Krachttour

Geen orkest bezocht eerder zes continenten in een jaar. Het Concertgebouworkest gaat het doen, ter ere van het 125-jarig bestaan. Een beproeving voor zowel mens als instrument. Dat blijkt al tijdens een trip naar Londen.

Tijd: 20.10 uur, zaterdagavond. Plaats: Barbican Hall, Londen

Terwijl het applaus na afloop van Strauss' Also sprach Zarathustra door Barbican Hall klinkt, lijkt concertmeester Vesko Eschkenazy van zijn stoel te willen opspringen. De eerste violist kijkt zeer bezorgd naar dirigent Mariss Jansons, die staand voor zijn orkest even lijkt te wankelen. Er wordt bravo geroepen, maar als Jansons zich omdraait naar het publiek, is zijn lach een grimas. Zijn gezicht is grijs, hij heeft het zwaar, zoveel is duidelijk. Als Jansons het podium afloopt, rent Eschkenazy hem bijna achterna.


'Het gaat niet goed met de maestro', zegt een van de orkestleden even later achter het podium. Het is pauze, maar het is de vraag of Jansons nog wel in staat zal zijn de avond af te maken. Eschkenazy houdt de wacht voor Jansons' kleedkamer; directeur Jan Raes van het Koninklijk Concertgebouworkest loopt in en uit.


De vraag wordt niet hardop uitgesproken, maar is in ieders gedachten: het is toch niet zijn hart? Jansons is in 1996 ternauwernood aan de dood ontsnapt na een zware hartaanval en heeft een paar keer voor langere tijd rust moeten nemen. Het zal toch niet misgaan hier vanavond?


Tijd: 10.00 uur, zaterdagochtend. Plaats: in de bus van het Concertgebouw naar Schiphol

'Op onze tournee door Azië laatst stootte iemand in de hotelkamer zo hard haar teen dat die gebroken bleek', zegt orkestinspecteur Frans Beekman, die samen met zijn collega Harriët van Uden met het orkest meereist naar Londen. Hij vertelt over de problemen die gepaard kunnen gaan met het vele reizen door het orkest, voor mensen en instrumenten.


'Het is zwaar omdat je op veel verschillende plekken bent, steeds een ander hotel hebt, je te maken krijgt met de plaatselijke keuken, de airconditioning in het hotel, vermoeidheid. Dat kan de weerstand ondermijnen. Terwijl je wel geacht wordt tijdens het concert weer een topprestatie te leveren.' Ook de instrumenten hebben het soms zwaar, vertelt Beekman. 'In China werden de kisten met instrumenten neergezet in een grote loods en om ze te beschermen hebben onze orkestbodes er grote kleden overheen gelegd. Maar het hielp niet veel. De musici schrokken ervan hoe koud de instrumenten waren geworden toen ze waren uitgepakt voor het concert. Gelukkig was er geen blijvende schade.'


Het Concertgebouworkest kondigde vorige week een meer dan grootse onderneming aan: het gaat volgend jaar, ter gelegenheid van het 125-jarig bestaan, op wereldtournee naar zes continenten. Dat heeft, zegt men zelf, geen enkel orkest ooit eerder gedaan. Het geeft 48 concerten in 30 steden, onder meer in Australië en Afrika, werelddelen waar het orkest niet eerder voet aan de grond zette.


Vergeleken daarmee is dit tripje naar Londen peanuts. Maar toch. Zelfs voor zo'n relatief kleine reis treedt een hele machinerie in werking. Er moet een hotel worden geboekt in de buurt van de zaal, maar lang niet ieder hotel kan in een klap meer dan honderd mensen bergen. De instrumenten moeten worden verscheept. Dat gebeurt met een speciale vrachtwagen van de firma De Gruijter, die een dag eerder per schip al uit IJmuiden is vertrokken, samen met de orkestboden, die in Londen de opbouw doen voor het concert. Er moet iemand vooruit reizen om te checken of in het hotel - dit keer het tien minuten lopen van The Barbican gelegen Andaz - alles in orde is. Er moet gecontroleerd worden of iedereen wel in de bus zit - Frans Beekman stapt als laatste in. Op het vliegveld is dan Harriët van Uden al aanwezig om het orkest bij de juiste incheckbalie op te vangen.


Het orkest is niet alleen in Londen om er te spelen. Het heeft er ook representatieve verplichtingen. Onder de naam 'Dutch Masters Foundation' werft het samen met het Nederlands Dans Theater en het Mauritshuis geld onder donateurs in Londen.


32 Londenaren, meest Nederlandse expats, steunen de drie instellingen sinds 2010 met 5.000 pond per jaar. Vanavond zijn ze bij het concert aanwezig en zullen ze na afloop een aantal van de musici ontmoeten. En daarmee houdt het nog niet op. Ook burgemeester Eberhard van der Laan en zijn Amstelveense collega Jan van Zanen wonen het concert bij, samen met een delegatie Aziatische investeerders. Ook bij die borrel maken orkestleden hun opwachting.


Tijd: 18.05 uur. Plaats: repetitie in Barbican

Is het orgel te horen?, vraagt Jansons de assistent-dirigent die achter in de zaal staat. Kunnen de harpen wat meer geven? Steeds worden stukjes gespeeld om te wennen aan de akoestiek van de zaal, die een stuk 'droger' is ('dog-biscuit dry', schrijft de website The Artsdesk de volgende dag mopperend in een recensie) dan die van het Concertgebouw. Jansons is als een magneet, hij trekt alle aandacht naar zich toe. 'Als hij er is, doet het orkest dingen voor hem die eigenlijk niet kunnen', zegt orkestinspecteur Van Uden. 'Maar de spanning en de druk zijn ook heel hoog.'


Tijd: 19.05 uur. Plaats: de Fountain Room, een van de foyers van het Barbican

Adjunct-directeur artistieke zaken Joel Ethan Fried geeft een inleiding op het all-Strauss-programma aan de tien tot vijftien aanwezige leden van Dutch Masters. Het is een vergissing te denken dat het Concertgebouworkest alleen een Mahler-orkest is, vertelt hij.


'Strauss heeft het orkest veertig keer gedirigeerd. 'Jugendfrisch' noemde hij het orkest enthousiast een paar jaar nadat het was opgericht.' Over Also sprach zegt Fried dat de balans tussen de strijkers en het koper een delicate is. 'Kijk nooit bemoedigend naar het koper, luidde Strauss' waarschuwing aan dirigenten.' Iets over half acht verwelkomt het publiek Jansons met luid applaus. Hij heft zijn baton en dan klinkt het majestueuze begin van Also sprach Zarathustra.


Tijd: 20.45 uur. Plaats: in de zaal

De pauze is meer dan een kwartier uitgelopen; het is nog steeds onduidelijk of Jansons terugkeert op het podium. Dan komen de 23 strijkers op die het tweede stuk van de avond, Metamorfosen, gaan spelen. Terwijl het zaallicht nog aan is, zet concertmeester Vesko Eschkenazy in. De bok blijft leeg, Eschkenazy dirigeert waar mogelijk met zijn strijkstok. De musici luisteren zichtbaar naar elkaar, spannen zich in om elkaar te begrijpen. Het wordt een intense uitvoering. Na afloop is het een paar seconden stil, dan klinken luide bravo's voor de moedige Eschkenazy en zijn collega's. Als even later Mariss Jansons terugkeert om DerRosenkavalier Suite te dirigeren, laat het orkest stampvoetend zijn waardering blijken. Na afloop van het stuk werpt Jansons kushandjes naar de orkestleden. Hij zegt niet, zoals gewoonlijk, thank you, thank you, vertelt een orkestlid achteraf, maar excuse me, excuse me. Jansons staat te hijgen; de toegift (een met een knipoog: een wals van Johan - geen familie - Strauss) blijft achterwege. De recensent van de Evening Standard constateert een dag later in zijn viersterrenrecensie dat Jansons Strauss' waarschuwing over het koper in de wind heeft geslagen.


Tijd: 22.00 uur. Plaats: een zaaltje in The Barbican

Burgemeester Van der Laan van Amsterdam prijst ten overstaan van een aantal Aziatische zakenlieden het Concertgebouworkest de hemel in, om vervolgens te vertellen dat Amsterdam de echte gateway to Europe is.


Op uitnodiging van Van der Laan en zijn Amstelveense collega Jan van Zanen ('Amstelveen is Little Tokyo') hebben de Aziaten het concert bijgewoond. De Nederlandse handelsdelegatie is in Londen om bedrijven naar Nederland te trekken, en 'wat is er nu mooier dan aan relatiebeheer te doen met behulp van dit schitterende orkest', zegt Van der Laan. 'Ik had aan de ene kant een Chinees, aan de andere kant een Japanner, en ze zaten op het puntje van hun stoel.' Het is ook Van Zanens ervaring: 'Die Japanners, ze huilen erbij, húílen.' Maar dat cultuur wordt ingezet om handel binnen te halen, dat is net iets te plat gezien, vindt Van der Laan. 'Het orkest weet mij en anderen te ontroeren. Dat slaat bruggen.'


Het Koninklijk Concertgebouworkest is een geliefd cultureel ambassadeur van Nederland. 'Als we naar Azië gaan, willen handelsdelegaties graag mee', zegt zakelijk adjunct-directeur David Bazen. 'Het is niet zo dat wij met de delegaties meegaan, nee, de reizen worden rond onze tournees gepland. Maar we zoeken het ook op. We brengen Economische Zaken altijd op de hoogte van onze plannen. Als wij naar São Paulo gaan, moet EZ dat op tijd weten.'


Tijd: 22.30 uur. Plaats: The Fountain Room

Hier komen de leden van de Dutch Masters na afloop van het concert samen om elkaar en de musici te ontmoeten. Prinses Mabel, supporter van het Nederlands Dans Theater (NDT) en samen met prins Friso van het begin af aan nauw betrokken bij de Dutch Masters, komt even kort gedag zeggen. Nog een week voor het ski-ongeluk nam Friso volop deel aan een avond met de Dutch Masters in de National Gallery, waar ze 'live' de restauratiewerkzaamheden aan een Rembrandt konden bijwonen.


Bestuurslid van Dutch Masters Rose Damen is ook van het begin af aan lid. Ze werkt sinds vier jaar in Londen. 'Ik ben al heel lang fan van het NDT. Ik wil graag meehelpen hier geld op te halen en een netwerk te creëren. Dit is niet de makkelijkste tijd om te vragen om geld, maar toch hoop ik dat we kunnen groeien naar vijftig leden eind dit jaar.


Het leuke van zo'n avond als deze is bijvoorbeeld de inleiding en de mogelijkheid om de musici te ontmoeten. Heel enthousiast zijn ze vaak.' Damen praat onder anderen met violiste Annebeth Webb. 'Mensen zien orkestleden meestal alleen maar in de concertzaal', zegt Webb. 'Daar ben je anoniem. Ze vinden het ook leuk om aan mij te kunnen vragen hoe je thuis studeert, hoe ons repetitieschema in elkaar zit, hoe ik het combineer met mijn gezinsleven.'


Tijd: 11.00 uur, zondagochtend. Plaats: in het vliegtuig op weg terug naar Nederland

Artistiek adjunct-directeur Fried spreekt de orkestleden toe om ze op de hoogte te stellen over Jansons: 'Ik weet dat u zich ongerust maakt. Gisteravond wilde Jansons weten waarom de vrouw die zijn kleedkamer was binnengekomen zoveel vragen stelde. Was ze soms een journaliste?


Nee, ze was de dokter en ze constateerde dat hij een bronchitis heeft, waardoor hij het benauwd kreeg tijdens het concert. Het gaat nu goed met hem, al heeft hij zijn lezing voor vanmiddag moeten afzeggen. Dinsdag begint hij weer met repeteren in München. Mijn complimenten voor jullie en met name voor Vesko en zijn strijkers.'


De concertmeester krijgt applaus van zijn collega's. De volgende ochtend om half tien beginnen de repetities voor Bruckner 5, met Bernard Haitink.


--------------

Residenties

Het optreden in de Barbican Hall is een onderdeel van de 'Residency' in Londen. Het is een samenwerkingsverband met The Barbican en houdt meer in dan alleen het geven van concerten. Musici geven masterclasses en workshops, er zijn kamermuziekoptredens en educatieve activiteiten. Op 22 april was het orkest er al samen met Nicolaus Harnoncourt, met Beethovens Missa Solemnis, zondagmiddag is het er weer onder leiding van Bernard Haitink, met Bruckners 5de symfonie. Ook met de Salle Pleyel in Parijs en de Bozar in Brussel werkt het orkest op deze manier samen. 'We willen een iets bredere internationale uitstraling dan alleen het geven van concerten', zegt zakelijk adjunct-directeur David Bazen. 'Onze internationale positie is uitstekend, we worden in een adem genoemd met de Berliner Philharmoniker en de Wiener Philharmoniker. Die positie willen we waar mogelijk verankeren.'

----------------

Dutch Masters

Dutch Masters is een van de manieren waarop het Concertgebouworkest geld werft in het buitenland. 'Het idee ontstond een paar jaar geleden, toen bleek dat het Mauritshuis en het NDT afzonderlijk van elkaar zochten naar donateurs in de Britse hoofdstad', vertelt directeur Wouter Steijn van de nauw aan het orkest gelieerde Stichting Donateurs. 'Het was ambassadeur Pim Waldeck die hun aanraadde eens met elkaar te praten. Het Concertgebouworkest - nog zo'n stevig internationaal cultureel 'merk' - werd er als derde bijgehaald.' Al veel langer heeft het orkest vriendenkringen in het buitenland. De oudste, in de Verenigde Staten, bestaat 15 jaar.

De American Friends of RCO maken onder meer de concerten in Carnegie Hall mede mogelijk en werven geld voor instrumenten. Een van de leden heeft onlangs een groot bedrag geschonken waarmee de concertante uitvoering van Der Fliegende Holländer wordt mogelijk gemaakt. Ook in Frankrijk, België en Zwitserland zijn er vriendenkringen. Andere Nederlandse culturele instellingen die geld in het buitenland werven, zijn onder meer het Rijksmuseum met zijn uit 30 particulieren bestaande International Circle en het Scheepvaartmuseum met het Compagniefonds, met kamers in New York, Londen en Hongkong.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden