Land van duizend leugens

De liedjes van Simon Bikindi waren in Rwanda minstens net zo populair als die van Marco Borsato in Nederland. Nu zit hij vast in Scheveningen, omdat zijn teksten zouden hebben aangezet tot genocide....

SIMON BIKINDI zocht twee jaar geleden politiek asiel in Nederland. Nu zit hij vast in de gevangenis van Scheveningen, waar ook Slobodan Milosevic verblijft. Net als Milosevic is Bikindi (47) aangeklaagd voor genocide. Niet voor het VN-Hof in Den Haag, maar voor het Rwanda-Tribunaal in Arusha. Maar anders dan Milosevic was de Rwandees geen president of opperbevelhebber van het leger. Bikindi is zanger en componist.

Zijn liedjes schalden in Rwanda minstens net zo vaak uit de radio als die van Marco Borsato in Nederland. Geen pop, maar volksliedjes over de geschiedenis en het leven in het land van de Duizend Heuvels, begeleid door traditionele instrumenten.

Samen met zijn balletgroep Irindiro trok hij door het land. In de jaren tachtig groeide hij uit tot een van de populairste artiesten van Rwanda. 'Iedereen luisterde naar mijn liedjes', zegt Bikindi opgewekt tijdens het bezoekuur in het penitentiaire complex van Scheveningen. En nog steeds, weet de forse man. In de bar, of thuis op een cassettebandje. 'Hutu's en Tutsi's!' Eventjes strijkt zijn hand langs zijn hanger van Christus aan het kruis.

Bikindi wordt verdacht van aanzetten tot genocide in Rwanda, waar in 1994 bijna een miljoen Tutsi's en gematigde Hutu's werden vermoord. De meest systematisch uitgevoerde etnische zuivering sinds de holocaust. Het radio- en tv-station Libre des Milles Collines (RTLM) speelde daarbij een cruciale rol. En volgens de aanklacht was Bikindi een van vijftig oprichters.

Tijdens de genocide was de radio voor het gros van de bevolking de enige bron van nieuws. Via RTLM werden de moordpartijen van de interahamwe, de Hutu-milities, begeleid. De oproepen van de dj's en journalisten om de 'kakkerlakken' (inyenzi) uit te roeien, werden afgewisseld met liedjes van Bikindi. Zijn stem werd volgens sommige Rwandezen synoniem aan die van het kwaad.

Het liedje Ik haat de Hutu's - waarin Bikindi volgens de aanklacht Hutu's verfoeide die met de vijand heulden - werd het lijflied van de Hutu-milities. 'De interahamwe zongen zijn liederen voor het moorden, tijdens het moorden en na het moorden', zegt Alison des Forges van Human Right Watch, die een lijvig rapport schreef over de genocide.

Hoewel de liedjes in de aanklacht cruciaal zijn, reikte zijn macht nog verder dan die van zanger. Hij was ambtenaar bij het ministerie van Jeugd en Sport, hij zou betrokken zijn geweest bij het recruteren en trainen van jongeren voor de interahamwe. Ook gaf hij zelf opdrachten tot het vermoorden van Tutsi's.

'Het zijn leugens, allemaal leugens', zegt Bikindi fel in de bezoekersruimte van de gevangenis. Hij had aandelen gekocht voor radio Libre des Milles Collines toen het nog geen haat-station was. Voor het ministerie was hij directeur van het nationale ballet. 'Ik nam weeskinderen en straatkinderen op in mijn dansgroep.' En zijn liedjes? Het waren vrijheidsliederen. 'RTLM heeft ze uit hun context gehaald en misbruikt.'

Lin Muyizere, voorzitter van Codac, een organisatie voor Rwandezen in Nederland, durft zijn handen in het vuur te steken voor Bikindi. Hij is een vrijheidsstrijder, geen oorlogsmisdadiger, zegt hij. Het huidige regime van Paul Kagame vreest zijn oppositie. 'De aanklacht is politiek gemanipuleerd en het dossier is gefabriceerd.'

Dat is nogal simpel uitgelegd, vindt Des Forges van Human Right Watch. De verhoudingen met het Rwandese regime zijn erg broos, omdat openbaar aanklager Del Ponte heeft laten weten dat ze de huidige machthebbers ook wil aanpakken. Des Forges is ervan overtuigd dat de aanklacht bewezen kan worden. Bikindi beweert dat hij er geen weet van had dat zijn liedjes tijdens de genocide werden grijsgedraaid. Tijdens de cruciale periode van de slachtpartijen was hij niet in Rwanda. Uit een document van de Belgische visumdienst blijkt dat de zanger van 5 april tot 10 juni in België verbleef. Hij was daar om een Europese tour met zijn balletgroep Irindiro voor te bereiden.

Pas eind juni keerde hij terug naar Rwanda, zegt hij, op zoek naar zijn familie. Zijn zoon was vermoord door de Tutsi's; zijn vrouw en drie dochters trof hij in een ziekenhuis in Gisenyi. Een van zijn dochters had ernstig hoofdletsel opgelopen bij een aanval op zijn huis. Op 14 juli, zo zegt hij, vluchtte hij met zijn gezin naar Zaïre, het huidige Congo. Daar verbleef hij net als duizenden andere Hutu's in een vluchtelingenkamp.

Pas in 1996 keerde hij terug naar Rwanda. De huidige RPF-regering - eens de rebellen tegen wie Bikindi liederen zong - wilden hem vervolgen wegens zijn aandeel in de volkenmoord. Omdat er geen bewijs was, werd de zanger weer vrijgelaten. Bikindi voelde zich evenwel onveilig.

IN 2000 vlucht hij naar Nederland. Al snel belandt hij in het asielzoekerscentrum in Leiderdorp waar predikant Daniël Ribs, van de Waalse kerk in Leiden, zich over hem ontfermt.

Als de zanger vermoedt dat hij door het Rwanda-Tribunaal wordt gezocht, is hij bang dat de politie hem komt halen in het AZC. Hij gaat zwerven en verruilt zijn bed voor het treinstation. Ribs - 'Bikindi is een wijs en betrouwbaar man' - neemt hem daarop in huis. Op 12 juli wordt de zanger in het centrum van Leiden door de politie van zijn fiets geplukt. Sindsdien brengt Ribs vrijwel iedere maandag een bezoek aan Bikindi in de gevangenis.

Ribs hoopt nog steeds dat een overlevering aan het Rwanda-Tribunaal kan worden tegengehouden. Vorige week diende daarvoor een kort geding tegen de Nederlandse Staat in Den Haag. De rechtbank in Den Haag - die 14 februari uitspraak doet - zou de aanklacht eerst inhoudelijk moeten toetsen, vindt zijn advocaat Geert Jan Knoops. Want dat Bikindi in de belangrijkste periode van de genocide in België was, maakt de aanklacht op zijn minst twijfelachtig, zegt hij.

Bovendien is met de inhoud van de liedjes niks aan de hand, zegt emeritus-predikant Kees Overdulve, die 23 jaar in Rwanda woonde en geldt als expert van de Rwandese taal, het Kinyarwanda. Op verzoek van de advocaten analyseerde hij drie chansons van Bikindi. Hij komt tot de conclusie dat de programmamakers van radio Libre Milles Collines passages uit de liedjes van Bikindi plukten en zinnen aan elkaar flansten, zodat het leek alsof de populaire zanger opriep tot genocide.

Maar niets is minder waar, meent Overdulve. 'Hij noch zijn teksten zijn anti-Tutsi.' In een van de chansons roept Bikindi juist op 'tegen geweld en verscheurdheid, en voor eenheid, vrede en democratie'. Een ander liedje dat werd geschreven ter gelegenheid van 25 jaar onafhankelijkheid - 'nadat de bevolking eeuwenlang was uitgebuit door een relatief kleine groep van de Tutsi-aristocratie' - is volgens Overdulve te vergelijken met de Nederlandse geuzenliederen na de Tachtigjarige Oorlog. De tekst werd al in 1986 geschreven. Van enig verband met de genocide van 1994 kan dan ook geen sprake zijn, concludeert hij.

De intentie waarmee Bikindi zijn liedjes destijds schreef, is voor het Tribunaal moeilijk te achterhalen, zegt Larissa van den Herik van de Vrije Universiteit in Amsterdam, die onderzoek doet naar het Rwanda-Tribunaal en het Volkenrecht. Of Bikindi in zijn liedjes letterlijk opriep tot het doden van Tutsi's zal dan ook niet doorslaggevend zijn. Bij het aanzetten tot genocide werden voortdurend eufemismen gebruikt, zegt Van den Herik. Zo betekende 'ga aan het werk': dood de Tutsi's.

Belangrijker is hoe er gereageerd werd op de liedjes van Bikindi, meent ze. Het proces zal daarom eerder draaien om de vraag of Bikindi wist dat zijn teksten voor en tijdens de genocide aanzetten tot moord en of hij met dat doel zijn liedjes ten gehore heeft gebracht, zoals in de aanklacht wordt gesteld.

Zo zou Bikindi in februari, maart en juni 1994 op bijeenkomsten hebben opgeroepen tot het doden van Tutsi's. Op een bijeenkomst riep hij volgens de aanklacht de Hutu's op wapens als hakmessen te gebruiken om de 'kakkerlakken' te doden.

Als dit klopt, zijn er ernstige aanwijzingen van schuld, zegt Rwanda-deskundige Filip Reyntjens. Maar wanneer die beschuldigingen gebaseerd zijn op een paar ooggetuigenverslagen, hecht de Antwerpse professor Afrikaans recht er minder waarde aan.

De getuigenissen zijn niet altijd even betrouwbaar. Rwanda is niet alleen het land van de duizend heuvels, het is ook het land van de 'duizend leugens', zegt Reyntjens. 'Het woord liegen kennen de Rwandezen eigenlijk niet. Zij gebruiken de uitdrukking ''goed spreken''. Een Rwandees denkt altijd: wie stelt me de vraag, waarom stelt hij mij die vraag en bij welk antwoord heb ik zelf het meeste belang? Het antwoord kan de waarheid zijn, maar ook net zo goed een leugen.'

Dat 'goed spreken' ligt diep verankerd in de cultuur, zegt hij. 'Jaren geleden heb ik in Rwanda een opleidingssessie meegemaakt waarin kinderen werden onderwezen in ''goed spreken''. Het doet er niet toe of je de waarheid spreekt, als je het maar overtuigend brengt. Het is strategisch spreken. Dat maakt het verhoren van getuigen verschrikkelijk moeilijk. Zeker wanneer de tolk ook een Rwandees is.'

Eerder hield het Rwanda-Tribunaal hier onvoldoende rekening mee, zegt Reyntjens. Het Hof ging er vanuit dat een getuige onder ede de waarheid sprak. De laatste tijd is daar verandering in gekomen, merkt hij. 'De rechters raken ervan doordrongen dat een getuige kan liegen.'

Dat kán in Bikindi's voordeel werken. Maar, voegt Reyntjens eraan toe, hij neemt Bikindi's verklaring met 'evenveel kilo's zout' als die van de getuigen die hem mogelijk zullen belasten.

De advocaten kennen het bewijsmateriaal niet waarop de aanklacht is gebaseerd. Die wordt pas bekendgemaakt als Bikindi is voorgeleid voor het Tribunaal in Arusha. Er is nog een kans dat de rechtbank oordeelt dat Bikindi eerst zijn asielprocedure mag afmaken in Nederland, zegt Knoops. Maar uiteindelijk zal de zanger hoogstwaarschijnlijk worden overgeleverd aan het Tribunaal.

De zanger is daar niet bang voor, zegt hij. 'Ik heb geen angst. Ik wil mijn onschuld bewijzen.' Het bezoekuur in het penitentiaire complex in Scheveningen is voorbij. Bikindi's innemende glimlach maakt plaats voor ernst als hij de journalist op het hart drukt de waarheid te schrijven.

Zijn waarheid? De waarheid?

Voor predikant Ribs is Bikindi allereerst een man in nood. 'Als wij hem niet helpen, kan hij niet eens naar Rwanda bellen.' Hij stort dertig euro op de gevangenisrekening van Bikindi. 'Dat is van de kerk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden