Laatste kans voor falende Mentsjov bij Rabo

Cijfers liegen niet. Het stond er echt. Denis Mentsjov is in de 92ste Tour de France 85ste geworden. De Rus deed er ruim tweeënhalf uur langer dan Lance Armstrong....

Marije Randewijk

Een mens is vergeetachtig, maar Mentsjov was voor de start van de Tour de kopman van de Rabobank. Hij zou in de topvijf eindigen, dacht hij zelf. Zijn werkgever vond een plaatsje in de toptien ook mooi.

Over de kopman van de Nederlandse ploeg werd drie weken lang niet veel gesproken in Frankrijk. Alleen zijn medische bulletins (keelontsteking) en de hoogte van zijn boetes raakten bekend in de perszaal. Door zijn slechte prestaties zei hij nog minder dan gewoonlijk, zijn mentale veerkracht riep bovendien twijfels op.

Mentsjov had kunnen doen wat de rest van de ploeg deed. De druk was al van zijn schouders gehaald door de etappezeges van Pieter Weening en Michael Rasmussen, maar de Rus negeerde de wind die zijn ploeg vanaf de eerste week in de rug voelde. Als enige eigenlijk.

Lang leek een historische podiumplaats voor de Rabobank in de tiende Tour tot de mogelijkheden te behoren. Rasmussen werd uiteindelijk zevende, toch nog de op een na hoogste klassering die een Rabo-renner ooit heeft behaald. Hij moet wat dat betreft alleen Michael Boogerd voor zich dulden. Die eindigde in 1998 als vijfde in het algemeen klassement. Maar ploegleiders zullen zich het hoofd nog wel eens breken over de manier waarop Rasmussen de kans van zijn leven liet liggen.

Toch was het de plaats waar de Deen thuishoorde. Door zijn aanvalslust had hij er misschien recht op gefêteerd te worden als de man achter Armstrong en Basso, maar het zou niet in overeenstemming zijn geweest met zijn kwaliteiten. Rasmussen is geen renner die de komende jaren meedoet om de Tourzege. Met die intentie was hij ook niet gestart in Nourmoutier.

Met een podiumplaats zou zijn naam in het rijtje Alban, Zimmerman, Jaskula, Parra, Escartin, Julich en Rumsas zijn geplaatst: coureurs die profiteerden van het moment en dat later nooit meer terugvonden.

Net zomin als het falen van Mentsjov zich laat verklaren, is er een reden aan te voeren voor het succes van Rasmussen. Er ligt geen duidelijke visie of beleid aan ten grondslag. Beide buitenlanders kregen van Breukink in de voorbereiding de vrije hand. Van een nauwgezette samenwerking zoals tussen Armstrong en Bruyneel en Basso en Riis was geen sprake.

Rasmussen vertrok zelfs drie weken naar Mexico, het geboorteland van zijn vrouw, nadat hij was afgestapt in de Giro. Tot de Tour nam hij aan geen enkele wedstrijd deel. Het leek vooraf allerminst de weg naar een opmerkelijke prestatie.

Succes in de Tour laat zich slechts deels verklaren door visie en beleid. Dat Armstrong voor de zevende keer won, was niet toevallig. Dat Basso tweede werd ook niet. Daarachter viel weinig te plannen.

Zo had het management van de Rabobank eigenlijk met een andere selectie naar Frankrijk willen gaan. Met Oscar Freire, Pedro Horrillo en Bram de Groot zou de ronde er totaal anders hebben uitgezien. Het zou ten koste zijn gegaan van Erik Dekker, Marc Wauters en mogelijk een van de onbevangen jongeren, Joost Posthuma of Pieter Weening.

Juist die renners brachten evenwicht in de ploeg. Dekker was de eerste die in de vorm van de bolletjestrui een prijs binnensleepte. Kroon volgde zijn voorbeeld en de uiteindelijke eigenaar Rasmussen voelde zich erdoor gesteund.

Weening was met zijn ritwinst de revelatie van deze ronde, ook internationaal. Toen hij vrijdag in een achtervolgende groep jacht maakte op de koplopers, raakte de Franse tv niet uitgesproken over ‘een van de meest veelbelovende exponenten van de Rabo-school’, die en passant meteen werd gekwalificeerd als ‘de beste wieleropleiding ter wereld’. Het was het mooiste compliment dat de bank in de ronde kon krijgen.

Wat in deze Tour bovendien opviel, was de geldingsdrang en de opofferingsgezindheid waarmee werd gereden. Jongeren doen meestal zonder op te vallen wat van ze wordt gevraagd, voor het eerst deden ze zelfs meer dan dat. Ook Dekker, Kroon en Boogerd knapten vuil werk voor elkaar op.

Het was illustratief dat ze tijdens de koninginnenetappe naar Pla d’Adet alle drie vertegenwoordigd waren in de beslissende vlucht. Dekker en Kroon beulden zich af voor Boogerd, die op zijn beurt eerder had getoond een luxe knecht voor Rasmussen en Weening te zijn.

Die rol was eigenlijk weggelegd voor Mentsjov. De Rus reed de Tour uit. Zo gaat het de boeken in. In 2006 krijgt hij nog één kans.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden