Laatste dans doordrenkt van veel oud zeer

Lange dagreis door de nacht van Eugene O'Neill door Stella, regie Alize Zandwijk. In Theater aan het Spui, Den Haag t/m 28 oktober....

Buiten klinkt het geluid van een misthoorn, binnen staat een plaatje van Engelbert Humperdinck op, The Last Waltz. Over twee eenzame mensen die al walsend voor even de ellende willen vergeten.

Die twee mensen zijn James en Mary Tyrone, de hoofdpersonen in Eugene O'Neills familiedrama Lange dagreis naar de nacht - een stuk over oud zeer, geschreven in tranen en bloed. O'Neill zette er zijn eigen moeizame relatie met zijn vrouw en twee zoons in te kijk.

De Haagse jeugdtheatergroep Stella maakt één keer per jaar een uitstapje naar het theater voor volwassenen. Steeds worden die produkties geregisseerd door Alize Zandwijk, die graag met stoffer en blik klassieke toneelteksten ter hand neemt.

Hoewel, zo op het eerste gehoor wordt het hele stuk er doorheen gejast, in een uitzonderlijk hoog speel- en spreektempo. Jack Wouterse en Sacha Bulthuis spelen het uitgebluste echtpaar, 36 jaar getrouwd en hooguit een paar jaar gelukkig geweest. Gedienstig aan de wetten van de Amerikaanse drama-traditie, rust er een doem op dit gezin. Vader: B-acteur en aan de drank, moeder: huissloof en aan de morfine, zoon 1: dood, zoon 2: tbc-leider, zoon 3: hoerenloper.

De afstand tussen wie je bent en wie je zou willen zijn, daarover gaat Lange Dagreis in wezen. Die niet te overbruggen afstand leidt tot een leven in de mist, in dit gezin niet alleen figuurlijk maar ook letterlijk. Het stuk speelt zich af in een kleine havenplaats waar tussen de ochtend- en de avondmist slechts af en toe de zon doorbreekt. 'Goddank, de mist is opgetrokken' zegt de moeder met een tikkeltje opluchting in haar stem, om zich vervolgens in de badkamer met een shotje morfine terug te trekken.

Er staan vier aftandse stoelen op toneel, een tafel vol drankflessen, twee schemerlampjes en op het achtertoneel bevindt zich de zandbak waar vroeger, in gelukkiger dagen, de jongens gespeeld moeten hebben. In zijn briljant geconstrueerde tekstbolwerk laat O'Neill de stereotypen van ongelukkige mensen allengs uitgroeien tot tragische wezens met een universeel verdriet.

Dat laat zich nog het mooist zien in de verloren illusies van zowel de man als de vrouw. Hij speelde ooit een voorbeeldige Othello, maar werd een anoniem acteur, zij wilde concertpianiste worden of anders non, en werd verliefd, ja, op die destijds geweldige acteur met wie ze wegzonk in een vreselijk huwelijk.

En toch dansen ze met elkaar, de laatste wals. Sacha Bulthuis in de armen van Jack Wouterse - hij grotesk in zijn woede, gevangen in dat enorme lichaam; zij verbeten, maar trots in haar kleine lijfje waarvan iedere vezel een eigen verhaal vertelt. Die zandbak, het gedoe met te veel drank en de indianentooi die moeder op haar hoofd zet, flauwekul vond ik het, maar die twee dansende mensen - daarvoor ga je naar deze voorstelling.

Hein Janssen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden