Langeveld eindelijk in het rood-wit-blauw

Volgens Niki Terpstra, tweede op het NK, hebben de machtsblokken Belkin en Giant zondag hopeloos gefaald. Winnaar Langeveld ziet dat iets anders.

OOTMARSUM - Nadat hij voorbij de eindstreep een zoen had gekregen van zijn eigen rondemiss, verzuchtte Sebastian Langeveld uit de grond van zijn hart: 'Eindelijk.' Al zo lang had hij naast het rood-wit-blauw gestaan. Nu stond hij eindelijk er in.


Twee keer tweede geworden op een NK wielrennen en één keer derde. Nu klonk het Wilhelmus eindelijk voor hem. Die lange reeks van vergeefse pogingen begon acht jaar geleden in Maastricht. Het werd het meest geruchtmakende wegkampioenschap van de laatste decennia.


Langeveld reed voorop met Michael Boogerd. De televisie registreerde een gesprek waarin Boogerd zei dat 'het' akkoord was. Iedereen begreep dat tussen die aanhalingstekens het rood-wit-blauw werd bedoeld. Sebastian Langeveld besloot op dat moment tweede te worden.


Langeveld werd in Ootmarsum een beetje lacherig van die herinnering. 'Ik was 21 jaar en ik reed voorop met mijn jeugdidool.' Bovendien zou hij het daaropvolgende seizoen de overstap maken naar Rabobank, werkgever van de hooggeachte Michael Boogerd. Dus ja, wat kon hij anders doen dan de zege weggeven?


Dat Langeveld vervolgens nog acht jaar moest wachten op het hoogst haalbare in nationaal verband kon hij natuurlijk ook niet weten. En dat had hem dwars gezeten. Sebastian Langeveld beschouwt de Nederlandse titel als een serieuze zaak, zoveel werd duidelijk zondag. Hij is een man van het eendaagse werk en in die keten is het NK is voor hem een belangrijke schakel.


Zo'n kampioenschap is altijd een rare wedstrijd. Op wereldschaal komt de nationale eer vaak in het gedrang met het ploegbelang. Een Nederlandse titelstrijd is altijd een interessant steekspel tussen machtsblokken en eenlingen die elkaar stiekem een handje toesteken.


Zo kreeg Langeveld na die zoen van zijn vriendin een knuffel van Niki Terpstra. De twee generatiegenoten vonden elkaar als min of meer gelijkgestemden op dit NK. Terpstra kon als ploeggenoot slechts rekenen op Wout Poels. Langeveld zat iets ruimer in ploegverband, maar dat kon niet op tegen het kwantitatieve geweld van Belkin of dat van Giant.


De twee mastodonten zaten beide in een vroege ontsnapping en daarmee leek de wedstrijd meteen op slot te zitten. Maar dat liet de rest uiteindelijk niet op zich zitten. Eerst knabbelde Parkhotel Valkenburg, een ploeg in de marge van het peloton, iets van de voorsprong af. Na een valpartij op een nat kasseiweggetje in Ootmarsum deden eenling Terpstra en de twee ploeggenoten van Garmin de rest.


Na de samensmelting had Giant nog wel een paar ijzers in het vuur, maar Belkin kon eigenlijk alleen nog rekenen op een zege van Lars Boom. Op dat moment, anderhalve ronde voor het einde, zag Sebastian Langeveld dus zijn kans schoon. Zijn demarrage bleef onbeantwoord. Terpstra liet hem begaan, Dumoulin en Boom konden vermoedelijk niet volgen.

Barstjes

Over het verloop van de koers viel achteraf een hoop te zeggen en dat gebeurde dan ook met Langeveld en Terpstra als twee uitersten in de meningsvorming. De nummer twee van het kampioenschap vond dat de twee machtsblokken hopeloos hadden gefaald. 'Belkin had gewoon alles op Boom moeten zetten en niet Tjallingii achter Langeveld moeten aansturen. Giant had met Sinkeldam ook een echte sprinter in de achtervolging. Makkelijk zat.'


De winnaar was genuanceerder. Als oud-Raborenner beseft hij hoe moeilijk het is om niet alleen op papier de beste te zijn. 'Als je wilt winnen, is vijftien man in koers gewoon te veel. Je hebt tactisch zo veel te kiezen dat je vanzelf een verkeerde keuze maakt. Als minderheid weet je van tevoren hoe het moet lopen en daaraan houd je vast.'


Langeveld had daarnaast de indruk dat bij Belkin barstjes zichtbaar werden. Met een afhakende sponsor wint het individuele belang het al gauw van het ploegbelang. 'Toen ik hoorde dat Maarten Tjallingii achter me aan reed, was ik er wel gerust op. Maarten was al de hele tijd in de aanval geweest.'


Overigens zal Sebastian Langeveld zich in zijn rood-wit-blauw de komende weken van zijn dienstbare kant laten zien. 'Ik moet Talansky, onze kopman, door de eerste week van de Tour loodsen. Daarna zien we wel.' Hij kan er niet mee zitten. De trui van Nederlands kampioen is hem voorlopig beloning genoeg.


Nationaal kampioenen:


Spanje: Ion Izagirre


België: Jens Debusschere


Italië: Vincenzo Nibali


Duitsland: André Greipel


Zwitserland: Martin Elmiger


Rusland: Alexander Porsev


Australië: Simon Gerrans


Slowakije: Peter Sagan


Tsjechië: Zdenek Stybar


Groot-Brittannië: Peter Kennaugh


Frankrijk: Arnaud Démare


Luxemburg: Fränk Schleck

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden