Laat er water zijn!

Las Vegas kan bestaan dankzij Lake Mead, een gigantisch stuwmeer uit de jaren dertig. Met het water uit dit stuwmeer douchen ze tevens in Phoenix en besproeien ze hun gazons in Los Angeles....

‘This is Vegas baby! Het is allemaal een fantasiewereld’. Bill Rohret, de beheerder van de Angel Park Golf Club, laat een verfspuit zien. Daarmee verven zijn terreinknechten het gras van de golfbaan groen als de ongenadige zon bruine plekken heeft gemaakt. ‘De toeristen die naar Las Vegas willen komen, willen golfen. De golfbaan moet van hen groen zijn. Dus geven we ze groen.’

Er gaat ook wel eens rood in de verfspuit, om de stenen die mooie kleur te geven van de rotsen in de verte. En de vijvers met irrigatiewater tussen de glooiende golfbanen krijgen een blauwe kleurspoeling. ‘Zo willen mijn klanten het’, zegt Rohret.

De natuur temmen om de mens te dienen, daar weten ze alles van in Las Vegas. Het hele bestaan van de stad, midden in een gortdroog maanlandschap, is een overwinning van de Amerikaanse pioniersgeest op de elementen, een krankzinnig symbool van het diepgewortelde geloof dat de overvloed van het Westen oneindig is.

Je ziet het als je naar Las Vegas vliegt: een uur over de onherbergzame woestijn, dan als bij toverslag de groene tuinen van de Amerikaanse suburb. Het doet denken aan een vlucht naar een oliestadje over de oneindige, witte toendra van Siberië. Met het verschil dat de mens op die onherbergzame plek is om grondstoffen te delven. Naar Las Vegas komt de mens om te gokken, aan een congres deel te nemen en naar een stripclub te gaan – veertig miljoen bezoekers per jaar. En rond die enorme geldstroom groeit de stad, in razende vaart. Sinds 1990 is het aantal inwoners van stad en buitenwijken gestegen van 852 duizend naar bijna twee miljoen.

‘Toen ik kwam, begon de woestijn naast de golfbaan’, wijst Rohret. Nu liggen er kilometers nieuwe woonwijken en winkelcentra. Behaaglijk gehouden met airconditioning, want het is hier regelmatig rond de veertig graden. Aan het einde, waar de droge grond oploopt naar de kale bergen, wordt een brug over de nieuwe ringweg gemaakt. Hier worden alvast de wijken ontsloten, die als de economie straks weer aantrekt, nog gebouwd gaan worden.

In het op de woestijn veroverde paradijs groeien palmen en allerlei planten. Die horen hier van nature niet. Want 350 dagen per jaar schijnt in Las Vegas de zon, en baadt de vallei in een onwerkelijk schel licht. Regenen doet het bijna nooit. Rohret kan de buien van dit jaar opnoemen: ‘Twee keer in februari, een keer in mei en een keer in september.’

Hij ziet de ongerijmdheid. ‘Niet ver hiervandaan leerde de NASA de eerste astronauten op de maan lopen. Ze oefenden er met het maanwagentje. Dit landschap zit het dichtst tegen de maan aan van alle plaatsen in Amerika. En daar bouwen wij golflinks.’

Het is allemaal mogelijk door Lake Mead, het gigantische stuwmeer, dat Amerikaans ingenieurs in de jaren dertig aanlegden. ‘Zonder de Hoover Dam, airconditioning en de maffia had Vegas nooit bestaan’, stelt Rohret. Drie kwartier over de maan rijden, en je staat op de dam, een indrukwekkend staaltje ingenieurskunst. Een heroïsch monument in de stijl van de jaren dertig eert de arbeiders die erbij overleden: ‘Zij stierven om de woestijn te laten bloeien.’

Uncle Sam
Hier werd de woeste Coloradorivier getemd, en kwam de droom uit van irrigatieprofeet William Smythe. ‘Als Uncle Sam met zijn hand naar de woestijn wuift en zegt ‘Laat er water zijn!’, weten we dat de stroom zijn gebod gehoorzaamt’, schreef hij in 1900 in zijn boek De verovering van droog Amerika. Een plaquette aan de rotsen van de canyon legt de bezoekers uit: ‘Zonder Lake Mead en de Hoover Dam zouden de grote steden in Nevada, Arizona en Zuid-Californië niet kunnen bestaan. Dit legendarische project zal goed blijven doen tot in de verre toekomst, en het zuidwesten laten groeien en gedijen.’

Dat klopt, nu nog. Met het water van dit stuwmeer douchen ze in Phoenix, besproeien ze hun gazons in Los Angeles en irrigeren ze enorme landoppervlaktes om het hele jaar aardbeien en maïs te verbouwen. Toen Smythe schreef dat er plaats was voor ‘honderd miljoen mensen tussen de rivier de Missouri en de Stille Oceaan’, leek dat absurd. Nu liggen hier zeven van de tien grootste steden in Amerika.

Maar wie vanaf Hoover Dam een blik op het stuwmeer werpt, ziet een brede witte rand onder de chocoladebruine bergen, of ze lijden aan een gemene huidziekte. Aan een steiger die te hoog is geworden en nutteloos aan de rotsen hangt, is een ladder naar beneden bevestigd. Het waterpeil daalt snel. Bij de jachthaven staat de werkplaats waar de vis wordt schoongemaakt al honderd meter landinwaarts. ‘We gaan gauw varen, zolang het nog kan’, grapt een man die een aanhangwagen met zijn boot achteruit het water in rijdt.

Lake Mead is nu op de helft van zijn capaciteit. Het komt door de droogte, die in feite al tien jaar duurt. In de Rocky Mountains, waar de Colorado ontspringt, valt te weinig sneeuw. Volgens veel deskundigen is dat een gevolg van het broeikaseffect. De natuur gehoorzaamt Uncle Sam niet meer. De mensen, die het water decennialang als een vanzelfsprekendheid zagen, beginnen zich zorgen te maken. ‘Als Lake Mead opdroogt, hebben we in Las Vegas straks geen water meer’, zegt een vrouw die net uit haar bootje is gestapt.

Loopt Amerika hier tegen een grens aan? Dat is moeilijk voorstelbaar. Zoals Simon Schama in zijn boek The American Future schrijft, zijn natuurlijke begrenzingen er voor de Amerikanen altijd uitsluitend geweest om te overwinnen. ‘Amerika nodigde je uit het gevaar van de onbegrensde ruimte te omarmen, en zo een kans te krijgen om helemaal opnieuw te beginnen’, schrijft Schama. ‘In de Oude Wereld kende je je plaats. In de Nieuwe Wereld maakte je je plaats’.

Pioniersbloed
Grenzen aan de groei, daar hebben Amerikanen nooit over nagedacht. Politici die erover begonnen, zoals president Carter en presidentskandidaat Al Gore, werden half uitgelachen. De huidige president verpakt zijn ideeën over de noodzaak van alternatieve energiebronnen wijselijk in Amerikaans-patriottische retoriek over het veroveren van nieuwe gebieden, en trekt vergelijkingen met Kennedy’s raket naar de maan.

Vooral in het Westen stroomt het pioniersbloed de Amerikanen nog altijd door de aderen, zegt hoogleraar stedenbouwkunde Harvey Bryan. ‘Dit is altijd een open vlakte geweest. Jullie Europeanen leven binnen je grenzen, je rijdt in een paar uur je land uit. Amerikanen hebben een psychologisch probleem met grenzen. Die hebben ze nooit gekend.’

Dat leidt in zijn ogen tot spilzucht. ‘Het is krankzinnig dat wij in Arizona met zwaar gesubsidieerd water uit de Colorado katoen, alfalfa en maïs verbouwen. Dat zijn juist gewassen die heel veel water nodig hebben.’

Aan het watergebrek moeten de Amerikanen in het Westen nog wennen. Las Vegas, de droogste metropool van Amerika, is het verst. Hier dwingt de overheid burgers tot verantwoord watergebruik. Het is een voorproefje van wat veel steden te wachten staat als de droogte structureel wordt, zoals sommige klimaatdeskundigen voorspellen.

‘Hebbes. Op een verboden dag en ook nog eens op straat’, zegt Dennis Demera. Hij stopt zijn patrouille-SUV voor een huis op Campbell Circle. De automatische tuinsproeiers staan er op donderdag aan, terwijl deze buurt vandaag niet mag sproeien. De spuitkoppen staan ook nog eens verkeerd afgesteld, waardoor het kostbare water in de goot wegloopt.

Nadat hij in de computer heeft nagekeken of dit adres al eerder heeft gezondigd, grijpt Dennis zijn videocamera om de overtreding vast te leggen. Hij belt aan, maar niemand doet open, ook al staat er een auto voor de deur. Dennis hangt een ‘Water waste notice’ aan de deur om de huiseigenaar te waarschuwen . ‘Waterverspilling is verboden’, staat er op, met het dreigement van een boete boven op de waterrekening als de situatie niet permanent wordt gecorrigeerd. ‘We gaan over twee weken kijken op dezelfde dag’, legt Demera uit. Hij heet Water Waste Investigator, maar Las Vegas kent hem en zijn collega’s als ‘water cops’.

Opgevoed worden de inwoners van Las Vegas al jaren. Het waterdistrict zendt spotjes uit en houdt presentaties in kroegen, want vooral de mannen moeten worden bereikt. ‘Die begrijpen de sproei-installatie’ , zegt voorlichtster Nicole Lise. Veel huizen hebben een kastje aan de muur waarmee de gazonbesproeiing kan worden gereguleerd. Maar veel mensen weten niet eens hoe hun gazon ’s nachts wordt besproeid. ‘Ze zien dat gras alleen als ze hun auto in de carport zetten’, zegt Lise. Inwoners van Las Vegas kunnen zich herinneren dat tien jaar geleden overal in de stad een stroom water door de goten liep.

‘De mensen begrepen het gewoon niet. Als we hen in enquêtes vroegen waar het meeste water aan op ging, noemden ze de douche, omdat ze daar bij zijn’, zegt Doug Bennet, hoofd waterbesparing. In werkelijkheid wordt 70 procent van het kraanwater gebruikt voor de tuin. ‘En dat is weg, we kunnen het niet meer hergebruiken.’ Het water van wasmachines en wc’s wordt gezuiverd en gaat terug naar de Colorado River. Bijna iedere druppel die binnenshuis vloeit, wordt zo hergebruikt. Dus de honderduizenden hotelkamers en de nep -Venetiaanse grachten op The Strip zijn niet de grote boosdoeners, legt Bennet uit. Hij heeft wel een frontale aanval gedaan op wat Schama ‘de heiligste oorden van het Amerikaanse leven’ noemt: het gazon en de golfbaan. Het gaat erom zo veel mogelijk gras weg te krijgen, want dat heeft het meeste water nodig.

Woestijnplantjes
Nieuwe huizen mogen in hun voortuin alleen nog maar doen aan ‘water smart gardening’: tegels, stenen en woestijnplantjes die weinig water nodig hebben. Dat kan er ook best aardig uitzien. De achtertuin mag nog voor de helft gras zijn. Mensen die al een gazon hebben maar er zo’n woestijntuintje van maken, krijgen van de Water Authority subsidie: ongeveer 3,50 euro per vierkante meter. Dat dekt meestal de kosten van de herinrichting. Ook de golfbanen krijgen subsidie om gras weg te halen waar niet wordt gegolfd. Van de veertig golfbanen in Las Vegas doen er 25 mee. 42 miljoen vierkante meter grasland is inmiddels geconverteerd.

Het resultaat is er naar. In de meeste goten van Las Vegas lopen geen waterstroompjes meer. Binnenshuis zijn veel kranen en installaties verbeterd. In het kantoor van de Water Authority, hoog boven Las Vegas, laat Bennett trots zijn kleurige grafieken zien. Het watergebruik in het zuiden van Nevada is tussen 2002 en 2008 licht afgenomen, met 76 miljard liter. ‘Dat terwijl de bevolking in dezelfde periode is gegroeid met 400 duizend mensen.’ Het meest is hij geholpen door de droogte, die veel mensen bewust heeft gemaakt van het probleem. ‘Uiteindelijk moeten de mensen zelf leren spaarzaam te zijn, dat heeft het meeste effect.’ Per hoofd gebruikten de inwoners van Las Vegas twintig jaar geleden 1.314 liter water. Nu is dat 943, en het moet in 2035 van de water Authority 753 worden (in het natte Nederland gebruiken mensen maar 128 liter per dag).

Zou het niet veel water besparen als die bevolkingsaanwas van Las Vegas eens zou stoppen? ‘De deur op slot is niet realistisch’, zegt Doug Bennett. ‘Het is juist mijn taak om het water efficiënt te gebruiken, zodat we meer inwoners kunnen herbergen.’ De mensen, zegt Bennett, zullen altijd zijn waar de economische groei is. ‘Het heeft zin om hier te zijn. Je zegt toch ook niet dat Chicago niet mag bestaan, omdat het daar te koud is? Weet u hoeveel het kost om ‘s winters al die huizen te verwarmen?’ Hij verwacht dat Las Vegas doorgroeit tot 3,5 miljoen inwoners over 25 jaar.

Steeds nieuwe golven Amerikanen komen naar Las Vegas, en velen zeggen dat het voor het mooie weer is. Zoals Bill Rohret van de Angel Park golfbaan. Hij is wel anders gaan denken. ‘Toen ik kwam, was het stuwmeer vol en het water goedkoop. Het kwam niet eens in je op eraan te denken.’ Nu rijdt hij rond in zijn elektrische golfwagentje en laat trots zien hoeveel gras er al weg is. ‘Twintig jaar geleden hebben we de woestijn hier met dynamiet en bulldozers omgetoverd in gras. Nu doen we precies het omgekeerde.’ zegt hij.

Rohret geeft toe dat gras weghalen met subsidie niet zozeer uit idealisme gebeurt, maar eerder een zakelijke investering is. De waterrekening is tonnen lager. ‘En als milieuactivisten roepen dat alle golfbanen dicht moeten, kunnen wij laten zien dat we er wat aan doen.’

Zoals iedereen in Las Vegas is Rohret van elders gekomen, uit Iowa, waar ’s winters sneeuw ligt en het bitter koud is. Zijn vader kwam een keer op bezoek, zag de woestijn en zei dat ‘God ons niet bestemd heeft om hier te wonen’. Maar Rohret is dik tevreden in Las Vegas. ‘Ik zag als kind altijd op televisie hoe mensen in Los Angeles met Kerstmis in de zon hun gazon maaiden. Dat wilde ik ook.’ Hij haalt thuis zijn gras niet weg. Elk jaar laat hij zijn vrouw dan een foto maken waarop hij het gazon maait. Die stuurt hij naar zijn familie in Iowa om ze de ogen uit te steken. ‘Ze haten me erom, maar ik doe het lekker toch.’

Het is misschien niet waar de bouwers van de Hoover Dam aan dachten toen ze ‘de woestijn tot bloei’ brachten. Maar Rohrets verhaal maakt ook duidelijk: zolang er nog water is, zullen er Amerikanen naar het Westen trekken, al is het maar om met Kerstmis hun gazon te maaien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden