Kreugers beelden zijn figuratief, harmonisch en in proportie

Het eeuwige leven: Tjikkie Kreuger (1941-2017)

Ze maakte poppen uit weggegooid textiel, beelden in brons en ging 'beeldbouwen' met boetseerwas. Haar beelden staan overal. Tjikkie Kreuger werd 75.

Haar beelden zijn te vinden in ziekenhuizen en overheidsgebouwen, maar ook in vele particuliere beeldentuinen en collecties.

Jubilarissen bij De Nederlandsche Bank kregen na dertig jaar trouwe dienst een bronzen beeld, van mensen die met elkaar zijn verbonden. Het ontwerp is van kunstenaar Tjikkie Kreuger. Maar niemand hoeft bij De Nederlandsche Bank te werken om haar beelden te kennen. Ze zijn te vinden in ziekenhuizen en overheidsgebouwen maar ook in vele particuliere beeldentuinen en collecties.

Haar beelden zijn figuratief, harmonisch en in proportie en ontdaan van overtolligheden. De langgerekte vormen maken ze herkenbaar. Ze roepen emoties op en lijken een levensverhaal te vertellen.

Tjikkie Kreuger was een van de kleurrijkste beeldhouwers van Nederland of, zoals ze zichzelf noemde, 'beeldbouwer', want ze bouwde haar beelden op uit boetseerwas. In de jaren tachtig en negentig was ze te gast in menig praatprogramma. Ze zat in De Stoel van Rik Felderhof en de IKON maakte een documentaire over haar. Kreuger overleed 4 januari in haar boerderij in Knegsel in Noord-Brabant. Ze werd in de Brabantse Kempen gecremeerd in een doodskist met Egyptische motieven die ze zelf al 24 jaar geleden had ontworpen.

Haar kunstzinnigheid kwam van haar vader, organist en schilder, die voor de liefde vanuit Amersfoort was vertrokken naar Leeuwarden. Vlak na haar geboorte scheidden haar ouders. Haar vader belandde in het verzet en werd twee dagen voor de bevrijding gefusilleerd. Na de oorlog was Tjikkie ze zo vermagerd dat ze om aan te sterken naar een gast-gezin in Sexbierum werd gestuurd. Hier begon ze uit weggegooid textiel poppen te maken.

Tjikkie (haar geboortenaam was eigenlijk Tjitske) ging naar de kunstnijverheidsopleiding Academie Vredeman de Vries in Leeuwarden. Met name de lessen van de leraar kunstgeschiedenis inspireerden haar. Hij toonde haar beelden van prehistorische kunst: de rots en grottekeningen uit Lascaux in de Franse Dordogne, ook wel 'de Sixtijnse Kapel van de paleolithische kunst' genoemd, en van Egyptische kunst uit de tijd van de farao's.

In 1964 verhuisde ze vanwege het werk van haar man naar Limburg. Ze kreeg met hem twee kinderen; het huwelijk hield geen stand. Ze hertrouwde en met haar nieuwe man ging ze reizen. Ze raakte gefascineerd door de Noord-Afrikaanse kunst en cultuur. Zo voer ze de Nijl af met de destijds bekende kunstkenner en televisiepersoonlijkheid Pierre Janssen, die vroeg wat voor kunst ze maakte. 'Zoals hij', antwoordde ze, terwijl ze wees op een statige Nubische man.

Later, na het overlijden van haar tweede man, zou ze vaak met haar dochter Amerens Hedwich naar Noord-Afrika reizen, waar ze ook aan liefdadigheid zou doen. Ze verbleef in Burkina Faso, Algerije, Marokko en zelfs een aantal keren in het toen nog geïsoleerde Libië.

De laatste twintig jaar had ze een relatie met Frans Baltussen, hoewel ze niet meer met een man wilde samenwonen. 'Ze zei dat ze geen relatie meer wilde. Maar toen we vijf jaar met elkaar omgingen moest ze erkennen dat we al vijf jaar een relatie hadden', aldus Baltussen. Ze werkte tot op de dag van haar dood in het atelier.

Bekende beelden van haar zijn de Nar bij de Hamboskliniek in Kerkrade, Vier Oude Wijven in Raamsdonkveer, Franciscanen in Leeuwarden, De Zonnewachter in Spijkenisse, Windgodinnen bij Vliegbasis Eindhoven, De Aandacht bij het Elkerliek Ziekenhuis in Helmond en Mijnheer pastoor in haar woonplaats Knegsel.

Overwogen wordt om een beperkt aantal beelden postuum na te laten gieten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.