Laatste meesterwerk

Niets wat Leonardo maakte was voor de vluchtigheid.

PARIJS - De bekendheid van Mona Lisa levert museum het Louvre soms dilemma's op. Zo zijn naar verluidt de risico's te groot om haar aan een schoonmaak of restauratie te onderwerpen: ze is te fragiel, te kostbaar. Terwijl ze toch onder een almaar geler wordende sluier van vernis schuilgaat. Mócht het museum al aarzelen Mona Lisa te laten restaureren, dan zal het zich nu wel twee keer bedenken. Gisteren opende in het Parijse Louvre de tentoonstelling Sint Anna: het laatste meesterwerk van Leonardo Da Vinci. En daar ging nogal wat restauratierumoer aan vooraf.


Want die Sint Anna, of Maria en Kind met Sint Anna, bracht een ouderwetse academische ruzie teweeg, waarbij twee van de grootste restauratie-experts van Frankrijk, nog voor het nieuwe vernis op Sint Anna droog was, zich uit de adviescommissie terugtrokken. Zij konden zich niet verenigen met de manier waarop Leonardo's 'laatste schilderij' is schoongemaakt. Het zou te schoon zijn.


Sint Anna glimt nu, in Parijs. Het heldere blauw en de leliewitte huid van Maria steken extra af tegen de enorme, donkere tekening waar ze naast is gehangen, de Burlington House Cartoon, te leen van de National Gallery. Bij de opening van de tentoonstelling in de Napoleonhal van het museum is het ongemak enigszins voelbaar. Alle Franse en internationale journalisten weten dat de hoogste autoriteit, directeur restauratie van de Franse nationale musea Ségolène Bergeon Langle, zich heeft verzet tegen de druk van de Britse leden van de National Gallery in de restauratiecommissie. En daar in Londen, dat is bekend, poetsen ze schilderijen op tot ze glimmen als blinkend parket.


Maakt dat een Leonardo mooier? De meningen lopen ver uiteen. Want schilderijen van Leonardo Da Vinci zijn in zekere zin als een goede wijn. Ze rijpen met de jaren. Al tijdens het leven van de kunstenaar: hij werkte jarenlang door aan alle details om tot de juiste compositie te komen. Maar vooral vanwege dat ene, unieke onderdeel, dat niemand dan de meester Leonardo zo goed kon: sfumato aanbrengen.


Sfumato is een schildertechniek waarbij transparante lagen olieverf de kleuren geleidelijk in elkaar doen overlopen, zonder strakke lijnen. Het betekent letterlijk 'verrookt' of 'in rook opgegaan'. Voor Leonardo was dat hetgene dat alle elementen in een schilderij op een volkomen overtuigende manier samenvoegde. Een rokerige sfeer, als de dikke lucht op een hete, heiïge zomermiddag. De losse elementen staan daardoor niet meer zo los van elkaar, de contouren vervagen net genoeg om te voelen dat alles bij elkaar hoort. Elementen verder naar de achtergrond zijn nét iets vager, en hebben minder kleur.


Als je dat in het echt waarneemt, op een warme dag in de duinen, sta je er geen seconde bij stil. Maar in een schilderij zit er een onwaarschijnlijk meesterschap achter. Het genie van een man die wist hoe het werkt in de natuur, en hoe een oog dat onbewust opvangt. En die dus wist, dat als hij écht overtuigend wilde schilderen, die 'luchtdikte' meegenomen moet worden in de voorstelling. Hij verankert zijn figuren ermee in hun omgeving, en maakt ermee tegelijk onderscheid tussen voor- en achtergrond, hoofd- en bijzaken.


En juist die rokerigheid rijpt. Want vernis die geler wordt, versterkt dat sfumato. Dat levert een probleempje op bij het restaureren: want wanneer is een Leonardoschilderij schoon? Wat is vernis en wat sfumato? Tot hoe ver kun je poetsen als de bedoeling juist die ongelooflijk subtiele rokerige sfeer was? Wat volgens de restauratoren bij Sint Anna vernis is, is volgens de critici de heldere verf waarmee Leonardo zelf zijn sfumato-effect creërde.


Het is een licht ongemakkelijk einde van een omvangrijk Leonardoproject dat zo groots werd ingezet in Londen, vorig jaar november, met de tentoonstelling Leonardo Da Vinci: Painter At The Court Of Milan in de National Gallery. Toch biedt zo'n akkefietje ook een open einde, en dat past dan wel weer bij de kunstenaar. Die laat zich immers, nog altijd, niet helemaal kennen. In weerwil van de pogingen, zoals ook hier in het Louvre.


Conservator Vincent Delieuvin heeft 'als een detective' sporenonderzoek gedaan naar dit ene schilderij, dat Leonardo onaf achterliet toen hij stierf in 1519. Waaraan hij bijna twintig jaar eerder begon, wat voor Leonardo heel normaal was, zo liet ook de Londense tentoonstelling zien. De denkende tekenaar, de perfectionist, die voortdurend schaafde aan zijn ideeën om ieder element die vorm te geven die overeenstemde met het idee dat hij over het onderwerp had.


Dat idee is hier: moeder, kind, kleinkind. Anna te Drieën heet dit beeldtype bij ons. Drie generaties, twee vrouwen, een Verlosser. En alle familiaire en religieuze emoties die daarbij hoorden. Sint Anna is Maria's moeder, volgens een apocrief verhaal. De verhouding tussen moeder en dochter speelt een grote rol, maar ook die van Maria en haar kind - de beschermende moederhouding, complex gemaakt door het lot van haar zoon.


In drie stadia bereidde Leonardo Da Vinci zich voor op dit schilderij: met ruim honderd kunstwerken wordt dit proces ons in Parijs voorgeschoteld. Tekeningen van details: rotsen, bomen, studies naar licht op bomen, hoofden, armen, plooien, baby's. Schilderijen door leerlingen van Leonardo van tussenstadia van de compositie, kunstwerken gemaakt onder invloed van deze ene Anna, door Rafael, Michelangelo, Pontormo. Als ze het doen, doen ze het grondig, zoals het hoort bij de grootste musea van de wereld.


De Burlington House Cartoon vormt het eerste stadium. Dat maakt de samenkomst van deze twee kunstwerken zo bijzonder: dat ze het begin en einde vormen van een lang denkproces. Het is geen gewone tekening, maar een 'karton' van gelijke grootte als het schilderij. Met uitgewerkte delen en volledig leeggelaten stukken, zoals handen en voeten - alsof de figuren zich uit het niets ontworstelen. Een dergelijke tekening, de derde, heeft hij gebruikt voor het schilderij: hij prikte gaatjes in de lijnen, legde het op het paneel en tamponneerde erop met houtskool, zodat de contouren werden overgebracht, als ondertekening voor het schilderij. Maar die tekening is verloren. Het is een wonder dat de Burlington House Cartoon (genoemd naar het gebouw waarin het in Londen werd tentoongesteld in de 18de eeuw) nog bestaat, want papier op die schaal is kwetsbaar. Als Leonardo hierin gaatjes had geprikt, had het de tijd niet doorstaan.


Achter het eerste stadium zit een totaal ander religieus idee dan achter de laatste. Waar op de tekening Jezus een teder, zegenend gebaar maakt naar een andere dreumes, Johannes de Doper, worstelt Jezus in het Louvreschilderij met een lammetje, dat hij bij de horens vast heeft: een teken dat hij zijn bezegelde toekomst, het offer, aanvaardt.


De uiteindelijke voorstelling is een diagonaal, en ook dat heeft betekenis: Anna boven, als bemiddelaar met God, Maria in het midden, Christus onder, klaar voor het offer. Je ziet Leonardo in tekeningen eindeloos worstelen met vormen. Uit liefde en intense belangstelling voor beweging: één tekening uit het British Museum is een ondoordringbaar kluwen lijnen waar verschillende hoofden, ontraceerbare benen, dieren, en onbenoembare elementen uitsteken, als een stripboekafbeelding van een vechtpartij. Alsof Leonardo in een stroom van gedachten met zijn stift door bleef zoeken, onverschillig of het op papier nog ergens op leek.


Sint Anna is de epiloog, het 'tiende hoofdstuk' van het project dat begon in Londen. Daar waren negen schilderijen van de meester te zien, ieder met alle bestaande voorstudies erbij. Negen hoofdstukken van Leonardo's zoekende kunstenaarschap. Een explosie van menselijke nieuwsgierigheid, tot het uiterste doorgevoerd door het genie voor wie filosofie, techniek, wetenschap en kunstenaarschap in elkaar vloeiden als een landschap in sfumato.


De tentoonstelling was de rehabilitatie van Leonardo als kunstenaar, en wellicht het krachtigste voorbeeld van hoe een museale tentoonstelling tegelijkertijd wetenschap en publiek kan dienen. Het publiek voelde zich opgetild door de toegankelijke manier waarop de schoonheid en intelligentie van Leonardo's werk werd voorgeschoteld. Niets aan de presentatie was uitleggerig, niets hipperig, niets hijgerig. Tot de laatste dag in februari stonden mensen er met liefde vier, vijf uur voor in de vrieskou in de rij.


En tegelijkertijd gaf deze tentoonstelling een grote impuls aan de kunstwetenschap. De inzichten waren enorm: het beeld van Leonardo kantelde, en kreeg een verdieping die in de 20ste eeuw verloren was gegaan. Door de samenkomst van de schilderijen ontstond bovendien voor experts eenmalig de mogelijkheid echt te vergelijken. Restauratie- en onderzoeksprojecten werden in gang gezet, wat onder meer leidde tot de vondst van een schilderij dat een kopie van Mona Lisa is, gelijktijdig gemaakt in het atelier van Leonardo, dat nu ook in het Louvre is te zien.


Het Louvre hecht het netjes af, met een toevoeging: de invloed die een enkel schilderij op de kunstgeschiedenis kan hebben. Door er kunstwerken van latere tijd bij te presenteren wordt duidelijk hoezeer Leonardo's concept van het begin (Michelangelo, Pontormo, Joos van Cleve) tot in de 20ste eeuw door echode bij Max Ernst, Odilon Redon, en zelfs weerklank vond bij Sigmund Freud, die er zijn essay Leonardo Da Vinci, A Memory Of His Childhood (1916) op baseerde. Hij zag in Sint Anna Leonardo's eigen jeugd terug: de 'twee moeders' die de kunstenaar had, zijn moeder en stiefmoeder - vooral omdat Anna en Maria opmerkelijk weinig in leeftijd lijken te verschillen.


Daarmee onderstreept het Louvre wat al in de National Gallery duidelijk werd. Dat niets wat Leonardo maakte voor de vluchtigheid was. Dat elk beeld, elke beweging en vorm betekenis heeft en aandacht verdient. Zo kunnen we wel weer even verder met de meester.


La Sainte Anne, l'ultime chef-d'oeuvre de Léonard de Vinci. Musée du Louvre, Parijs, t/m 25/6


Toegang 14 euro, catalogus 49 euro. louvre.fr


EXTRA


In de tentoonstelling wordt voor het eerst de pas gerestaureerde kopie van Mona Lisa getoond, uit het Prado in Madrid. Het blijkt een eigentijdse kopie: mogelijk werkten Leonardo en zijn leerling - volgens sommigen zijn geliefde, Salai - naast elkaar aan hun schilderijen. Bij de restauratie werd een compleet landschap blootgelegd, waardoor het verband met Mona Lisa evident werd: het is hetzelfde Toscaanse landschap. De ultieme mogelijkheid het schilderij na 500 jaar opnieuw naast de Mona Lisa te zien, zou je denken, en zo is het in de media ook aangekondigd. Maar van die publicitaire kans heeft het Louvre geen gebruikgemaakt: het hangt níet in de buurt van Mona. Gevraagd naar de reden, verklaart het Louvre: 'De kopie laat de bezoeker zien aan welke schilderijen Leonardo werkte toen hij ook aan Sint Anna werkte.' Maar waarom hangt de Mona Lisa dan niet zelf ook in de tentoonstelling? 'Zij trekt 20 duizend bezoekers per dag. En die passen niet in de tentoonstellingsruimte.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.