Laat de echte vernieuwers de bureaucratie bestieren

Het Alternatief voor Vakbond mokt, omdat het als gesprekspartner wordt gepasseerd, maar zit het AVV zichzelf niet in de weg?...

In de Volkskrant van 12 september mochten de niet meer zo piepjonge Martin Pikaart (41) en Mei Li Vos (40) nog eens vertellen van hun nobele initiatief. Zij richtten vijf jaar geleden de (jongeren)vakbond AVV op om de strijd aan te gaan met de, in hun ogen, grote schuldige in het remmen van de vaart der volkeren: de FNV.

Met stevige zelfoverschatting bestegen ze de barricades. Om nu eerlijk te concluderen dat ze in hun jeugdig enthousiasme de kracht van het systeem gruwelijk hebben onderschat.

Het rotsvaste idealisme van Pikaart en Vos is van het charmante soort. Het bracht nieuw elan in de door hun eigen succes in slaap gesukkelde grootmachten van de polder. Over stijlfiguren valt vervolgens te twisten. De pruilende, stampvoetende kleuter appelleerde nooit aan mijn opvattingen van de goede smaak. Dat er nauwelijks resultaten te benoemen zijn, hebben de oprichters meer aan hun driftkoppenimago te danken dan aan het sluiten der rijen.

Toch deel ik de opvatting dat het tempo van moderniseren te laag ligt, dat de urgentie nauwelijks wordt gevoeld en dat de vertegenwoordiging bepaald niet representatief is. Vos en Pikaart wijten dit aan een gebrek aan democratie en aan de behoudendheid van de gevestigde partijen. Waarbij aan te tekenen valt dat van een gebrek aan democratie in dit geval bepaald geen sprake is. Dat een clubje met amper 1.500 leden geen plek krijgt aan welke poldertafel ook is in alle redelijkheid verdedigbaar.

Het AVV claimt dat de polderbazen van nu ongeschikt zijn voor de uitdagingen waar we voor staan. Om vervolgens zichzelf als alternatief op te werpen. In de polder, aan de tafels, bij de fondsen. Ze diskwalificeren het systeem, maar slechts met de bedoeling er deel van uit te mogen maken.

Het AVV doet een greep naar de macht. En daar zit precies het probleem. De polder verandert niet door een Mei Li Vos meer of een Martin Pikaart minder. De polder verandert ook niet door jongerenvertegenwoordigers en vertegenwoordigers van zelfstandigen. Althans, niet snel genoeg.

De polder is een groot, extreem gelaagd bureaucratisch apparaat met raden, fondsen, besturen en gelegenheidsclubjes. Er is medezeggenschap tot in elke haarvezel van het bedrijf. Al die inspraak is geformaliseerd. De kroon op die formalisering is de Sociaal Economische Raad. Het systeem an sich is prachtig, maar in werkelijkheid kunnen een paar dwarsliggers de raderen blokkeren. Een andere nadelige eigenschap van dat raderwerk is dat het een fluisterspel kan worden. Dat effect wordt niet zelden versterkt door de media, wanneer er uit gevoelige onderhandelingen zonder enige nuance informatie naar buiten wordt gebracht. Zo eindigt een poging om het ontslagrecht te moderniseren vanzelf in een poging het ontslag af te schaffen, en zet iedereen zijn hakken in het zand.

De traagheid van deze organisatievorm geldt allerminst exclusief voor de polder. Het maakt slechts duidelijk wat ook in andere organisaties duidelijk wordt: dat bureaucratie en innovatie slechts te verenigen zijn als de deuren opengaan en de innovators de bureaucratie bestieren. Niet voor niets bleek het innovatieplatform met de beste bedoelingen juist het obstakel voor zijn eigen bestaansrecht, zoals Frans Nauta openhartig beschrijft in zijn boek Het Innovatieplatform.

Dan is er de methodiek van het onderhandelen. Er zijn go’s, er zijn no-go’s en er is een schemergebied. In tijden van crisis gaan echte vernieuwingen altijd ten onder aan urgentere zaken en aan tijdsdruk. Onderhandelen is tweedimensionaal, evenals het debat en de manier waarop de publieke opinie wordt vormgegeven. Per definitie polemisch. Het systeem vertoont een chronisch gebrek aan opties om de nuance te vinden en om innovaties te ontdekken. Joris Luyendijk verwoordde dit fenomeen treffend aan het slot van zijn experiment met kwaliteitsjournalistiek onder de veelzeggende titel Inzicht en Frustratie. Het systeem heeft een extra dimensie nodig, het heeft niets aan het volgende belangengroepje dat zich adaptief gedraagt.

Tot slot is er het gebrek aan uitvoeringskracht. Abstracte bewoordingen die terugvertaald worden naar concrete afspraken zijn onderhevig aan interpretatieverschillen. Bovendien worden de oorspronkelijk plannen vervormd door praktische bezwaren, personele overwegingen, de moeilijkheidsgraad en vooral de waan van de dag. Wat bedoeld was als een grote sprong voorwaarts kan zo in de uitvoering veranderen in stupide geldverkwisting. Door al die lagen en belangen sijpelt de verantwoordelijkheid weg en verdwijnen urgente zaken vanzelf naar de achtergrond.

Met het AVV en andere clubjes wordt de polder niet moderner. Die modernisering komt van machthebbers die de noodzaak inzien, die het lef hebben de macht uit handen te geven en die hun kop op het hakblok durven te leggen om echte vernieuwers de ruimte te geven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden