Kwajongen met ijzeren wil tot winnen

BLOEMENDAAL - Hockey play-offs

Bloemendaal - Rotterdam 1-0

Hij loopt al naar de 50. Is vader van twee pubers. Maar Floris Jan Bovelander zal altijd Floppie blijven voor Bloemendaal. Een kwajongen met de lach aan zijn kont, het uithangbord van de club, het symbool van eeuwige clubliefde. En hard op weg de redder van de club te worden.


Tegen Rotterdam in de openingswedstrijd van de play-offs (1-0) zat hij woensdagavond voor de eerste keer in zijn leven op de bank als hoofdcoach. Hij vond het grappig en leuk. Zag er een uitdaging in om er met zijn assistent Andy Citroen iets van te maken. Hij werd gesouffleerd door Teun de Nooijer. Door een voetblessure was de recordinternational niet in staat tot spelen, maar wel om als tweede assistent te fungeren.


Een dag eerder gaf Floppie (46) na enige bedenktijd zijn jawoord om Bloemendaal als interim-coach door de play-offs te loodsen. Hij volgde Dave Smolenaars op die twee dagen voor de nacompetitie door de club werd ontslagen.


'Vervelend en zuur voor Dave met wie ik jaren gespeeld heb, maar het clubbelang woog het zwaarst. Ik zat niet op deze functie te wachten', vertelde hij, 'maar nu ik er in zit, vind ik het wel mooi. Ik ben een dagje bezig met de ploeg en ik moet eerlijk zeggen dat ik het bijzonder leuk vind.'


Hij was verrast dat de club bij hem terechtkwam. 'Dat was in eerste instantie een schok. Ik had er totaal niet op gerekend. Maar ik moest toegeven dat ik voor deze korte termijn eigenlijk de geschiktste kandidaat was. Ik ken de club, ken de jongens, ken de speelstijl en zij kennen mij. Voor een kortlopend, vrij hectisch traject als de play-offs is dat ideaal. '


Ervaring als hoofdcoach bezit hij niet. Als speler werd hij gevreesd om zijn verwoestende strafcorner. In het veld stond hij bekend als het kanon met het engelengezicht, als Boem Boem Bovelander, daarbuiten als een tweede Pietje Bell: altijd in voor een geintje, een dolletje.


Na zijn actieve loopbaan, met als hoogtepunt olympisch goud in Atlanta 1996 en zes landstitels met Bloemendaal, was hij onder bondscoach Joost Bellaart (2001-04) een jaar assistent-trainer. Na die periode haakte hij af. Hij vond meer plezier met zijn broer Jeroen in hun bedrijf Bovelander & Bovelander, gespecialiseerd in het organiseren van hockeykampen en -clinics voor de jeugd en bedrijfsevenementen. 'Ik zie wel dingen langs de kant, hoor ', zei hij met een twinkeling. 'Ik heb wel verstand van het spelletje. En wat ik mis, bezit Citroen wel of anders De Nooijer.'


Dinsdagavond zat hij al rond de tafel met de kleine, harde kern van de selectie. Een dag later besprak hij zijn ideeën voor de wedstrijd met Citroen en De Nooijer. Daarna ging hij aan tafel met de complete selectie om de groep in te lichten over de strategie. 'Ik heb duidelijk gemaakt dat ik hier niet sta om te spelen om de derde plaats. Ik wil kampioen worden, daarom doe ik het. Als is de blessure van De Nooijer een streep door de rekening. Ik moet de ploeg weer aan de praat krijgen, het chagrijn moet er uit.'


Aan inzet ontbrak het Bloemendaal niet woensdag. Maar de ploeg ontbeerde het vernuft van De Nooijer en werd zelden echt gevaarlijk. Tien minuten voor het einde kreeg het loon naar werken door Eby Kessing die in de rebound van de eerste strafcorner toesloeg, 1-0.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden