Kramer vrijwel zeker afwezig op 1.500 meter

Voor zijn echte plaats in de schaatsgeschiedenis zou Sven Kramer in Sotsji de 1.500 meter moeten winnen, zo zeggen de puristen onder de volgers. Het is de afstand van de grootmeesters op de schaats, de discipline waarop Hjalmar Andersen, Ard Schenk, Eric Heiden en Johann Olav Koss hun grote olympische reputatie schraagden.

SOTSJI - Zij werden drievoudige olympische kampioenen in tijden dat de ploegachtervolging nog niet bestond, tussen 1952 en 1994. Sven Kramer, kind van de moderne schaatsgeschiedenis, gaat ook voor zo'n bijzonder trio aan gouden medailles. Hij denkt die, met een economische strategie, te veroveren op de drie afstanden die hem, de stayer bij uitstek, op het lijf zijn geschreven. Dat zijn de 5 kilometer, de 10 kilometer en de ploegachtervolging.


Een vierde goud, het zou een sprookje zijn. Maar maandag sprak Kramer plotseling van zijn twijfels over de 1.500 meter die voor zaterdag op het programma staat. Hij was bij zijn openlijk uitgesproken overwegingen bijna zover om zijn startbewijs voor die afstand aan reserve Jan Blokhuijsen te geven. Alleen de officiële mededeling lijkt nog gestempeld te moeten worden.


De man, die zaterdag met zo veel machtsvertoon zijn olympische titel op de 5 kilometer prolongeerde, denkt dat een krachtsinspanning op de 1.500 meter hem te veel energie gaat kosten voor de uitvoering van zijn voorkeursprogramma. Het is niet alleen de verzurend zware race die pijn doet, het zijn ook alle verplichtingen erna die tijd en inzet vragen.


Kramer, in de catacomben na zijn eerste ijstraining sinds zaterdag: 'Als ik 'm rijd, dat rijd ik die 1.500 ook om te winnen. Als je dan eventueel zilver of brons haalt, dan vind ik het, met die 48 uur erna, dat niet waard. Wat er dan allemaal met je gebeurt, waar je heen moet. Pff.'


Dan de beslissende verklaring: 'Ik ben eigenlijk hier om één ding goed te doen. Daarom ben ik hier gekomen. Ik ga me volledig focussen op de 10 kilometer van volgende week.'


Dan nog eens verduidelijkend: 'Ook al zou ik 'm (de 1.500 meter, red.) winnen. Ik wil die 10 winnen. Als ik daardoor de 10 niet kan winnen, dan is dat een afweging.'


De twijfel van de schaatser, die bij het olympisch kwalificatietoernooi (OKT) van december teleurstellend zesde werd op de schaatsmijl, is evident. Bij de twee vorige olympische 1.500 meters werd hij vijftiende (2006) en dertiende (2010).


De 5 kilometer van zaterdag moet er bij de man met het enorme uithoudingsvermogen diep ingehakt hebben. Hij reed volgens eigen zeggen 'de beste 5' uit zijn loopbaan. Hij had ongunstig geloot en moest, met de concurrenten Bergsma en Blokhuijsen direct na zich, diep in zijn reserves graven. Zijn uithoudingsvermogen, opgebouwd met lange, extensief gerichte trainingen met stayers als Douwe de Vries en Christijn Groeneveld, werd tot het uiterste beproefd.


Kramer weet dat de kans bestaat, dat hij, drie dagen na de 1.500 meter, al weer tot de bodem zal moeten gaan op de 10 kilometer. Het kan te veel zijn, weet hij na het vorige olympische seizoen (2009-2010) waarin hij zijn eigen conditie vermorzelde en onvermoed tot een jaar in de ziekenboeg werd veroordeeld.


De nederlaag, die de Fries vorig jaar op de WK afstanden in hetzelfde Adler-stadion leed tegen de man van de '200 kilometer specialisatie', Jorrit Bergsma, is bij Kramer destijds scherp ingeslagen. Zijn provinciegenoot dient serieus genomen te worden, zeker als de loting gaat uitwijzen dat Bergsma in de rit na Kramer van start mag gaan.


Senang

Alles op de 10, Kramer herhaalde het maandag nog maar eens met zijn verwijzing naar de schaatsijzers. Hij laat ze niet anders buigen, om op de 1.500 meter kans te maken. Hij houdt de afstelling van de 5 kilometer aan, waarop hij zich meer dan senang voelde. 'De 5 en de 10 kilometer rijd ik op dezelfde ijzers. Als je volledig voor de 1.500 wilt gaat, moet je veranderen. Dat wil ik niet. De 10 kilometer is het allerbelangrijkst.'


Het lijkt van de buitenkant raar, mogelijk niet netjes dat de gekwalificeerde Kramer afziet van de afstand die bij vele volgers de warmste gevoelens oproept. In Heerenveen was hij niet anders georiënteerd. Hij had de 1.500 meter bij het OKT overgeslagen indien die tussen de 5 en de 10 kilometer zou zijn geprogrammeerd. Als slotafstand van de vijfdaagse wilde hij zich er wel aan wagen.


Voorop staat dat Kramer zich niet of nauwelijks heeft voorbereid op de schaatsmijl. Zijn twee wereldbekeroverwinningen op die afstand stammen uit 2007 en 2008. Hij lijkt te kiezen voor een secure voorbereiding op twee nummers waarop hij een 'groot slem' kan behalen. Hij is, hoe romantici en puristen er ook tegenaan kijken, een calculerende topsporter geworden die weet wat zijn beperkingen zijn en daarnaar handelt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden