Kun je op school gelijkheid aanleren?

Jongens en meisjes moeten leren dat ze aan elkaar gelijk zijn; Zweden loopt daarbij voorop.

GNESTA - Tien 13-jarigen zitten verlegen aan een tafel, de jongens naast elkaar, de meisjes naast elkaar. 'Sporten,' neemt uiteindelijk een van de jongens het woord. 'Luid zijn.' Hij denkt even na. 'En rommel maken.' Dat is allemaal typisch iets voor jongens.


En voor meisjes, vraagt de juf van Frejaskolan. 'Meisjes komen niet voor zichzelf op,' zegt de jongen. 'Ze vragen geen ruimte.' Hij weet eigenlijk niet of dat onder de goede of de slechte eigenschappen valt. De meisjes giechelen.


Vraag een 13-jarige in ieder ander land naar gendergelijkheid en waarschijnlijk zouden ze glazig staren. Maar in Zweden weten kinderen al jong wat 'jämställdhet' is. Het onderwerp staat al decennia hoog op de politieke agenda en krijgt nu ook steeds meer voet aan de grond in het onderwijs.


De kleuterscholen gingen als eerste aan de slag om de traditionele rolpatronen tegen te gaan. Met programma's over mannelijkheid en vrouwelijkheid, geweld en vooroordelen volgen nu de lagere en middelbare scholen in hun kielzog, aangemoedigd door de overheid.


Het is werk voor de geduldigen, weet Maja Thorsen. Ze is conrector van Frejaskolan, een middelbare school met 400 leerlingen in het dorpje Gnesta (tienduizend inwoners) op anderhalf uur van Stockholm en ze organiseert al jaren projecten rondom gendergelijkheid op haar school.


'De school heeft maar een beperkte invloed,' zegt Thorsen. 'Wat kinderen thuis horen vanaf dat ze jong zijn, wat ze op tv zien, wat ze elkaar op de speelplaats vertellen, daar kunnen we niets aan doen.'


Zo zei zelfs haar eigen zoontje van negen laatst nog dat meisjes niet konden autorijden. 'Hoe weet je dat, vroeg ik, ik rijd toch? Ja, maar jij bent een moeder. Meisjes kunnen dat niet. Dat heeft hij dan bij het spelen gehoord van een vriendje, die het weer van zijn vader heeft', zucht Thorsen.


Op zulke momenten vraagt de rector zich af: gaat er ooit wel iets veranderen? Toch is er voor haar geen andere optie dan te doen wat ze doet. Het gaat immers om de kinderen. 'We willen dat kinderen kunnen zijn wie ze willen zijn. We willen ze bewust maken van de normen die er zijn en die ze zelf hebben en vervolgens laten zien dat je je daar niet aan hoeft te houden.'


'Is dit een meisje of een jongen?', vraagt de 13-jarige Moa zich af. Ze houdt een foto omhoog van een persoon met rode krullen en een gezicht dat het midden houdt tussen beide geslachten. De leerlingen moeten er een partner bij zoeken en kijken vertwijfeld tussen de andere foto's die op tafel liggen. Een zakenvrouw, een lasser, een jong meisje dat haar lippen stift, een man met een tulband. Uiteindelijk ligt er een scala aan duo's op tafel: de rijke zakenvrouw die haar arme mijnwerker onderhoudt, het jonge meisje dat met de oude man is voor zijn geld, een transseksueel met de persoon van het ondefinieerbare geslacht en zelfs een trio.


'Zij is bi en heeft een relatie met dat meisje, maar ze gaat vreemd met hem', licht de dertienjarige Maria toe, terwijl de andere kinderen giechelen.


Het is een van de oefeningen die horen bij de 'norm-kritische benadering' op Frejaskolan. In plaats van tolerantie te kweken voor mensen die anders zijn, worden de heersende normen zelf onder de loep genomen. Nadat de duo's er liggen komen de vragen van de juf. Waarom passen die twee bij elkaar? Welke vooroordelen zitten daar achter? Waarom wordt er als eerste naar een heteropaar gezocht?


'Het is tegenwoordig het moeilijkst voor jongens,' zegt economiedocente Anna Karin Johansson (38), die zojuist de oefening met de kinderen heeft gedaan. 'Er zijn al verschillende golven van feminisme geweest en meisjes zijn vrij om te zijn wat ze willen, sportief, een tomboy. Maar jongens zitten nog zo vast aan de macho-norm, zij mogen heel veel dingen niet.'


Met het project Macho-Fabriken, waarvan het lesmateriaal ook op 400 andere scholen wordt gebruikt, probeert Frejaskolan daar verandering in te brengen. Kinderen krijgen filmpjes te zien, bijvoorbeeld over een jongetje die zich van zijn vader moet verkleden als Darth Vader, maar zelf eigenlijk als Tinkelbel wil. Hij moet zijn vader overtuigen dat Tinkelbel ook stoer is.


De kinderen gaan hier in afzonderlijke groepjes van jongens en meisjes over praten. 'Dan voelen ze zich veiliger om over bepaalde onderwerpen te praten,' zegt Johansson. En het gaat meisjes net zo goed aan als jongens, want zij houden mede de macho-norm in stand.


Niet alle ouders zijn blij met de aandacht voor dit onderwerp. 'We hebben wel eens vaders die bellen, wat doe je met mijn zoon?' zegt Thorsen. 'De kennis hierover is nog niet zo groot. Ze zijn bang dat we iets zeggen dat hun kind pijn doet of dat we hen willen veranderen.' Op speciale ouderavonden probeert Thorsen uit te leggen dat ze kinderen niets willen opleggen, maar juist vrij willen maken.


'We hopen dat de kinderen zelf ook thuis vertellen wat ze leren. Zo worden steeds meer mensen zich ervan bewust.'


Maja Thorsen conrector van Frejaskolan, een middelbare school


Zweedse genderpedagogiek


Het uitgangspunt van genderpedagogiek, dat op veel scholen in Zweden wordt toegepast, is dat volwassenen aan kinderen verschillende genderrollen leren door de manier waarop ze (vaak onbewust) reageren op jongens en meisjes en door de verschillende eisen die ze aan jongens en meisjes stellen. De meeste verschillen tussen mannen en vrouwen ontstaan op die manier. Kleuterleiders en leerkrachten moeten zich hier bewust van zijn en iedereen hetzelfde benaderen, zodat traditionele rolpatronen worden doorbroken en kinderen vrij zijn om zich te ontwikkelen.


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden