'Kunst helpt je te leven en te sterven'

Kunstwerken kunnen ons leven beter maken. We moeten zo vaak sterk zijn dat we steeds slechter worden in zacht en aardig zijn. Kunst nodigt ons uit weer aardig te zijn. Filosoof Alain de Botton over de noodzaak van kunst. Tekst

'Een hele eer', zegt Alain de Botton met een Britse toon waardoor je nooit zeker bent of het bescheidenheid of voorkomendheid is, 'om plaats te nemen in een serie gesprekken met denkers die een nieuwe wereld verbeelden.' Maar eerst even wat kritiek, als hij zo vrij mag zijn. Ah, daar gaan we.


Want die serie van de Volkskrant, die is natuurlijk wel gebaseerd op een huidig, uit de 19de eeuw stammend beeld van de romantische eenling met idealen. Het is fantastisch dat er denkers en wetenschappers zijn die ambitieus zijn en idealistisch, maar ze zijn in de minderheid. Ons hele kennissysteem is er niet op ingericht.


Neem de universiteiten. Die functioneren als kloosters waar de wetenschappers vluchten van de wereld, zegt De Botton: 'Zij zien het niet als hun taak het laboratorium te zijn voor de wereld.' Hij beschouwt het als een fundamenteel probleem dat universiteiten nauwelijks de ambitie hebben om belangrijk denken over economische en sociale zaken naar de samenleving te brengen. Dat wetenschappers geen stelling durven nemen. Dat ze hooguit de temperatuur nemen en terugkijken. En dat intellectuelen die meer willen, die wel de massa bereiken, op universiteiten meer worden getolereerd dan omhelsd: 'Neem filosoof Martha Nussbaum; belangrijk voor de wereld, maar als je het academici vraagt, vinden ze haar allemaal een idioot. Ambitieuze intellectuelen zijn eenlingen.'


Het is tot op topniveau slecht, zegt hij: 'Oxford en Cambridge heten de leidende universiteiten van de wereld te zijn. Maar ze praten in het geheel niet met de overheid. Er zitten daar professors of politics, wat dóén die mensen? Politici zouden universiteiten moeten gebruiken om ze te helpen denken. En de hoogst betaalde professor moet degene zijn die de samenleving het meest tot dienst is.'


Alain de Botton (1969) is op stoom. Zoals in vrijwel elk van zijn bestsellers, gaat hij met een razende vaart, elke zin een citeerbare oneliner, van start met een positief en overtuigend verhaal over mogelijkheden om met ideeën de wereld beter te maken. Heilige huisjes worden opgewekt omver geschopt, en niet zelden moet en passant een hele beroepsgroep het ontgelden. Met de ironische blik die een onderonsje suggereert, voegt hij luchtig toe: 'I think I might make some academics mad, now.' En glimlach. On to the next one.


In Hoe Proust je leven kan veranderen (1997) waren het de literatuurwetenschappers die het moesten ontgelden, in Religie voor atheïsten (2012) de hele gemeenschap van wereldreligies. In zijn volgende boek is de kunstwereld aan de beurt, in het bijzonder de kunsthistorici. In oktober presenteert De Botton zijn inzichten in kunst, vooral in hoe kunst ons leven kan verbeteren. Kunst als kompas; hij gaf in zijn laatste boek al een aanzet. In het achtste hoofdstuk van Religie voor atheïsten deelt hij Tate Modern, het grootste museum voor moderne kunst in Groot-Brittannië, opnieuw in. Niet naar schilderscholen of periodes, maar naar de 'noden van de ziel': een afdeling 'lijden', een afdeling 'angst', een voor 'zelfkennis', 'compassie' en 'angst'.


Heeft Tate-directeur Nicholas Serota al gebeld?

'Nee.'


Misschien omdat u musea 'doodse opslagplaatsen voor scheppingen uit het verleden' noemde?

'De meeste kunsthistorici zijn erg aardig en ik denk dat ze eerder medelijden met me hebben dan boos zijn. Maar het zit in het systeem. Neem een stap terug en denk, wat kun je doen als je van kunst houdt en geen kunstenaar wilt zijn? Dan word je kunsthistoricus. Dan leer je terugkijken. Dat is verdrietig, dat is wat de samenleving doet met mensen die van kunst houden.'


Het Rijksmuseum belde wel.

'Ja. Dat zijn erg goede mensen.'


U maakt daar volgend jaar een tentoonstelling; gaat u de theorie toepassen? Krijgen we een zaal over 'lijden', een over 'angst' en een over 'liefde'?

'Nee, alles blijft op z'n plek. Maar ik verander de omlijsting; ik ga door het hele museum graffiti's neerzetten, tekstbordjes veranderen. Neem Het straatje van Vermeer. Als je naar het bordje erbij kijkt, staat er waar het is gemaakt, ruwweg wat je ziet en misschien met welke verf het is geschilderd. That's it. Dus je komt naar het Rijks, dat is een big deal want het museum is net voor een half miljard gerenoveerd en je komt bij Het straatje en je vraagt je af, waarom is dit belangrijk? En het museum helpt je niet. Het zegt je niet wat je in hemelsnaam met dat schilderij kunt doen.'


Wat kun je met Het straatje van Vermeer doen?

'Wat dat schilderij werkelijk doet, is je helpen je aan te passen aan het alledaagse leven. Het is een instrument om je te verzoenen met het gewone leven. En op een bepaalde manier is het een founding document van Nederland.'


Het is een schilderij. Van een straatje.

'Ja, en het laat in een gekristalliseerde vorm een ideaal zien van het Hollandse leven, te weten: goed, gewoon leven. Het is de Nederlandse bijdrage aan het begrip van menselijk geluk: dat een gewoon mens een waardig leven kan hebben waarin rijkdom ondersteunend is, maar geen vlucht van een innerlijke kwaliteit en eerlijkheid, kracht, waardigheid, en dat dat door zo veel mogelijk mensen moet kunnen worden genoten. Daar staat Nederland voor en daar gaat het straatje over. Het is een uitnodiging gelukkig te zijn binnen die definitie van geluk.'


En dat is belangrijk.

'Dat is heel belangrijk. Het Rijksmuseum zou bezems moeten verkopen en stofzuigers in de winkel, en mensen moeten aanmoedigen daarmee terug naar hun leven te gaan, niet met de Vermeer-chocolaatjes die daar nu verkocht worden. Die zijn belachelijk.'


Waarom hebben we kunst nodig?

'Kunst is een geconcentreerde dosis van goede dingen in de wereld. Het herinnert ons aan wat liefde is, wat creativiteit is, goedheid, vrijheid. Kunstwerken kunnen ons leven beter maken, deels omdat we emoties herkennen, en deels omdat we opnieuw in aanraking komen met emoties die we verloren waren. We moeten zo vaak sterk zijn dat we steeds slechter worden in zacht en aardig zijn. Kunst nodigt ons uit weer aardig te zijn.'


Het kunstwerk als kompas.

'Ja, ik heb een heel instrumentele visie op kunst. In religieuze tijden was het volkomen duidelijk dat kunst instrumenteel was. Het werd gemaakt om de boodschap van het geloof aantrekkelijk en overtuigend te maken. Kunst herinnerde je aan het lijden van Jezus of het belang van barmhartigheid, of welk idee ook dat anders alleen een theorie was geweest. Kunst geeft kleur, textuur en zintuigelijke overtuigingskracht aan ideeën.


'Ik denk dat de functie van kunst is om je te helpen leven en sterven. Van Gogh wilde de wereld veranderen met zijn kunst, de mensheid redden. Dat was zijn intentie, en niemand vertelt je dat. Het gaat nu om die gekke man en de zonnebloemen die mooi op een keukenschort staan.'


We nemen kunst niet serieus.

'Niet zoals het bedoeld is. Net zoals Nietzsche op de universiteiten als een historische curiositeit wordt bestudeerd. Wat je niet leert, is hoe te leven als je Nietzsche serieus zou willen nemen. We respecteren kunstenaars, maar vragen niet wat ze belangrijk vinden. De academische instituten hebben een houding alsof niemand echt weet wat de bedoeling van kunst is, maar het is juist volkomen duidelijk.'


U praat over 'de ware betekenis' en 'de echte boodschap' van kunst. Dat doet denken aan priesters. Het is een waarheidsclaim.

'Nee, u verdraait mijn woorden. Ik suggereer wat de betekenis zou kunnen zijn. En ik denk niet dat er een oneindige mogelijkheid van betekenissen is. Als ik met mijn kind voor de Seagram Murals van Mark Rothko sta in Tate Modern, wil ik een antwoord hebben als hij vraagt wat hij ziet. Anders raakt hij verveeld en vindt het onzin.'


U kunt vragen wat hij er zelf in ziet?

'Dat is een romantisch beeld, dat kinderen toegang tot een diepere werkelijkheid zouden hebben. Ik ken genoeg kinderen om te weten dat hij gewoon 'geen idee!' zou roepen en zou doorlopen.'


Dus wat zegt u dan, voor die Rothko?

'Mark Rothko werd eens gepusht door een goede, irritante journalist om antwoord te geven op de vraag wat zijn kunst betekent. Na lang aandringen zei de kunstenaar: 'Iets van de treurigheid in mij ontmoet iets van de treurigheid in jou, zodat we niet alleen zijn.' Dus als ik met mijn zoon voor dat schilderij sta, zou ik zeggen: weet je nog dat we naar Legoland zouden gaan en we niet gingen en dat je zo moest huilen? Er is duisternis en verdriet in ons allemaal. En deze man schilderde zo dat het niet iets is, geen bloem of huis, en geen vrolijke kleuren en scherpe vlakken omdat dat is hoe mensen zich uiten tegen elkaar. Maar soms zien onze privégevoelens er zo uit, als bloed en als eigeel en als tranen, en onduidelijk. En het is vrij mooi dat hij in de buitenwereld schilderde wat er in onze binnenwereld kan omgaan.'


Een criticus in Nederland, Carel Peeters, schreef dat u kunst reduceert tot illustraties bij emoties.

'Ik ben dol op die kritiek! Daar worstel ik mee. Ik denk dat kunst erg simpel kan zijn op het niveau van de boodschap en erg gecompliceerd in de technische uitvoering. En als die boodschap simpel is, ondermijnt het de kracht van de technische uitvoering niet. Maar ik zou zeggen, tenzij we echt focussen op de boodschap, is al dat technische gedoe vervelend.'


De museumbezoeker verwordt bij Alain de Botton tot een patiënt die gesust en geholpen moet worden, schreef filosoof Maxim Februari.

'De meeste mensen zijn in crisis, van welke aard die ook is. En hebben verlangens. En als je interactie met kunst zoekt, wil je er iets uithalen. Kunst hoeft je niet altijd te sussen of te kalmeren, er is van alles wat we nodig hebben. Dat kan ook het verlangen zijn om even niet aan jezelf te denken.


'Immanuel Kant probeerde een onderscheid te maken tussen het mooie en het aantrekkelijke in kunst. En er lijkt iets soortgelijks gaande bij critici. Dat als je er iets uit wilt halen, je het kunstwerk berooft van een doel dat het buiten jou heeft en dat je dan heel egoïstisch bent. Het gaat niet over ons, maar het is ons wel tot hulp, zoals kijken naar de sterren behulpzaam kan zijn. We zien de sterren en we hebben oprechte interesse, en tegelijk is een deel van ons opgelucht dat we even niet aan onszelf denken daardoor.


'Het is niet óf je bent geïnteresseerd in jezelf, óf je bent totaal begaan met het onderwerp. Echte betrokkenheid met onderwerpen is altijd een mix van die twee, en je brengt jezelf naar de kunst, en naar de sterren. En nee, een kunstwerk zal je vandaag niet helpen met de problemen met je vriendin. Maar het geeft je wel balans.'


ZES VASTE VRAGEN

1. Over welke ontwikkeling maakt u zich het meest zorgen?

Een zeer zorgelijke ontwikkeling is de massawerkloosheid. Mensen hebben werk nodig, voor zelfrespect en prestaties. Je kunt denken: er is te veel van alles, we maken te veel. Maar dat verklaart de werkloosheid niet. Totdat alles mooi is en elk verlangen vervuld, is werkloosheid nooit gelegitimeerd. Het is het resultaat van falend kapitaal, van falen in verbeelding, organisatie, wetgeving. Het is een gebrek aan goed denken en goed communiceren.


2. Komt er ooit nog oorlog in Europa? Waarom wel/niet?

Het is afhankelijk van hoe wij al dan niet de economie draaiende houden. Als dingen catastrofaal misgaan, is verwildering nooit ver weg. In Europa zal een oorlog niet door een religieus of cultureel conflict ontstaan, maar door strijdende nationale belangen.


3. Blijven we altijd vooruitgaan? Of hebben onze kinderen en kleinkinderen het minder goed dan wij?

We kunnen achteruitgaan, treurig genoeg. Niets is in beton gegoten wat betreft progressie. We leven in een gecompliceerde wereld die erg kwetsbaar is, en in het systeem zit weinig veerkracht.


4. Wie zou de wereld moeten leiden?

Slimme en wijze mensen. Hoe komt het dat zij de naties níet leiden? Ik denk dat ze worden ontmoedigd zich in de politiek te begeven. Financiële horden, vernedering vanwege blootstelling van het privéleven en ontmoediging omdat je compromissen moet sluiten. We moeten alle hindernissen, disincentives, verwijderen. Dat kan, het gaat allemaal om de macht van ideeën.


5. Welke ontwikkeling stemt u vrolijk?

Wat ik spannend vind, is de snelheid waarmee ideeën zich kunnen verspreiden over de wereld. We weten zo veel meer dan vroeger. Het gevaar is natuurlijk dat er zo veel ideeën zijn, dat het erg moeilijk is voor één idee om te winnen.


6. Als u morgen de baas van de wereld zou zijn, welke maatregel zou u dan afkondigen?

Ik zou worstelen met de media en manieren zoeken om de beste ideeën bij de meeste mensen te krijgen. Via de staatsmedia. O, ik ben geen dictator? Dan zou ik zeggen, wij zijn gekozen, onder meer om de staatsmedia in te zetten voor de best mogelijke doelen.


CV ALAIN DE BOTTON

Geboren

20 december 1969 te Zürich, als zoon van een Zwitserse moeder en een Egyptische vader, die vanwege zijn sefardisch-joodse achtergrond zijn land ontvluchtte.


Studie

Na de eerste jaren in Zwitserland ging De Botton in Oxford naar een internaat, om later geschiedenis in Cambridge en filosofie aan King's College in Londen te studeren.


Professie

filosoof, auteur, ondernemer en televisiemaker.


Boeken

Sinds zijn eerste boek Proeven van liefde (1993) specialiseert De Botton zich in het schrijven van toepasbare filosofie - bestsellers als Hoe Proust je leven kan veranderen (1997), Statusangst (2004), De architectuur van geluk (2006) en Religie voor Atheïsten (2012) richten zich op de mogelijkheden het leven kwalitatief te verbeteren en geluk te vergroten. In oktober verschijnt zijn eerste boek over kunst.


The School of Life In 2008 breidde De Botton zijn 'filosofie van het alledaagse leven' uit met uitgeverij annex opleidingsinstituut The School of Life in Londen.

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden