100 jaar volkskrantaflevering 3

Kwetsen was nog geen journalistiek thema in 1985

Hoe ging de krant de afgelopen 100 jaar om met groot nieuws? Vandaag: Hugo Brandt Corstius en de P.C. Hooftprijs van 1985.

Sander van Walsum
De Volkskrant van 13 februari 1985 Beeld de Volkskrant
De Volkskrant van 13 februari 1985Beeld de Volkskrant

‘Een columnist heeft de plicht een minister belachelijk te maken, als hij daar aanleiding toe geeft. Een minister heeft de plicht een prijs uit te reiken als een jury die toekent. Ik hield me aan mijn plicht, de minister niet.’ Zo luidde het bondige commentaar van schrijver/columnist Hugo Brandt Corstius (1935-2014) op de weigering van Elco Brinkman, CDA-minister van Cultuur in de eerste twee kabinetten Lubbers, om de P.C. Hooftprijs 1985 aan hem toe te kennen.

De jury, onder leiding van de filosoof Cornelis Verhoeven, had Brandt Corstius unaniem voorgedragen – ofschoon de beoogde laureaat Verhoeven eerder nog ‘een Roomse gluiperd’ had genoemd. Bij de voordracht legde de jury de nadruk vooral op het literaire werk van Brandt Corstius, en minder op de columns – die hij schreef onder de pseudoniemen Piet Grijs, Stoker, Raoul Chapkis, Jan Eter en Battus. Maar als columnist genoot hij een grotere naamsbekendheid, en was hij ook meer omstreden vanwege zijn feilloze beheersing van het argumentum ad hominem: het bestoken van opponenten met persoonlijke diskwalificaties.

Methode Brandt Corstius

De bekendste slachtoffers van de methode Brandt Corstius waren de Leidse criminoloog Wouter Buikhuisen, die stelselmatig als naziarts was weggezet, en minister van Financiën Onno Ruding, die hij met niemand minder dan Adolf Eichmann had vergeleken. Brandt Corstius had het kwetsen tot instrument gemaakt, constateerde Elco Brinkman dan ook. Om die reden meende hij de voordracht van de jury naast zich neer te mogen leggen.

De vaderlandse pers – de Volkskrant voorop – dacht daar anders over. De P.C. Hooftprijs was weliswaar een staatsprijs (nog wel), maar dat gaf een minister nog niet het recht om een particuliere, en naar het oordeel van de Volkskrant, benepen opvatting over cultuur te laten prevaleren boven die van een vakjury. Dagenlang droeg de Volkskrant dit standpunt met grote overgave uit: in nieuwsberichten, interviews met betrokkenen, commentaren, analyses en in de rubriek Dag in Dag uit.

Thorbecke

Ter bekrachtiging van het principiële argument werd Thorbecke aangeroepen – die had bepaald ‘dat de Staat geen oordelaar mag zijn van kunst’. Maar van de redacteuren en huiscolumnisten leek zich ook de geest van Piet Grijs en Stoker te hebben meester gemaakt. In de handelwijze van Brinkman klonk ‘een ranzig soort politieke opinie’ door, meende de een. Als het op kwetsen aankomt, was Hugo Brandt Corstius een kleine jongen in vergelijking met elk individueel lid van het kabinet, oordeelde een ander. ‘Wantrouw godsdienstigen’, schreef een derde, in navolging van Brandt Corstius. ‘Ze zijn volstrekt amoreel omdat ze zich door God speciale instructies kunnen laten geven.’ Jan Blokker zag Brinkman als belichaming van ‘domme arrogantie, gecoiffeerd met een jongenslokje’ en behept met een ‘kleine farizeeërsrancune.’

Als er in februari 1985 al mensen waren die het optreden van Brinkman konden billijken, ontbraken die in de kolommen van de Volkskrant. Het enige tegengeluid was afkomstig van een lezer die er zijn treurnis over uitsprak dat de goedmoedige tekeningen van Wibo op de voorpagina hadden moeten wijken voor de ‘nare stukjes’ van Stoker. Op de inhoudelijke argumenten van Brinkman ging verder niemand in. Want kwetsen? Dat werd pas decennia later een journalistiek thema.

Lees meer uit deze serie:

Aflevering 1: De Russen: dat waren de booswichten in januari 1940.

Aflevering 2: Het slachtoffer van de Watersnoodramp had nog geen stem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden