamtkunstwerk Ten Minutes Older - The Cello, over het wezen van tijd (maar daarvoor moest je wel eerst de overige zeven, minder geslaagde bijdragen uitzitten; het wezen van tijd wordt daardoor zeer invoelbaar).

Patrice Leconte verfilmde opnieuw een scenario van Claude Klotz, eerder verantwoordelijk voor Lecontes Le mari de la coiffeuse (1990) en Félix et Lola (2000). In L'homme du train zouden twee mannen graag elkaars leven willen leiden. De gepensioneerde leraar literatuur (Jean Rochefort) had graag een avontuurlijk leven geleid, de bankovervaller (Johnny Hallyday) zou graag met zijn sloffen aan een boek willen lezen. Schematisch en clichérijk, ja, maar in Lecontes film kan dat, en werkt het dankzij het geestige, subtiele scenario en de formidabele acteurs.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden