Krappe triomf van een pragmaticus

De Spanjaard Alberto Contador won voor de derde keer in zijn carrière de Tour de France. Amper was hij over de finish of de vraag werd gesteld: hoe ziet de ronde van 2011 er uit?...

Voor wielervolgers is Tour de France als Kerstmis. Er komt altijd een moment waarop je denkt: volgend jaar rond deze tijd, wie zien we dan nog terug?

‘Ik probeer te leven naar het idee van Le Tour Eternel, de eeuwige Tour, alsof ik er altijd bij zal zijn’, zei de Fransman Raymond Poulidor, 74 jaar, veteraan en voor velen de verpersoonlijking van het ultieme Tourgevoel.

Vaak verdwijnen de oudgedienden geruisloos uit de ronde, deze keer is het anders. Dat komt door Lance Armstrong (zie pagina 28). In diens kielzog reden mannen als Jens Voigt, Christophe Moreau, Robbie McEwen, Alessandro Petacchi, Koos Moerenhout om uiteenlopende redenen (waarschijnlijk) hun laatste ronde. Het afscheid werd gemarkeerd.

Deze Tour was er een van leven en dood. Leven door het fascinerende duel tussen Alberto Contador en Andy Schleck, dat op de voorlaatste dag in het voordeel van de eerste werd beslist. Dood, omdat tijdens de 97ste Tour voor een generatie de gele trui definitief een illusie is geworden. Carlos Sastre, Cadel Evans, Levi Leipheimer, Andreas Klöden en Ivan Basso hoorden in Rotterdam nog bij de outsiders, maar ondervonden dat de tand des tijds hen heeft ingehaald.

‘De dood, de dood. Als ik opgeef, ga ik dood, zei Laurent Fignon, tegenwoordig tv-commentator, aan de vooravond van deze ronde. Hij was in Frankrijk drie weken lang de rode draad. Dagelijks confronteerde hij de wielervolgers met zijn ziekte. De drievoudig winnaar heeft longkanker, uitgezaaid naar de lymfeklieren. Op 1 en 16 juli onderging de Fransman een chemokuur, een dag later gaf hij gewoon commentaar voor televisiezender France2.

Fignon (50) beperkte zich tot de sleuteletappes. Zijn stem was hees en fluisterend, aangetast door de kanker. Het ging door merg en been. Alleen Fignon weigerde te capituleren. ‘Ik wil niet sterven.’

Dat sporthelden onsterfelijk zouden zijn, hoort bij de romantiek van het metier. Contador toonde zaterdagmiddag meer dan ooit zijn emoties na de tijdrit in Pauillac. Hij huilde op het podium. Het was, zo zei later, omdat hij bij het overschrijden van de streep terugdacht aan 2004, het jaar waarin een bloedprop in de hersenen hem tijdens een wielerwedstrijd bijna fataal werd.

Het was de stress die de herinneringen hadden bovengehaald. Contador hoorde rivaal Schleck in de 52 kilometer lange tijdrit tussen Bordeaux en Pauillac zaterdag tot op 1 seconde naderen. Een niet voor mogelijk gehouden ontknoping leek in de maak.

En daar was Laurent Fignon weer.

Twee keer won hij de Tour, maar steeds gaat het over die ene verloren Tour in 1989. Fignon is een van vier renners, naast Claudio Chiappucci, Pedro Delgado en Joop Zoetemelk die in de naoorlogse Tour de zege in de slotdagen verspeelde in een tijdrit.

Fignon weerlegde die zienswijze zaterdag nog maar eens. Hij verloor de Tour niet op de Champs Elysées, maar in de laatste bergetappe. Daar verzuimde hij weg te rijden van Greg LeMond, terwijl hij zich ‘tien keer sterker voelde dan de concurrentie’. ‘Daar heb ik spijt van, zoals Schleck spijt zal krijgen van zijn gemiste kansen.’

In Pauillac zei Schleck inderdaad dat de Tourzege niet in de tijdrit door zijn handen glipte, maar dat het al eerder was gebeurd. Waar wilde hij niet specificeren. Misschien was hij toch te afwachtend geweest in de etappe naar St. Jean-de-Marienne, of naar Ax-3-Domaines. Contador leek kwetsbaar bergop, behalve op de Tourmalet.

Hij heeft zich laten manipuleren door Contador, vond Fignon. Hij heeft te veel gerekend. Op het psychologische vlak riep de Fransman de Spanjaard uit tot grote winnaar van deze Tour. ‘Contador is erin geslaagd zijn tegenstander in slaap te wiegen.’

Schleck wekte die indruk niet toen hij zaterdag tussen de wijnvelden trachtte alsnog zijn acht seconden achterstand in het algemeen klassement goed te maken. De 25-jarige Luxemburger slaagde erin Contador zenuwachtig te maken. De Spanjaard schoof ongemakkelijk op zijn zadel.

‘Op een moment dacht ik: het is verloren’, gaf Contador toe. ‘Het deed pijn, maar ik bleef geconcentreerd en heb gestreden tot de laatste meter.’

Vorig jaar won Contador de slottijdrit glorieus. Hij versloeg specialist Fabian Cancellara rond het meer van Annecy met een handvol seconden. Nu moest hij 5 minuut 43 toegeven op de Zwitserse wereldkampioen en werd hij pas 35ste. Schleck werd 44ste, op 6 minuut 14.

Het was een wonderbaarlijke uitslag op de voorlaatste dag van de Tour. Normaliter beheersen de klassementsrenners de slottijdrit. Dat ligt aan motivatie en frisheid. Maar de strijd had kennelijk al veel van de hoofdrolspelers van deze Tour geëist.

Een halve minuut gaf Schleck uiteindelijk maar toe op Contador. Veel minder dan verwacht. Lag dat aan de gele- of aan de wittetruidrager? De Spanjaard zei dat het hem te verwijten viel. Schleck was niet beter dan in 2009, hij reed slechter. Een allergie kwelde hem al het hele jaar. Voor de Tour nam hij een antibioticakuur. Misschien dat die zijn conditie aantastte, dacht Contador.

Zelfs in Spanje moest hij met kritiek afrekenen. Contador won dit jaar geen etappe, zoals Roger Walkowiak in 1956, Gastone Nencini in 1960, Lucien Aimar in 1966, Greg LeMond in 1990 en Oscar Pereiro Sio in 2006. Het hoefde niet, redeneerde Contador. Hij wilde er geen energie aan verspillen. Wat telde, was het geel in Parijs.

Contador, de pragmaticus. Zo maakte hij tijdens twee eerdere Tourzeges geen naam. In 2007 duelleerde hij in het hooggebergte met Michael Rasmussen en kreeg hij de eindzege in de schoot geworpen toen de Deen door Rabobank uit de ronde werd gezet.

Vorig jaar was zijn eigen ploeg de grootste tegenstander. Lance Armstrong mobiliseerde daar de troepen om de Spanjaard uit zijn evenwicht te brengen. Dat lukte niet. Contador oogstte met zijn koelbloedigheid en zijn aanvallersinstinct in de bergen bewondering.

In populariteit legde hij het in 2010 af tegen Schleck, beste jongere en misschien wel de morele winnaar. Als patron werd hij door het peloton ook niet geaccepteerd. Toen Contador donderdag op weg naar de Tourmalet het peloton stil trachtte leggen, zoals Cancellara dat als geletruidrager deed op weg naar Ans, koos Carlos Sastre de aanval.

De Tourwinnaar van 2008 deed alsof zijn neus bloedde. ‘Ik ben ook al gevallen in deze Tour, niemand heeft ooit op mij gewacht. Op die manier maken we van wielrennen een sport verwende kinderen’, zei Sastre.

Contador leek zich er niet goed raad mee te weten. Na het incident op Port de Balès, waar Schleck te voet stond na een schakelfout, putte hij zich ook al uit in excuses. Terwijl de enige fout die hij daar maakte, de leugen was dat hij niet had gezien dat zijn rivaal met pech kampte.

De vriendschappelijke manier waarop Schleck en Contador met elkaar omgingen, werkte velen dit jaar op de zenuwen. Op de Tourmalet vielen beide kopmannen elkaar in de armen. Fignon foeterde op de televisie. ‘Wielrennen is geen sport voor vrienden!’

Tijdens de wedstrijd is er geen plaats voor mededogen, vond hij. ‘Ik ben nooit in de armen van Bernard Hinault of Greg LeMond gevallen. Wanneer je rivalen bent, kun je elkaar niet aardig vinden, dat móet je elkaar niet aardig vinden. Dat is gezond.’

Hij betaalt er, hoe pijnlijk, nu de prijs voor. Toen hij ziek werd, kreeg hij telefoontjes van Eddy Merckx en Felice Gimondi. Verder hoorde hij van niemand uit het peloton iets. Zelfs van zijn voormalige ploegleider Cyrille Guimard hoorde hij niets, net zomin als van Bernard Hinault.

Het is niet dat Fignon het niet wilde. ‘Weinig mensen komen vragen hoe het met mij is. Misschien komt dat omdat mensen niet graag worden geconfronteerd met ziekte en dood. Ze vinden het moeilijk normaal om te gaan met iemand die aan een dodelijke ziekte lijdt’, zei voor de Tour in Het Laatste Nieuws.

Toch blies het vriendelijke duel de Tour nieuw leven in. Directeur Christian Prudhomme kraaide van geluk dat het evenement er zonder dopingschandalen van af was gekomen en riep dat het sinds zijn aantreden in 2004 zijn mooiste ronde was geweest. ‘En er ligt nog veel moois in het verschiet.’

En eenmaal op adem, beweerde Schleck dat hij alweer met zijn hoofd aan de start van de Tour van 2011 stond. ‘Ik denk Contador ook. Hij zal zich waarschijnlijk meer zorgen maken dan dit jaar.’

En Contador: ‘Ik denk dat Andy en ik de basis hebben gelegd voor een mooie strijd in de toekomst. Maar we moeten niet denken dat het alleen tussen Andy en mij zal gaan. Er zijn veel jongens die ons niveau kunnen halen.’

Wrang was het dat het verschil tussen winst en verlies uiteindelijk 39 seconden bedroeg. Alsof het zo had moeten doen. Precies dezelfde 39 seconden die Schleck verspeelde tijdens de sleuteletappe van deze Tour, rit 15, van Pamiers naar Bagnères-de-Luchon. Waren de kopmannen van Astana en Saxo Bank daar in dezelfde tijd gefinisht, had Schleck de Tour gewonnen, met een voorsprong van precies 0,64 van een seconde.

‘Wat als’, telt niet, wuifde Bjarne Riis – ploegleider van Schleck – de suggestie onmiddellijk weg. Want dan was Contador misschien wel weggereden op de Tourmalet.

Toch was de tweede plaats van Schleck ook voor Riis een gemiste kans. Volgend jaar begint Schleck met zijn broer Frank, maar zonder Riis, een eigen Luxemburgse ploeg, met Auchan als sponsor. Mogelijk verhuist Contador dan naar de ploeg van de Deen, die nog zoekt naar een nieuwe geldschieter. Grootste belangstellende lijkt Specialized, dat bij Astana al een deel van het salaris van de Spanjaard betaalt.

Opheldering wilde Contador er dit weekeinde niet over verschaffen. Maar als drievoudig winnaar zal hij er in 2011 wel weer bij zijn.

Het peloton rijdt verder zonder mannen als Armstrong en Moerenhout. En Fignon? Hij is gevangene van zijn ziekte. Hij vecht omdat hij geen andere keuze heeft, zei de Fransman. ‘Dat vechten heeft niets met wielrennen te maken, dat zit gewoon in de vezels van iedereen die wil overleven. Als ik niet tegen de ziekte vecht, ga ik snel dood. Ik wil niet snel dood.’

Schleck voor de tijdrit zaterdag: ‘Zolang je niet dood bent, leef je.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden