Kusjes van straatarme weeskinderen

Het snerpende geluid van een sneeuwstorm giert door Iraans Koerdistan. De wind ontziet niets en niemand. Het is ijskoud. Luxe ontbreekt....

Een tijd voor dronken paarden heeft meerdere gezichten. De vertelling, over straatarme weeskinderen, heeft veel schaduwzijden. Dat is voor debuterend regisseur Bahman Ghobadi geen reden een zwaarmoedige film te maken. De gure wind en de loerende scherpschutters zijn dominant aanwezig, maar de kusjes die de kinderen elkaar geven - als steun, of gewoon uit genegenheid - voeren de boventoon. Het verdriet legt het af tegen de vrolijke kleuren van de doeken die de vrouwen dragen.

Bahman Ghobadi houdt van getourmenteerde mensen. De heldenrollen zijn gereserveerd voor vijf kinderen. Hun moeder is overleden toen de kleinste werd geboren, en papa komt om als hij tijdens een smokkeltocht op een landmijn stapt. Ayoub, nog niet eens een puber, dient voortaan voor het gezin te zorgen, van wie Madi het grootste probleem is: de lichamelijk gehandicapte jongen moet worden geopereerd om een snelle dood te vermijden.

De strijd van Ayoub wordt op documentaire wijze in beeld gebracht. Cameraman Saed Nikzat volgt de jongen van nabij. De transporten door de sneeuw, die Ayoub moet maken om de operatie van zijn broer te bekostigen, worden met schokschouderende camera vastgelegd. Neo-realisme in Iran, compleet met amateur-acteurs, gecast op hun alledaagse, natuurlijke charme. Ghobadi, ook verantwoorlijk voor het script, heeft het onderscheid tussen zijn en spelen zo goed als opgeheven.

Een vertelling over kinderarbeid is per definitie politiek geladen. De pogingen van Ayoub om geld voor zijn broers en zussen te vergaren, laten zich dan ook in eerste instantie lezen als een portret van een maatschappij die zijn prioriteiten niet kent. Voor die boodschap heeft Ghobadi geen grote woorden nodig. Hij laat gewoon een groep zwaarbepakte kinderen zien, afgewisseld door torsende pakezels. Goedkope krachten onder elkaar.

Pijnlijk is ook het vertrek van het oudste zusje Rije. Zij wordt uitgehuwelijkt aan een Irakees, onder de voorwaarde dat diens familie de zorg voor Madi overneemt. Die belofte wordt gebroken zodra het meisje zich meldt bij haar schoonfamilie. De moeder van de bruidegom - 'ik moet al voor tien kinderen zorgen' - weigert Madi te verplegen. Zij koopt de afspraak af met een pakezel.

De aantrekkingskracht van Een tijd voor dronken paarden is Ghobadi's vermogen het hardvochtige bestaan van de weeskinderen op gloedvolle wijze te verbeelden - zonder te drammen of te patroniseren. In elke scène is er wel iets te zien dat beklijft; de zwalkende ezels, dronken gevoerd om tijdens smokkeltochten de kou aan te kunnen; de ongelooflijke snelheid waarmee werkende kinderen spullen inpakken; de vanzelfsprekendheid waarmee Ayoub zijn zieke broer over de bol aait, als een vader die zijn kind koestert.

Een tijd voor dronken paarden, op diverse filmfestivals gelauwerd, wordt nooit te machtig. Dogma's over hemel en hel hebben op Ghobadi geen vat. Een kus op de wang - dáár draait het in deze ontroerende film om. Bemoedigende schouderkloppen hebben een grotere dramatische kracht dan de geweerschoten die in het gebergte klinken.

Ghobadi is een volhardende optimist. De almaar de adem afsnijdende storm belet de kinderen niet te zingen. 'Het leven maakt me ouder', klinkt het opvallend opgetogen vanuit een vrachtwagen die hen van werkplek naar negorij vervoert. Toegegeven - het is minder vrijblijvend dan 'Let's get Loud' van Jennifer Lopez, maar zingende kinderen blijven zingende kinderen. Net zoals in Een tijd voor dronken paarden trouw en liefde zichzelf blijven, de armoede, mijnen en scherpschutters ten spijt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden