AnalyseCoronamiljarden

Kraakt Brussel de kluis met de coronamiljarden?

Vrijdag en waarschijnlijk ook zaterdag komen de EU-leiders bijeen om de knoop door te hakken over het herstelplan. De meningsverschillen zijn groot. Wat zijn de te kraken sloten voordat de brandkast met de miljarden opengaat?

Het moet! Dat is de oproep van EU-president Charles Michel aan de regeringsleiders die vrijdag in Brussel een compromis proberen te bereiken over het grootste herstelplan (ruim 1.800 miljard euro om de coronarecessie te verzachten) in de Europese geschiedenis. ‘Dit is het moment’, schrijft Michel aan de leiders. Maar of ze het pakken – er ligt een marathonvergadering in het verschiet – is allerminst zeker.

Alle ogen zijn gericht op premier Mark Rutte die zich heeft ontpopt als de leider van het kamp-Zuinig: het moet goedkoper. Maar Rutte is niet de enige dwarsligger. Zo weigert de Hongaarse premier Viktor Orbán elke koppeling tussen EU-subsidies en het respecteren van de rechtsstaat. En willen Pedro Sánchez (premier van Spanje) en Giuseppe Conte (Italië) niet dat andere lidstaten zich bemoeien met hoe zij de EU-miljarden straks besteden. Een minimaal herstelfonds met maximale voorwaarden of een maximaal fonds met minimale voorwaarden: een overzicht van de te kraken sloten om bij de miljarden te komen.

Slot 1: Herstelfonds (750 miljard euro, Rutte wil minder)

Het eerste ‘cijfer’ in dit cijferslot is de omvang van dit tijdelijke fonds, bedoeld om sneller uit de recessie te kruipen. De Europese Commissie en Michel zetten in op 750 miljard euro, geld waarvoor de lidstaten gezamenlijk schulden aangaan. Volgens Rutte is dit onnodig veel. Hoewel hij zich niet op een bedrag vastlegt, wordt in Den Haag 500 miljard (waar Berlijn en Parijs eerder mee kwamen) als de bovengrens genoemd, 400 miljard is nog beter. Rutte kan rekenen op de steun van zijn zuinige vrienden (Oostenrijk, Zweden, Denemarken) maar ook de Finse premier meent dat er minstens 100 miljard euro vanaf kan. Daartegenover staan Sánchez en Conte (plus andere zuidelijke leiders) die eerder denken aan een fonds van 1.500 miljard euro. Rutte weet dat een te marginaal fonds de financiële markten nerveus kan maken, daar is Nederland niet bij gebaat.

Dan is er de verhouding tussen subsidies en leningen: de Commissie wil dat tweederde (500 miljard) van het herstelfonds als subsidie wordt verstrekt, de rest in de vorm van goedkope leningen. De ‘zuinige vier’ willen dat er alleen maar leningen komen. Ook over de verdeelsleutel (voor Italië en Spanje profiteren als zwaarst door corona getroffen landen) wordt nog volop gesteggeld.

Het laatste cijfer is in dit slot is het moeilijkste: de voorwaarden waaronder de herstelmiljarden worden uitbetaald. De meeste lidstaten willen het geld inzetten voor duurzame investeringen. Die moeten de economieën versterken en veerkrachtiger maken. Rutte gaat echter een grote stap verder: hij wil ingrijpende hervormingen (in de pensioen- en ontslagstelsels) waar dat nodig is. Bovendien eist hij – en daarin staat hij tegenover zijn 26 collega’s – dat elk land een veto krijgt om uitbetaling van de miljarden te voorkomen als er niet aan de voorwaarden wordt voldaan. De uitbetaling aan het oordeel van de Commissie overlaten, wijst Rutte af. Hij vreest dat de Commissie te soepel is, zoals afgelopen jaren bij het toezicht op de begrotingsregels. Michel en de andere 26 leiders zijn voor een lichtere toets door de lidstaten.

Slot 2: Meerjarenbegroting (1.100 miljard euro)

Deze code lijkt iets makkelijker te kraken. De Commissie stelde de Europese meerjarenbegroting (2021-2027) op 1.100 miljard euro. Michel schaafde daar vorige week 25 miljard euro vanaf, de ‘zuinige vier’ willen nog een stapje verder gaan. Zij achten 1.050 miljard voldoende. Let wel: het Europees Parlement houdt vooralsnog vast aan 1.300 miljard en de parlementariërs zijn nodig voor een akkoord.

Slot 3: Rechtsstaat in Oost-Europa

Dit een complex slot. Opnieuw is het 26 leiders tegenover 1, ditmaal met Orbán in de geïsoleerde positie. Michel stelt voor dat de lidstaten kunnen beslissen (met gekwalificeerde meerderheid) dat een lidstaat EU-geld wordt ontzegd als die de rechtsstaat ondermijnt. Orbán ligt al jaren onder vuur van Brussel omdat hij de rechterlijke macht en de media naar zijn hand zet met omstreden wetten. De Hongaarse premier vreest verlies van miljarden aan EU-subsidies als zijn collega’s hun zin krijgen. Polen, dat normaliter nauw met Hongarije optrekt in dezen, houdt zich vooralsnog stil.

Slot 4: de kortingen (Rutte wil meer)

Dit slot lijkt bijna gekraakt. Waar de Commissie de korting op de EU-betaling van onder meer Nederland (1,6 miljard euro per jaar) en Duitsland (3,7 miljard) wilde afbouwen, laat Michel die intact. Rutte en bondskanselier Angela Merkel hadden de EU-president laten weten dat er zonder korting überhaupt geen akkoord mogelijk zou zijn. Rutte is echter nog niet tevreden: hij wijst erop dat de hogere uitgaven van de EU in de toekomst, Nederland 600 miljoen euro per jaar extra kost. Hij wil dus een hogere korting. Zuidelijke en oostelijke lidstaten (die de Nederlandse korting betalen) verzetten zich.

Slot 5: 27 leiders met ieder een vetorecht

Het laatste maar bepalende slot voor de kluisdeur open kan: een veto. Iedere leider beschikt erover, want de meerjarenbegroting en het herstelfonds moeten met unanimiteit worden goedgekeurd. Dat zorgt ervoor dat de EU-top vermoedelijk lang (twee, drie dagen) gaat duren. De inzet van het veto komt overigens met een prijs: een leider verbruikt al zijn krediet bij zijn collega’s.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden