Langer bevallingsverlof is te duur

Een uitbreiding van het bevallingsverlof van 16 naar 20 weken leidt niet tot een betere gezondheid voor moeder en kind, maar wel tot een lager loonniveau van de moeder.

Deze week besloot het Europees Parlement dat in heel Europa het doorbetaalde zwangerschaps- en bevallingsverlof 20 weken zou moeten duren. Dat is vier weken meer dan de huidige 16 weken in Nederland.


Een belangrijke vraag is of zo'n algemene verlenging voldoende voordelen oplevert om de kosten ervan te verantwoorden. Uit een eerder dit jaar door SEO Economisch Onderzoek uitgevoerd onderzoek blijkt dat de maatschappelijke kosten van die verlofuitbreiding ruim 300 miljoen euro per jaar hoger liggen dan de maatschappelijke opbrengsten.


Als vader van twee jonge kinderen ken ik het belang van een verlofperiode vlak na de geboorte. Het is een tijd van genieten, wennen en, zeker voor de moeder, bijkomen. Maar niet alleen wij als ouders profiteren daarvan. Ook de rest van de maatschappij heeft baat bij de geboorte van onze kinderen, dat ze gezond zijn en dat hun moeders vervolgens weer productief aan het werk gaan.


Daarom worden pas bevallen vrouwen in Nederland gedurende een verlofperiode van 16 weken doorbetaald. Er zijn verschillende argumenten te geven voor een verdere verlenging van die periode.


Ten eerste zou een langer verlof kunnen leiden tot een betere gezondheid van moeder en kind. Het zou kunnen zorgen voor minder ziekteverzuim, een hogere productiviteit en een grotere arbeidsparticipatie. Ook het geboortecijfer zou kunnen stijgen.


De meeste van deze argumenten blijken in de praktijk echter niet op te gaan.


Het lijkt voor de hand te liggen dat een langer bevallingsverlof resulteert in een betere gezondheid van moeder en kind. Niet alleen omdat de moeder langer kan herstellen van de zwangerschap en geboorte, maar ook omdat de kans groter wordt dat zij langer borstvoeding geeft. Borstvoeding wordt gezien als een belangrijke reden voor een goede gezondheid van het kind op langere termijn.


Hoewel overtuigend is aangetoond dat een langer bevallingsverlof inderdaad resulteert in een langere periode van borstvoeding, ontbreekt het wetenschappelijk bewijs voor een daadwerkelijke verbetering van de gezondheid van moeder en kind als direct gevolg van een uitbreiding van het bevallingsverlof. Er kan worden geconcludeerd dat de veronderstelde gezondheidsverbetering te gering is om in de studies te blijken.


Zorgt een langer bevallingsverlof dan niet voor een lager ziekteverzuim en een hogere arbeidsproductiviteit? Uit internationale studies blijkt inderdaad dat vrouwen zich minder vaak ziek melden als ze recht hebben op een langer bevallingsverlof.


Op dit moment ligt het verzuim van pas bevallen vrouwen na 16 weken verlof met ongeveer 10 procent op het dubbele van de gemiddelde werknemer. Hoewel er dus winst is te halen, mag tegelijk duidelijk zijn dat een daling van de verzuimkosten bij 10 procent van de vrouwen in schril contrast staat met de kosten van doorbetaling van het bevallingsverlof bij 100 procent van de vrouwen.


Met betrekking tot de arbeidsproductiviteit wordt in een aantal studies gevonden dat vrouwen door extra weken bevallingsverlof achterstand oplopen in hun carrière. Die kleine extra onderbreking heeft een negatief effect op het loonniveau gedurende de gehele verdere loopbaan van de vrouw, en daarmee relatief grote financiële gevolgen. Niet voor niets willen vooral hoger opgeleide vrouwen vaak weer snel aan het werk na de geboorte van hun kind.


In een tijd van vergrijzing lijken een mogelijk hogere arbeidsparticipatie van vrouwen en een mogelijk hoger geboortecijfer dé argumenten voor een uitbreiding van het bevallingsverlof.


Door een langer verlof wordt het voor vrouwen met een kinderwens aantrekkelijker om te gaan werken. Tegelijkertijd wordt het eenvoudiger om werk en zorg te combineren, waardoor het aantrekkelijker wordt een kinderwens te realiseren. In de praktijk zijn beide relaties echter niet aangetoond.


Het ultieme argument voor een verlenging van het bevallingsverlof is dat de extra tijd die moeders met hun pasgeboren kind kunnen doorbrengen een bijzondere tijd is die van grote waarde kan zijn voor de moeder. Ze wordt er eenvoudigweg een stuk gelukkiger van. Niet voor niets plakken veel moeders een paar weken vakantie aan hun bevallingsverlof. De vraag is echter waarom vooral andere mensen, ook zonder kinderen, voor dat geluk moeten betalen. Het gaat hier immers niet om baten die ten goede komen aan de maatschappij, maar aan het individuele gezin.


De maatschappelijke baten van een algemene uitbreiding van het bevallingsverlof van 16 naar 20 weken wegen niet op tegen de kosten ervan. Toch zijn er voldoende moeders die moeite hebben om een baan en de zorg voor een pasgeboren kind te combineren. De oplossing ligt in een uitbreiding van de mogelijkheden voor een langer bevallingsverlof dat hooguit gedeeltelijk wordt doorbetaald. Dit gebeurt nu al bij het ouderschapsverlof. Op die manier wordt recht gedaan aan de verschillen in behoefte en waardering van extra bevallingsverlof, zonder de kosten volledig af te wentelen op het collectief.


Arjan Heyma

Arjan Heyma is hoofd Arbeid & Kennis bij SEO Economisch Onderzoek, een onafhankelijk onderzoeksbureau gelieerd aan de UvA. Extra weken bevallingsverlof kosten meer dan ze opbrengen. Vrouwen die toch een langer verlof willen, zouden dat deels zelf moeten gaan betalen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden