Kunsthandelaren gedaagd

Auteursrechtenorganisatie Pictoright daagt twee kunsthandelaren voor de rechter wegens het achterhouden van vergoedingen.

AMSTERDAM - De strijd om het volgrecht tussen kunsthandel en beeldrechtenorganisatie Pictoright begint onvriendelijke trekken te krijgen. Pictoright heeft rechtszaken aangespannen tegen de kunsthandelaren Peter Pappot en Frank Buunk omdat die openheid over verkochte werken zouden weigeren. De handelaren zeggen dat Pictoright onterecht claims oplegt en zetten vraagtekens bij de integriteit van de organisatie.


Volgens het volgrecht moeten kunsthandelaren bij verkoop van een kunstwerk dat meer dan 3.000 euro oplevert een percentage afstaan aan de kunstenaar of diens erven. Uitzondering zijn werken van kunstenaars die meer dan zeventig jaar geleden zijn overleden. Auteursrechtenorganisatie Pictoright int deze rechten voor veel kunstenaars en houdt daarom de verkopen bij.


Pictoright verdenkt Pappot van het achterhouden van de verkoop van acht kunstwerken van onder andere Kees van Dongen. Pappot ontkent dit. In Het Parool noemt hij de dwangsommen die Pictoright hem heeft opgelegd 'chantage'. 'Niets klopt van wat ze willen', reageert hij vanaf zijn vakantieadres. Bovendien moet Pictoright eerst maar bewijzen dat ze namens de erven Van Dongen zijn gemachtigd, vindt hij.


Tot vorig jaar had Pappot weinig te maken met het volgrecht, de vergoeding op doorverkoop van kunstwerken. Hij handelt voornamelijk in werken van overleden kunstenaars. Maar sinds 2012 vallen die, mits ze minder dan zeventig jaar geleden zijn overleden, ook onder het volgrecht.


Pictoright baseert haar claims op bezoeken die de organisatie bracht aan kunstbeurzen en door de websites van handelaren in de gaten te houden. 'Dat een werk eerst wel op mijn site stond en daarna niet meer, betekent niet automatisch dat ik het heb verkocht', zegt Pappot. Vooralsnog weigert hij inzage te geven. Uit principe maar ook vanwege de privacy van zijn kopers. Pictoright heeft hem daarop op 31 maart gedagvaard. Omdat Pappot niet is komen opdagen, heeft de rechter hem bij verstek veroordeeld tot het betalen van dwangsommen.


Volgens Vincent van den Eijnde, directeur van Pictoright, huilt de kunsthandel krokodillentranen. 'De heer Pappot heeft vijf brieven van ons gekregen, maar nooit van zich laten horen.' Officiële rechtbankverslagen bevestigen dat. Pictoright denk dat hij bewust verstoppertje speelt om de inning van het volgrecht te frustreren.


Chris Hellingman, de advocaat van Pappot, spreekt dat tegen. 'Vier van die vijf brieven waren heel algemeen en naar alle kunsthandelaars gestuurd.' Volgens hem wist Pappot helemaal niet wat Pictoright was. Dat zijn cliënt bij de zitting niet is komen opdagen noemt hij 'onhandig'.


Achtergrond van het conflict is dat de volgrechtwet in 2006 in Nederland weliswaar is ingevoerd, maar dat richtlijnen voor de uitvoering ervan, lees de inning, volledig ontbreken. Iedere kunstenaar mag dat voor zichzelf doen. De meesten hebben dat uitbesteed aan Pictoright, maar niet alle. Daarnaast is de handelaar niet verplicht actief achter rechthebbenden aan te gaan.


Nu ook overleden kunstenaars binnen het volgrecht vallen, is het alleen maar complexer geworden. Wie de erven zijn, is soms lastig vast te stellen. Ook vallen sommige kunstenaars erbuiten omdat ze te lang in het buitenland hebben gewoond. Maar volgens Pictoright is het in 99 procent van de gevallen duidelijk. 'Ze grijpen die een procent aan om er onder uit te komen', zegt Van den Eijnde.


Inhoudelijk is er nog geen uitspraak over de zaak gedaan. Mocht Pappot alsnog gelijk krijgen, kan hij de dwangsommen van 50.000 euro terug krijgen. Het verweer van zijn advocaat zal zich niet richten op het volgrecht zelf (volgens Pappot 'een gedrocht'), maar op de vraag of Pictoright eerst moet bewijzen dat zij namens de erven mogen innen. De zaak dient in november.


Volgrecht


Het in 2006 ingevoerde volgrecht bepaalt dat kunstenaars recht hebben op een vergoedingvan 4 procent als hun werk wordt doorverkocht. De maximale vergoeding is 12 duizend euro per verkocht werk. In Nederland geldt de relatief hoge drempel van 3.000 euro. Over minder hoeft geen volgrecht te worden betaald. Belangenverenigingen van kunstenaars lobbyen in Den Haag om die drempel te verlagen naar duizend euro. De kunsthandel vreest echter voor verplaatsing van de handel naar landen zonder volgrecht. In 2012 werd naar schatting 1,1 miljoen euro uitgekeerd aan kunstenaars en erven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden