Laat het Holland Festival maar komen

e personages in de voorstellingen 'Dvan Meg Stuart zijn altijd op doortocht. Passanten in de ruimte, maar ook passanten in hun eigen lichaam....

Ze arriveren op een plek, verkennen en veroveren die en proberen er te overleven. Ze glijden als een energie of geest in het huis van hun lichaam, verwijlen er en vertrekken weer.'

De schrijver van deze zinnen, GabriSmeets, bezocht choreografe Meg Stuart in Z en is kennelijk zo bevlogen geraakt van haar idioom dat dit ook bezit van zijn pen heeft genomen. Jammer. Veel helderheid schept het stuk niet.

Het stuk over Meg Stuart staat in De Theatermaker van deze maand, Nederlands enige tijdschrift over theater. Zoals te verwachten gaat een groot deel van de inhoud in op het zojuist begonnen Holland Festival. Natuurlijk een artikel over Peter Sellars. Over Krysztof Pastor, choreograaf van Body/Voice, de makers van twee nieuwe opera's Robin de Raaff en Jan van de Putte en natuurlijk Alain Platel die met Wolf de uitsmijter van het festival is.GabriSmeets maakte een aardig interview met Platel waarin de Vlaamse theatermaker vertelt hoe Mozartkenners op zijn luchthartige gebruik van Mozarts muziek reageren.

Het laatste nummer van dit seizoen is wat dikker dan anders. Het staat vol met lijstjes, nieuwtjes en serie-afleveringen. Een bruikbaar lijstje is een overzicht van groepen waarvan de subsidietoekenning in een patstelling zit: het Rijk is positief, de stad of de provincie negatief. Het zou mooi zijn als die overzichten worden vervolgd. Natuurlijk zijn er ook terugblikken, onder meer van Pieter Bots die zes jaar Holland Festival evalueert onder Ivo van Hove. 'Afgezien van een aantal geslaagde producties wordt zijn programma in hoge mate gekenmerkt door grillige keuzes en weinig inhoudelijke stellingnames. Een duidelijk artistiek stempel ontbreekt, al denkt hij daar zelf anders over.'

Nogal wiedus. Bots valt de artistiek leider hard, maar hij moet ook toegeven dat Van Hove zich dit jaar enigszins revancheert met drie producties over oorlog en de nasleep ervan. Bovendien: getuigt zijn keuze om de productie van Peter Sellars tot opening te bombarderen soms niet van een statement?

Opvallend in dit zomernummer is een voorpublicatie uit het dagboek van Martin Schouten, eenmansjury van het komende Theaterfestival, die over zijn jurywerk een boek schreef, Een jaar in het duister, dat dit najaar uitkomt. Volop ins en outs over het theaterwereldje, smeugeschreven. Over het late moment waarop hij werd gevraagd, wie de directeur van het festival, Arthur Sonnen, eerder op het oog had. Gefundenes Fressen voor de kleine speelvijver die de Nederlandse theaterwereld heet.

Gevarieerd is het aanbod is dit blad zeker, de kwaliteit is er het afgelopen seizoen behoorlijk op vooruit gegaan, mede door het verdwijnen van al die overbodige columnisten. Maar de verscheidenheid houdt diepgang tegen.

De artikelen over de wisseling van de wacht bij Artemis, het portret van Annette Speelt en het stuk over Zomerfestivals zijn wel erg oppervlakkig, de vaste rubriek D Vu is gezocht, de serie over programmeurs gaat zich na aflevering-5 onweerstaanbaar herhalen en de strip achterin, kan die niet geestiger?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden