Kunst per strekkende meter

Daan Roosegaarde maakt interactieve installaties. Lichtjes die reageren op geklap, ventilatoren die gaan draaien als er iemand langsloopt, een muur die zich voorzichtig openvouwt. 'Mijn werk is geen spiegel van je uiterlijk, maar van je gedrag.' Door Jeroen Junte

Bij de deur van de werkplaats van kunstenaar Daan Roosegaarde (1979) staan drie enorme houten vrachtkisten. 'Hierin zit twintig meter Dune voor een kunstfestival in Toronto, waar het in een metrostration zal worden opgesteld', zegt hij wijzend op de voorste twee kisten. In de andere kist zit tien meter van dezelfde installatie voor een expositie in een kerk in Florence. 'Eén kunstwerk kan tegelijkertijd op de meest verschillende plekken over de hele wereld staan, van musea tot op straat. Alleen al van Dune heb ik ongeveer 150 meter op voorraad.'


Kunst die per strekkende meter de wereld over gaat, het is typerend voor de eigenzinnige aanpak van Roosegaarde. Hij maakt wat hij zelf noemt 'interactive landscapes', wat ook de titel is van het overzichtsboek over zijn werk dat eind deze maand verschijnt bij NAi Publishers. De installatie Dune (2006) bestaat uit zwarte staven van een meter hoog die in bundels van wel zestig meter lengte worden opgesteld. De staven reageren op beweging, geluid en aanraking door te wiegen, piepende geluidjes af te geven of doordat ledlampjes op de punt van elke staaf beginnen te knipperen. Flow (2007) bestaat uit een wand vol kleine ventilatoren die gaan draaien als er iemand langsloopt, waardoor de muur niet alleen langs het lichaam blaast maar zich opent en doorzichtig wordt. Zijn nieuwste werk, Lotus, gaat deze week in première in het Designhuis in Eindhoven. Een muur is opgedeeld in honderden symmetrische vierkante vakjes die zijn afgesloten met hittegevoelige folie. Achter het folie zit een lampje dat aangaat als er iemand langsloopt. Door de hitte krult het folie open, waardoor het lampje zichtbaar wordt en de muur zich als een lichtgevende lotusbloem openvouwt voor de toeschouwer.


Roosegaarde maakt kinetische kunst die wordt gedomineerd door technologie. Maar zijn werk gaat nooit over de techniek zelf. 'Die moet juist onzichtbaar zijn, anders zou het alleen maar afleiden.' De mens heeft nu eenmaal een verwrongen angstbeeld bij technologie - van Frankenstein tot The Matrix. 'De gedachte daarachter is dat we technologie eigenlijk niet nodig hebben. Wat onzin is. Ons leven wordt er door beheerst. Denk aan Faceboek en Hyves. Tegelijkertijd wordt vrijheid beperkt door de Google-streetcars die overal rondrijden of de informatie die wordt verzameld met smartcards als de ov-chipcard of de bonuskaart van de Albert Heyn. Met mijn kunst wil ik laten zien dat je een keuze hebt over welke rol je technologie laat spelen in je leven.'


Hij vergelijkt zijn installaties met de glas-in-loodramen in kerken die het leven van Christus aan de gewone man moesten uitleggen. 'Ik ontwerp scenario's waaraan mensen kunnen deelnemen. Zo laat ik zien dat technologie ook een menselijke kant kan hebben. Het kan ontroeren of vrolijk maken. Op een expositie in Hongkong reageerden bezoekers met een glimlach op Dune en begonnen in dezelfde pieptoontjes terug te praten. Maar in Slovenië waren de reacties op Flow afwijzend. Een muur die registreert wat je doet, riep te veel associaties op met de luisterende muren van geheime politie.'


Dat is ook het verschil tussen zijn kunst en kinderen die naar zichzelf wuiven op een tv in de etalage van een elektronicawinkel. 'Mijn werk registreert niet alleen maar gaat een interactie aan. Het is geen spiegel van je uiterlijk maar van je gedrag. Elk werk heeft een geheugen. Als je in je handen klapt, reageren de staven van Dune door te bewegen en te knipperen. Maar als je meteen daarna weer in je handen klapt, reageren ze niet meer. Ze herkennen het geluid en filteren het weg. Dan zeggen ze eigenlijk: plug in, probeer eens wat nieuws.' Het is hem vergeven, dit kunstzinnige discours doorspekt met Engels en digitale modewoorden. Het is een beroepsdeformatie die past bij een 31-jarige maker van hightech kunst, die forenst tussen wereldsteden als Belgrado, Tokio en Montreal.


Met zijn 'technopoëzie' staat Roosegaarde in schril contrast met de romantische kunstenaar die in zijn werkplaats worstelt aan dat ene meesterwerk, waar alleen maar bewonderd naar kan worden gekeken. Zijn kunstwerken vragen er niet alleen om te worden betast maar ze zijn ook nooit af. 'Met Flow zijn we inmiddels al toe aan versie 5.0.' Achter de eigen expeditieafdeling met houten kisten ligt de 'update corner'. Hier buigen drie medewerkers zich over een wandpaneel met ventilatoren. 'Deze Flow 5.0 wordt klaargemaakt voor een exposite in, euh, ik weet even niet meer waar.' Nergens staat exact hetzelfde kunstwerk, benadrukt Roosegaarde. 'De presentatie in het Canadese metrostation wordt bijvoorbeeld door tienduizenden bezoekers bezocht. Dan moet je de installatie zo afstellen dat hij niet op elk individu reageert maar alleen op groepen mensen. Tegelijkertijd moet de intensiteit van geluid en licht worden versterkt met zulke massa's. In die kerk in Florence kun je juist een één op één relatie aangaan met het werk, dat daarom veel gevoeliger staat afgesteld. Binnenkort kan ik vanuit de studio inloggen op een installatie waar ook ter wereld en eventueel aanpassingen doorvoeren.'


Natuurlijk kan hij dat niet allemaal in zijn eentje. Studio Roosegaarde bestaat naast hemzelf uit een tiental medewerkers, variërend van computerprogrammeurs tot productontwerpers. Net als bijvoorbeeld Damien Hirst, Olafur Eliasson en Jeff Koons is Roosegaarde ook een van die moderne kunstenaars die aan het hoofd staan van een zakelijke onderneming. Roosegaarde werkte al zo op de kunstacademie in Enschede; nog voor zijn afstuderen had hij al een btw-nummer en twee stagiaires in dienst. Het was de enige manier voor een student beeldhouwkunde 'die nog geen email kon openen' om de overstap te maken naar digitale kunst. Nog steeds gaat veel programmatuur van zijn installaties hem boven de pet. Niet dat hij daar een probleem mee heeft overigens. 'Een autocoureur kan ook niet zelf een Formule 1 auto bouwen. Maar hij is wel de enige die hem kan berijden.'


Na de kunstacademie volgde hij een opleiding architectuur aan het Berlage Instituut in Rotterdam, waarna hij werkte als architect bij vooraanstaande kantoren als OMA van Rem Koolhaas en MVRDV. Het is de omgekeerde route. De meeste architecten en ontwerpers proberen de kunstenaar in zichzelf te ontdekken. Roosegaarde werd opgeleid als kunstenaar en trainde zichzelf in het maken van praktische toepassingen voor zijn ideeën. 'Ik wilde mijn kunst naar het hier en nu trekken. Ik zou het ook heel jammer vinden als het alleen te zien zou zijn in musea. Ik vind het juist te gek als mensen er onverwacht mee in aanraking komen in een metrostation of een voetgangerstunnel.'


Daarom werkt hij ook graag samen met kunstenaars uit andere disciplines. Met jonge modeontwerpers produceerde hij dit voorjaar Intimacy, een serie kledingstukken van smart foils, een soepele ondoorzichtige kunststof die transparant kan worden. Hoe dichter iemand bij de drager van een jurk komt, hoe minder doorschijnend het kledingstuk wordt. 'Als iemand je aankijkt, ga je blozen, die emotie hebben we met technologie vertaald naar mode.' Met als dieperliggende thema: 'In hoeverre laten we onze intimiteit bepalen door technologie? Een hoogst actuele vraag in deze tijd van internetdaten.'


Net zo makkelijk werkt hij samen met het bedrijfsleven. Neem alleen al zijn werkplaats: een loods op een anoniem industrieterrein in Waddinxveen die hij deelt met een producent van aandrijfsytemen voor tuinbouwmachines of de boodschappenband in supermarkten. 'Jaren geleden heb ik hen aangeschreven of ze een project wilden sponsoren. Inmiddels ben ik een reguliere afnemer van hun producten en betaal ik een marktconforme huur.' Alles beter dan 'zo'n afhankelijke kunstenaar' zijn. 'Dat je telkens maar weer met een projectvoorstel op een A4-tje langs moet bij de bekende fondsen en stichtingen. Brrr. Ik wil autonomie. We ontwikkelen onze installaties helemaal zelf - van de software tot het lampje. Dat kost geld.'


Dus staat de deur bij Studio Roosegaarde nog steeds wagenwijd open voor sponsors. 'Dune was drie maanden te zien als een openbaar kunstproject in de Maastunnel in Rotterdam dankzij sponsoring door de gemeente en Eneco. De gemeente vond het project interessant, omdat licht dat aangaat als er iemand langsloopt de veiligheid vergroot. Eneco was geïnteresserd in de toepassing als energiezuinige straatverlichting die alleen aangaat als er een auto langsrijdt. Ze bouwden een eigen realiteit rond mijn kunst. Dan is het tof.'


En mag hij 'dan misschien ook even een reality check geven': de meeste grote kunstwerken uit de wereldgeschiedenis zijn toch ontstaan uit een opdracht. 'De Nachtwacht. De Sixtijnse Kapel. Ik bedoel maar.' Oftewel: 'Sommige projecten komen nu eenmaal alleen van de grond door samenwerkingen.' Met de producent van de blauwe gevelpanelen van Ikea ontwikkelt hij een interactieve gevel voor een gerenommeerd modehuis - onderzoek waar zijn studio gewoon voor wordt betaald. 'Je kunt denken aan een gevel van de folie van Intimacy. Als er iemand langs loopt met een kledingstuk van dat merk, dan wordt de gevel op die plek transparant, zodat er een relatie ontstaat tussen de mode op straat en in de winkel. We zouden ook gebruik kunnen maken van de technologie van Lotus, waarbij een gebouw zich kan openen. Waarom zou een winkeldeur zich niet als een bloem kunnen opvouwen voor klanten?'


Maar er zit wel een grens aan zijn bereidheid mee te denken met het bedrijfsleven. 'We hebben ze hier allang aan de deur gehad, hoor. De Mediamarkt met de vraag of ze Dune per meter mochten verkopen. Marcel Wanders die met ons een interactief lampje wilde maken. Maar dan wordt onze kunst decoratief en voorspelbaar en verliest het zijn kracht. Ik wil de wereld een update geven, niet in slaap sussen.'


Dan ontwerpt hij liever een ontmoetingsplein voor een ouderencentrum in Almere waar bewoners contact kunnen leggen met elkaar met behulp van interactieve keien. 'Dat wordt een soort gematerialiseerd Facebook.' Of een knuffelpaal die reageert met zacht pulserend licht en vriendelijke geluidjes op kinderen met gedragstoornissen voor een therapeutisch centrum van GGZ. 'Dan gebruik je technologie om het menselijk gedrag te sturen.'


Dat zijn projecten die de essentie van zijn kunst raken: hoe gaat technologie onze wereld vormen? 'Honderd jaar geleden was de roltrap een attractie waar mensen voor betaalden. Nu zijn we zo voorgeprogrammeerd dat als we de roltrap nemen en hij doet het niet, we al vermoeid zijn voordat we een stap hebben gezet. Dat gevoel was er daarvoor niet. Het is uitgelokt door technologie.' Misschien dat zijn installaties over honderd jaar ook zo zijn geïntergreerd in de dagelijkse realiteit. Dat is in elk geval zijn vurige wens. 'Ik maak futuristische kunstwerken die hun bestemming nog moeten vinden. Als een soort opgraving uit de toekomst.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden