Kunst, hiphop en kansenwijken

'Als wij hier een rondleiding hebben met een school met islamitische leerlingen, hangt de volgende dag het schoolbestuur aan de lijn. U heeft een schilderij getoond van een zekere Breit... nee Breitner. En dat was bloot. Dat moet u weghangen, anders komen we niet meer!' Dat waren de woorden van Sjarel Ex, directeur van Museum Boijmans van Beuningen, toen ik hem jaren geleden interviewde voor een documentaire over de rol die culturele diversiteit speelde in de kunst.


De dagelijkse praktijk van de kunsteducatie bij een internationale kunstinstelling in een stad waarin inmiddels een ruime meerderheid van de jeugd allochtoon is, en arm een laagopgeleid bovendien. Mijn gedachte was dat je dit soort jeugd makkelijker bereikt door ook kunstenaars te bieden met een zelfde achtergrond als zijzelf. Kunst moet anno nu wat vaker een dialoog zijn en niet uitsluitend een westerse monoloog, hoe terecht de nakende missiedrang ook is.


Ik geef ruiterlijk toe dat dit alles niet gespeend was van eigenbelang en persoonlijke navelstaarderij. Ik wilde als kunstliefhebber, en als gekleurde vrouw, naast Breitner gewoon wat meer zwarte kunstenaars als Basquiat of Ofili aan de witte muren. Of Kara Walker. Alle vier zijn mijn cultureel erfgoed.


Maar ik deel Ex' overtuiging dat kunst mensen, culturen en samenlevingen kan ontroeren, prikkelen en verheffen. Ik ben geen cultuurrelativist en koester - tegen beter weten in - een heimelijk verlangen dat zoveel mogelijk mensen uiteindelijk verleid worden tot weldenkend, elkaar de ruimte latend, open, licht politiek correct kosmopolitisme.


Het gesprek met Ex, en met vele andere professionals uit de beeldende kunst uit binnen- en buitenland, is nu gebundeld in een boek dat op 4 april gepresenteerd wordt. Het is het vervolg op twee documentaires die ik maakte: Eén over het Bronx Museum of the Arts in New York, en of Nederlandse musea daar iets van konden leren. En één over het kunstklimaat in Engeland, waar diversiteit niet weg te denken is uit grote musea.


In Londen, waar ik de cross cultural curator van Tate Britain interviewde, werd benadrukt dat juist kunstenaars met een etnische achtergrond maatschappelijke thema's verkennen. Bij Tate is men er ook van doordrongen dat we, in samenlevingen wereldwijd, op een specifiek moment in de geschiedenis leven waarin het lokale en globale steeds meer in elkaar grijpen, met alle uitdagingen van dien. En men is geïnteresseerd in hedendaagse kunst die daarop reflecteert.


Ik heb altijd een zwak gehad voor wat eufemistisch dan wel cynisch 'kansenwijken' genoemd worden en daar ook altijd de creatieve kracht van gezien. En dus toog ik voor mijn eerste film naar New York, om een portret te maken over het Bronx Museum of the Arts, een museum voor hedendaagse kunst dat helemaal gewijd is aan culturele diversiteit. Midden in de South Bronx, een grimmige wijk, waar de realiteit van de globalisering je soms hard in het gezicht slaat.


Arme mensen uit alle kansloze hoeken van de wereld die zich een plek bevechten, by any means necessary, in de nieuwe wereld, tussen arm zwart en arm latino. Gevaar, vuil, criminaliteit. Mensen die in zichzelf gekeerd overleven. Jongeren die je diep weggedoken in hun hoodies tegemoet loeren met een wantrouwende, dreigende vijandigheid.


Wat er in de hoofden van die hangjongeren omgaat wordt nog altijd subliem verwoord door de tijdloze, stokoude hiphop uit diezelfde Bronx: Grand Master Flash and the Furious Five, mijn jeugdidolen die mij behalve Engels een rauwrealistische kijk op het ghetto life leerden. Voor een messcherpe analyse van de leefwereld van Nederlandse jongeren in de hoogbouw van Amsterdam Zuidoost, Rotterdam Zuid, de Parijse banlieues, en ga zo maar door. Tijdloze duiding en verdieping, lang voordat hiphop verwerd tot commerciële seksistische bagger.


Als kunstliefhebber uit de eerste hiphopgeneratie was ik natuurlijk benieuwd naar wat een kunstmuseum voor 'etnische hedendaagse kunst' - in het hart van de plek waar hiphop ontstond - voortbracht, en het viel niet tegen. Juist de invloed van de straatcultuur op de hedendaagse kunst speelde een belangrijke rol. De afdeling kunsteducatie werkte nauw samen met het MOMA.


Ik wacht met spanning af wanneer een kunstmuseum eens een tentoonstelling aan de hiphop wijdt. Het erfgoed van ons geglobaliseerde hier en nu.


Harriet Duurvoort is mediaondernemer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden