Landhervormingsactivisten zijn hun leven niet zeker

Namen: Ricardo B. Reyes en Danilo T. Carranza..

Het is een mooi gebruik: als de kerstklokken luiden, zwijgen de wapens. Vrede op aarde. Ook al is het maar voor een paar dagen.

In de Filipijnen, met hun in meerderheid katholieke bevolking, moeten ook de communisten eraan geloven. Voor de kerst kondigden ze een gevechtspauze van tien dagen af. Niet alleen met het oog op Kerstmis, maar ook vanwege de 36ste verjaardag van de communistische CPP.

De aankondiging van het kerstbestandje stond echter bol van het verbaal geweld. Zo kreeg de 'marionetten-, corrupte en antimensen'-regering van president Gloria Macapagal Arroyo te horen dat ze de vrede in de weg staat met haar 'extreme onderdanigheid aan de VS-belangen'. De grootste steen des aanstoots is dat de CPP, het rebellenleger NPA en CPP-leider José Maria Sison (de vanuit Utrecht actieve oprichter van de Filipijnse Communistische Partij) nog altijd op de Amerikaanse zwarte lijst van terroristen staan. Zolang dat zo blijft, weigert de CPP het al jaren sukkelende vredesoverleg voort te zetten.

Een andere aanklacht in de communistische kerstboodschap gold de 'wrede aanvallen door fascistische troepen van de reactionaire regering op ongewapende mensen'. Dat sloeg op het neerslaan, op 16 november, van een staking op Hacienda Luisita, de suikerplantage van de familie van oud-president Corazon Cojuangco Aquino. Onder de stakers vielen minstens zeven doden toen politie, leger en vaste knokploeg van de familie het vuur openden.

De CPP ontkende beweringen van de Cojuangco's dat zich onder de actievoerende stakers ook NPA-rebellen hadden bevonden. 'De NPA hoedt zich ervoor zich binnen de grenzen van de legale strijd van het volk te begeven, juist om te voorkomen dat de reactionairen dat als alibi gebruiken om naar de wapens te grijpen en de legitieme, ongewapende strijd van het volk neer te slaan.'

Een ingewikkelde redenering - en volgens sommigen in de Filipijnen nog leugenachtig ook. Activisten die met de wet in de hand proberen stukken land van grootgrondbezitters over te dragen aan landlozen en kleine boeren, merken dat zij sinds enige jaren zelfs tegenwerking ondervinden van de communistische rebellen.

'Begin jaren negentig heeft zich een scheuring voltrokken in de linkse beweging', vertelt Ric Reyes van het PARRDS, een coalitie van politieke en niet-politieke organisaties die de boeren steunen. 'De andere groep werd steeds extremistischer, steeds gewelddadiger. Zij houden vast aan de maoïstische leer dat alleen gewapende strijd tot echte verandering leidt. Zij hebben echter niets bereikt, terwijl onze coalitie de laatste jaren grote stukken land aan de boeren heeft weten over te dragen.'

'Met de landhervormingswet van 1988 in de hand hebben wij de eigendomsrechten van de grootgrondbezitters aangevochten', legt Danny Carranza van de agrarische actiegroep PEACE uit. Vaak bleek dat de grootgrondbezitters hun eigendomsaktes niet legaal hadden verkregen, of dat ze helemaal geen papieren hadden. Dan hielden de boeren prompt op met het afdragen van soms wel 70 of 80 procent van hun oogst aan de landheer, zoals ze hun hele leven hadden gedaan. En vaak wisten ze de landheer bij de rechter een deel van zijn grond (zoals een ongebruikt bosperceel) te ontfutselen.

Maar dat was volgens beide actievoerders uit Brondoc niet naar de zin van de NPA. 'De NPA dwingt de grootgrondbezitters een ''revolutionaire belasting'' te betalen', zegt Ric Reyes. 'De landeigenaren moeten de aanwezigheid van de NPA-rebellen in hun omgeving gedogen, ze mogen niet de hulp van het leger inroepen. Maar in ruil daarvoor worden ze met rust gelaten. En dat hebben ze liever dan dat ze hun land moeten afstaan aan boeren die daar volgens de wet recht op hebben.'

Grootgrondbezitters die hun inkomsten van de boeren zagen teruglopen konden de 'revolutionaire belasting' niet langer opbrengen.

'Toen begon de NPA de boeren onder druk te zetten om de afdracht van hun oogst aan de landheer te hervatten', gaat Danny Carranza verder. 'In 2001 vermoordden ze de boerenleider van een van de dorpen - en zijn broer, die leider was van de landlozen, is dit jaar het doelwit geworden van een aanval. Sinds een jaar of vier moeten ook kleine winkeliers belasting betalen aan de NPA, en een dorpshoofd dat zich daartegen verzette heeft dat met zijn leven moeten bekopen.'

Volgens beide activisten worden in 20 van de 76 provincies dagelijks boeren lastiggevallen door de NPA. Zelf zijn ze hun leven niet zeker. 'Wij worden beschouwd als CPP-dissidenten', zegt Ric Reyes. 'Van een groepje van vier vroegere leiders ben ik de enige die nog in leven is. Wij moeten ons voortdurend schuilhouden.' Wat dat betekent is iets waarvan Nederlanders zich sinds kort beter een voorstelling kunnen maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden