Kunstenaar en kleermaker

In twee zalen presenteert Het Drents Museum het werk van couturier Frans Molenaar: foto's van dertig jaar mode en een zaal met zijn nieuwste oeuvre: glasobjecten....

BROODJE Frans Molenaar - warme pistolet of ciabatta naar keuze met een gebakken ei, kaas en tomaat (¿ 7,50).

Het Drents Museum in Assen is niets te dol om de aandacht te vestigen op de tentoonstelling 'Frans Molenaar Design, vormgeving in mode en glas', die afgelopen zondag is geopend. De argeloze bezoeker die in het Drents Museum naar het veenmeisje komt kijken of naar een stukje hunebed, kan na het nuttigen van de pistolet doorlopen naar de twee zalen die het oeuvre van couturier Frans Molenaar belichten. Eén zaal hangt vol foto's die 30 jaar Molenaar-mode omvatten (haute couture), in de andere staan vazen die onlangs door hem zijn ontworpen (haute verrerie).

Molenaar leeft namelijk niet meer voor mode alleen, maar heeft nu ook een fascinatie voor glas - vazen en drinkglazen en later ook sculpturen. Volgend jaar wil hij serviezen gaan ontwerpen. Een Molenaar-jurkje is over vijftig jaar waarschijnlijk vergaan, maar de vaas San Remo (¿ 5900,-) of Rimini (¿ 3900,-) zal dan nog niets van zijn helderheid en kleur hebben verloren. Ze zullen de naam Molenaar in ere houden, wie weet zelfs eeuwigheidswaarde geven. Ze zullen grote huiskamers sieren in Amsterdam-Zuid of in 't Gooi en ze zullen de pronkstukken zijn in het Glasmuseum Leerdam.

Voor de opening van de tentoonstelling had Molenaar een bus geregeld die zijn vrienden en vaste klanten van Amsterdam naar Assen vervoerde en - godzijdank volgens velen - ook weer terug. Conny Stuart, Connie Palmen, Hans van Manen en een groot aantal chique dames zaten in die bus, commissaris Nordholt en kunstenares Marthe Röling waren op eigen houtje gekomen. Hans Wiegel en Relus ter Beek spraken Molenaar toe, Paul de Leeuw mocht het eerste exemplaar van het boek Frans Molenaar Design overhandigen. Na de opening bood Molenaar zijn gasten een diner aan in de museumtuin.

Een dag later zit de couturier in zijn eigen huis nog wat na te genieten tussen vele boeketten - voornamelijk witte lelies. 'Ach ja, en dan zijn er altijd weer mensen die zeuren dat ik die bekende Nederlanders gebruik ter meerdere glorie van mezelf. Wat een onzin! Met Hans Wiegel en zijn vrouw ben ik al lang bevriend, met Paul de Leeuw ook, die ken ik van acht jaar geleden toen we samen in Sterrenslag zaten. Ik wilde hem er per se bij hebben omdat hij niets met mode heeft. Conny Stuart komt al heel lang bij me, en ook al koopt ze maar één keer in de vijf jaar iets nieuws, Conny hoort er op zo'n middag bij.

Ik apprecieer hun werk en zij het mijne. Als Hans van Manen een nieuw ballet heeft, ga ik daar heen, ik lees de nieuwe roman van Connie Palmen. Nordholt vindt het gewoon leuk bij dit soort dingen te zijn. Maar er zaten ook een neef en een nicht van me in de bus, allebei in de tachtig. We hebben tijdens de rit koffie geserveerd en broodjes die mijn assistente zelf heeft gesmeerd en belegd. Ik organiseer zo'n dag niet om duur te doen.'

Molenaar exposeerde al eerder zijn glasdesign, in 1995 in het Glasmuseum Leerdam. Daar werden ook de eerste contacten gelegd met het Drents Museum, dat met spraakmakende exposities probeert te concurreren met het populaire Groninger Museum. Dat Molenaar met glas werkt, heeft niets te maken met de trend dat steeds meer bekende Nederlanders ineens gaan schilderen of zich anderszins creatief uiten. 'Welnee, het is geen modegril, ik ben al dertig jaar verzot op glas, ik hou vooral van het glas van Venini. Ik ga vaak naar Venetië, een heerlijke stad, en struin daar de galeries af. Dat kan ik ook, dacht ik vaak als ik die vazen zag, of soms zelfs: dat kan ik beter. Een paar jaar geleden kwam ik in contact met de nieuwe directeur van het Glasmuseum Leerdam die wel eens wat nieuws wilde. Zij heeft mij gevraagd vazen te gaan ontwerpen. Glas is trouwens in, ik was laatst in Parijs en zag dat Gucci ook al in glas doet.'

Wie denkt dat aan het ontwerpen van vazen een zenuwslopend creatief proces voorafgaat, heeft het mis. Zo af en toe gaat Molenaar een paar dagen naar Leerdam, maakt onderweg wat schetsen die vervolgens ter plekke worden uitgevoerd door glasblazers van de glasfabriek Royal Leerdam. Een kind kan de was doen, zou je zeggen, maar zo simpel is het nu ook weer niet. Het gaat om het kiezen van de juiste kleuren, de juiste helderheid van het glas en natuurlijk de vormgeving - in dit geval mooie vloeiende lijnen en een strakke vorm, zonder enige poespas. 'Eén ding kunnen ze niet in Leerdam: glas blazen in knalrood. Daarom ga ik in november naar Murano bij Venetië om rode sculpturen te maken. Ze zijn daar heel enthousiast en in januari komt er een expositie in het museum Van der Togt in Amstelveen.'

Exposeren is leuk, maar verkopen nog leuker, want hoe creatief hij ook is, Molenaar blijft een zakenman en hoofd van een bedrijf waar twintig mensen werken. In Assen werden tijdens de openingsmiddag zes vazen verkocht met een gemiddelde prijs van vijfduizend gulden. De in serie gemaakte vazen (tussen 250 en 600 gulden) zijn binnenkort te koop bij de chique servieswinkels van Focke & Meltzer. 'Nee, ik wil niet dat mijn vazen bij Blokker staan. Mijn herencollectie hangt ook niet bij C & A, maar bij De Bonneterie. Die exclusiviteit gun ik mezelf. Ik vind vijfduizend gulden voor een unicum overigens niet duur, voor een echte Copier betaal je minstens twintigduizend. Wat dat betreft ben ik nog maar een beginnertje. Rijk zal ik er trouwens niet van worden, ik heb er al zo veel in geïnvesteerd.'

Zou het hem strelen als straks een mevrouw in 't Gooi tegen haar visite zegt: 'Kijk, daar staat een echte Molenaar op het dressoir'? Ja, maar de ontwerper hoopt vooral dat de vazen gebruikt zullen worden, dat er bloemen in komen, liefst paarse en lila of desnoods witte tulpen - en wat kost tegenwoordig nou een bosje tulpen? Het Drents Museum noemt Frans Molenaar inmiddels al in een adem met de kunststroming De Stijl, met Rietveld en Mondriaan. Hoewel hij dit zelf nooit bedacht zou hebben, snapt hij het wel. Hij voelt zich immers duidelijk een kunstenaar en niet een ambachtsman. Kunstenaar én kleermaker, dat wel, want de techniek van het vak beheerst hij tot in de afwerking van een knoopsgat.

'Ik ben in elk geval een creatief mens. Dat voel ik zelfs als ik sta te koken of mijn kamer inricht. Ik heb, door mijn ogen gezien, een fiets ontworpen met hoogglanzende zwart lak, veel chroom en echt leer. Uit twintig bellen en twaalf sturen kies ik dan de juiste, leuk halogeenlampje erop, mooi dynamootje erbij, klaar. Zo kleed ik ook vrouwen, ze moeten zich mooier voelen. Een dikke vrouw die er toch goed uit wil zien, trek ik geen strak pak aan. Haar kleding moet bewegen, dan zie je die vormen minder bubbelen. Ik wil mensen mooier maken, dat is mijn roeping, het leven mooier maken.'

De zaken gaan zoals hij het zelf zegt op het moment 'waanzinnig goed'. Couture mag weer, klanten genoeg, de herenconfectie is een succes en hij verdient ook leuke bedragen aan het ontwerpen van bedrijfskleding voor onder meer Albert Heijn en Heineken. De halfjaarlijkse modeshows zijn zijn visitiekaartjes. 'De Bijenkorf adverteert een paar keer per jaar en ik geef heel kostbare shows met prachtige kleren in een toplocatie met topmeiden. Als ik dan de stukjes in de krant daarover lees, denk ik: zo, anderen kunnen beter schrijven dat je goed bent dan dat je dat zelf gaat roepen.'

Molenaar is in tegenstelling tot veel van zijn collega's tevreden over hoe er in Nederland over mode geschreven wordt. Vooral Pauline Terreehorst van de Volkskrant en Fiona Hering van De Telegraaf acht hij hoog, maar het contact met de dames is dan ook goed. In juni van dit jaar zijn ze gedrieën zelfs een weekje naar Parijs geweest, alle shows afgelopen. Enig was het. De vraag of de dames nu ooit nog kritisch over hem kunnen schrijven, wordt niet begrepen dan wel als overbodig beschouwd. 'Het is best nuttig hoor, zo'n reisje. Bij Yves Saint Laurent zagen we een sabeljas met daaronder een jumpsuit. Die combinatie heb ik al een tijdje klaar hangen voor mijn volgende collectie. Dat heb ik de dames dus meteen verteld, zodat ze straks niet schrijven dat ik van Saint Laurent pik.'

Mode en commercie grijpen steeds meer in elkaar, maar een wasmiddel aanprijzen, zoals Frank Govers deed, zou hij nooit doen. Dat zou niet bij hem passen, daar is hij de man niet naar. Motorola, een firma die zaktelefoons maakt, wilde voor de laatste show een aardig bedrag neertellen. Daar heeft hij wel dankbaar gebruik van gemaakt door het bruidje vanaf de catwalk naar haar vermiste bruidegom te laten bellen. Achter een stand staan en kaviaar of wijn aanprijzen, of roepen dat die Gouda kaarsen zo modieus branden, nee, dat gaat hem te ver.

'Frank móést dat wasmiddel wel doen, om zijn couture te kunnen betalen, want hij wilde geen bedrijfskleding doen. Frank haalde zijn neus op voor een stewardess, terwijl ik vind dat dat kind dat acht uur achter de kassa van AH zit best een leuk jasje aan mag. Het is helemaal geen schande om dat jasje te ontwerpen.

'Ja, ik mis Frank, dat kan ik gerust zeggen, ik mis zijn streken, zijn humor. We waren zo verschillend in onze stijl en ook in ons persoonlijk leven, dat we elkaar niet in de weg zaten. Frank was met al zijn babbels, met al zijn armbanden, met heel dat flamboyante van hem verbaal veel begaafder dan ik. Onze kleren waren zo verschillend als kleren maar kunnen zijn. Maar we hebben allebei wel de top bereikt en dat schept toch een band, we inspireerden elkaar. De ruzies waren er natuurlijk ook, maar dat hoort bij dit vak. In Parijs en Milaan hebben de topontwerpers ook ruzie.

'Frank voelde zich ook wel The Star natuurlijk, Norma Desmond uit Sunset Boulevard. Ik heb wel eens gezegd dat zelfs Versailles te eenvoudig was voor de toiletten die Frank maakte. Het was allemaal zo theatraal, beeldig hoor, maar wie moet dat dragen, waar moet je ermee naar toe? Mijn stijl sprak hem niet zo aan, daar was hij eerlijk in. Dat is ook logisch als je houdt van alles erop en eraan, en als je dan mijn kleding ziet, zo zonder enige versiering... Maar hij had er wel respect voor dat ik zo consequent bleef. Ja, nu Frank er niet meer is, is het absoluut saaier in dit wereldje.'

Frans Molenaar heeft onder zijn cliëntèle een aantal bekende Nederlanders, waar hij liever niet over praat. Dat doen de roddelbladen wel. Zo maakt hij pakken voor Wim Kok, nadat Rita Kok hem had gebeld met de vraag 'Frans, kunnen we even praten? Wim wordt premier en ik wil graag je advies. Hij moet er goed uitzien, niet modieus maar wel goed.'

'Ik vind dat een eervolle opdracht, maar hoef er geen poeha omheen. Ik maak voor hem gewoon mooie pakken, liefst driedelig en zeg tegen Rita dat hij dat vestje wél moet dragen, dat maskeert zijn buikje. De nieuwe show van Adèle Bloemendaal ga ik ook aankleden, en als Mies Bouwman weer eens een Rode Kruis Gala moet presenteren, dan vraagt ze me iets moois voor haar te maken. ''Wil je op de aftiteling?'', vraagt ze dan, maar dat hoeft voor mij niet. Iedereen weet dat ik af en toe mooie dingen maak voor Mies. Sigrid Koetse heb ik gekleed voor haar voorstellingen Callas en Master Class. Daar hoef ik niet mee te koop te lopen. Even belangrijk zijn de vrouwen uit Amsterdam-Zuid en de klassieke Hollandse adel die ik ook als klant heb.'

Bij de vraag of hij Erica Terpstra dan wel Annemarie Jorritsma zou willen kleden, krimpt hij ineen. Volgende onderwerp graag! Katja Schuurman, daar zou hij wel zin in hebben. 'Dat is toch een beeldige meid - mooi figuurtje, mooie tietjes, echt beeldig. Maar ze moet er altijd zo sexy uitzien, met van die wulpse dingetjes. Als die meid nou eens een mooie jumpsuit van mij zou dragen, hoog gesloten met een rits en verder niets, volgens mij is ze dan nog sexy'er. Marlène Dietrich was sexy in die laag uitgesneden jurken maar nog mooier in een smoking.'

Doorbreken in Parijs of met een internationale collectie? Nee, daar droomt hij niet meer van. Het gaat hier geweldig, en het is nog maar de vraag of het leuk is om zo beroemd te zijn als Yves Saint Laurent. 'Ik heb hem tijdens zijn laatste show gezien, bibberend van de drugs. En dan Versace, een omzet van twee miljard, vijf huizen, maar aan zo'n leven moet je toch niet denken! Ik kan hier 's avonds naar het theater gaan of eten in de stad. Ik heb momenteel twee jongens te logeren die straks lekker voor me gaan koken. Denk maar niet dat Versace dat deed. Die moest altijd dineren met Joan Collins en dan kwam Madonna ook nog even langs, want die was verdrietig omdat er een tand was uitgevallen. Bij mij komt hooguit Adèle binnenvallen om een borrel te drinken.'

Frans Molenaar is 57 jaar en heeft nog nooit met iemand samengewoond. Er was een stormachtige relatie met een vrouw en een heftige liefde met een architect. Maar samenwonen kwam er gewoon niet van. Hij heeft een clubje goede vrienden om zich heen, eet met ze, gaat met ze op vakantie en weet eigenlijk niet of hij die ene thuis op de bank mist.

'Het is misschien niet waar wat ik zeg, misschien wil ik het wél, maar ik ken het niet, samenwonen. Als ik nu thuiskom na een leuke avond met vrienden, trek ik lekker mijn schoenen uit, lees ik even in mijn onderbroek de krant en noteer nog een paar dingen voor de zaak. Niemand die ik dan tekort doe. Maar als ik andere mensen samen zie, denk ik soms ook wel: ja, het zou best aardig kunnen zijn. Er zijn wel jongens die me leuk vinden, maar dan denk ik weer: ach, ik zou wel een avondje met je willen eten, maar verder niets. Ik ben niet zo'n type van snel effe effe.

'Ik kom wel aan mijn trekken hoor, ik heb een leuk leven en misschien lukt het nog wel eens. Connie Palmen zegt altijd: Frans, je hebt er alles voor in huis, je kan het! Die vindt het een beetje sneu, dat alleen wonen. Ikzelf vind dat ergens ook wel, want ik denk dat er iemand moet rondlopen die van me zou kunnen genieten - ja, ik kan soms best leuk uit de hoek komen, al zeg ik het zelf.'

Molenaar hoopt nog lang door te gaan met zijn bedrijf. Als hij er niet meer is, houdt ook de Molenaar-stijl op. Want die is uniek, die moet je niet aan anderen overlaten. Hij ziet ze ook niet, de opvolgers. Zijn erfenis zal worden beheerd door een stichting die onder meer jaarlijks de Frans Molenaar Prijs zal uitreiken, bestemd voor jong ontwerperstalent.

Dat talent is er zeker, maar het probleem is het opzetten van een bedrijf. Zijn voormalige protégé Mart Visser (28) is dat gelukt, maar niet dan nadat de relatie tussen Molenaar en Visser in de roddelpers tot een sappige soapstory werd gedegradeerd. 'Ja natuurlijk ben ik door die affaire beschadigd, niet zakelijk, maar wel persoonlijk. Het is allemaal niet fair gegaan. Mart heeft bij mij alle kansen gehad, ik heb hem overal mee naar toe genomen, aan iedereen voorgesteld. Er werd zelfs gefluisterd dat hij mijn vriendje was, maar daar was geen sprake van, ik viel helemaal niet op hem.

'We hebben leuk samengewerkt, en ik wist ook wel dat hij het liefst voor zichzelf wilde beginnen, maar er zijn dingen gebeurd die niet comme il faut zijn. Dat hij heeft verzuimd mij voor zijn opening uit te nodigen, dat kun je niet maken, dat is not done. Hij heeft achter mijn rug om klanten meegenomen. Klanten zijn vrij, natuurlijk, maar je gaat niet ook nog eens mijn personeel kapen. Nee, het is allemaal net niet fris. Nordholt zegt dan 'ach Frans, hou er toch mee op, jij staat aan de top, die jongen begint net'. Maar voordat je het weet, word je erin meegesleurd. Iedereen kent Mart nu uit de roddelbladen, nou ja, je kunt er beroemd door worden in een bepaald circuit. Het zou voor hem beter zijn als moderedacties serieus over zijn werk zouden gaan schrijven.'

Dogmatisch conservatief, zo omschrijft hij zichzelf het liefst. Geen vertegenwoordiger van een levensstijl zoals Gaultier, Versace, of zelfs Govers. Hij wil serieus aan zijn vak werken zoals Mulisch aan een boek en Van Manen aan een ballet. In het openbaar is hij verlegen, hij verstart zelfs, wordt streng. De ijdelheid die onmiskenbaar bij hem hoort, uit zich in andere dingen.

'Ja, ik ben heel erg ijdel, daar ben ik eerlijk in. Ik wil er altijd goed uitzien, besteed daar veel tijd aan, alles moet topkwaliteit zijn. Ik heb een andere haarcoupe, andere bril en vond dat ik me maar eens moest laten fotograferen door Erwin Olaf. Prachtige foto's zijn het geworden! Een paar jaar terug heb ik een facelift genomen. Ik was toen wat kilo's afgevallen en dan gaat het in het gezicht een beetje hangen. Dat wilde ik niet, dat moest even gecorrigeerd worden.'

Vandaag wordt er in Assen een broodje Frans Molenaar geserveerd - in wit, geel en rood.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden