Koud, kil, Brits

Engelse films zijn in Venetië alsnog favoriet in de strijd voor de Gouden Leeuw. Met drie kille, onderkoelde films regeren de Britten het Lido.

'De film is in mijn ogen een triomf.' En 'het is een kunstwerk op zichzelf. Ik ben er trots op dat ik Tomas Alfredson het materiaal heb gegeven dat hij zich zo schitterend eigen heeft gemaakt.'


Dat is altijd prettig bij een boekverfilming: warme woorden van de schrijver zelf. John le Carré was er zelf niet, bij de première van Tinker, Tailor, Soldier, Spy in Venetië. Maar in een brief spreekt hij zijn zegen uit. Ja hoor, zo geeft hij ruiterlijk toe, natuurlijk maakte hij zich zorgen. Omdat ook voor hem de zeker in Engeland legendarische, gelijknamige televisieserie van 32 jaar nog vers in het geheugen lag, met name de hoofdrol van Alec Guinness. 'Maar mijn nervositeit was onterecht.'


Zo'n brief in de persmap stoppen, nog vóór regisseur Tomas Alfredson zijn film kon laten zien, dat is strategie. Critici lopen zich bij dit soort remakes of boekverfilmingen al warm voordat ze een shot gezien hebben. Meteen de spionnenmeester zelf maar laten schrijven dat Alfredson een prachtige film heeft gemaakt, en dat Gary Oldman fantastisch is als spion en hoofdpersoon 'Smiley'.


Maar dat heeft Tinker, Tailor, Soldier, Spy helemaal niet nodig, zo bleek tijdens het 68ste filmfestival in Venetië. Wekle competitiefilms festivaldirecteur Marco Muller nog in petto mag hebben, het wordt een hele klus om Alfredsons spionagethriller te overtreffen, zo zoemt onder filmjournalisten al dagen rond.


In Tinker, Tailor, Soldier, Spy heeft het spionnenbestaan weinig glamour, romantiek of spannends. Halverwege de jaren zeventig blijkt niemand binnen de Britse geheime dienst nog te vertrouwen; oude ingesleten regels over loyaliteit gelden niet meer. Een van de oude rotten blijkt geheime informatie door te spelen aan de Russen en de 'gepensioneerde' spion Smiley krijgt de opdracht om uit te zoeken wie van zijn ex-collega's dat is.


Met behulp van schitterend camerawerk van de Nederlander Hoyte van Hoytema schetst Alfredson de wereld waarin deze mannen zich bewegen: geen swingende seventies-behangetjes, maar kamers waarin de waas van sigarettenrook zich nooit laat verjagen. Dit is een benauwend en troebel tijdperk. Tinker, Tailor, Soldier, Spy is een film als een spion uit die tijd: onderkoeld en beheerst. De adrenaline gaat nooit omhoog, emotionele ontwikkelingen worden altijd verborgen.


Beeld en sfeer, het was in zijn eerdere Let The Right One In al het sterkste punt van de Zweed Alfredson. En le Carré heeft gelijk: Oldman is een fascinerende Smiley - scherp turend door een hoornen bril. Hij is een dolende ziel in die wereld van archiefmappen en dossierkasten. Elke beweging heeft hij onder controle, hij onderdrukt elke gezichtsuitdrukking die emotie kan verraden. 'Ik heb personages gespeeld die vrij expressief waren, hun emoties op een heel fysieke manier uitdrukten. Dus het was een prachtige mogelijkheid om eens iets heel anders te laten zien', vertelt Oldman tijdens de persconferentie.


Tinker, Tailor, Soldier, Spy is echter niet de enige Britse film die vaak genoemd wordt als potentiële prijswinnaar op het filmfestival van Venetië. Sterker nog: de Britten regeren tot nu toe het Lido. Vooral Shame van Steve McQueens (geboren in Londen, 1969) over een seksverslaafde man in New York City, laat zich niet van de favorietenlijstjes van critici en filmbezoekers verdrijven. En dinsdag kwam daar een film bij: Wuthering Heights van Andrea Arnold.


Het toont nog maar eens aan hoe sterk de Britse filmindustrie ervoor staat: al jaren doen vooral de kleinere Britse films als Slumdog Millionaire, The King's Speech en 127 Hours het opmerkelijk goed bij het publiek en verschillende jury's. Het effect van de bezuinigingen waar de Britse filmindustrie dit jaar mee te maken kreeg, is nog niet te zien.


Toch lopen de reacties op Arnolds radicale versie van Wuthering Heights in Venetië nogal uiteen. 'Ik had nooit gedacht dat ik een kostuumdrama zou maken', stelde ze tijdens de persconferentie. En ze is niet de enige: Arnold maakte eerder Red Road en Fish Tank, films die onlosmakelijk verbonden zijn met het contemporaine Engeland. Haar Wuthering Heights lijkt eerder op realistisch Engels kitchen sink-drama dan op de klassieke verfilmingen.


De camera zit dicht op haar hoofdpersonen. Geen ruisende rokken, maar versleten kleding en schoenen die afgetrapt zijn in de Engelse modder. De huizen zijn donker, stortregens teisteren het land. 'Gothisch, feministisch, socialistisch, sadomasochistisch, Freudiaans, incestueus, gewelddadig en plastisch' is Emily Brontës klassieke boek volgens Arnold - het woord 'romantisch' gebruikt ze niet.


Arnolds film blinkt uit in prachtig camerawerk en sfeer. Voelen, ruiken, zien, proeven, horen: via beeld wil Arnold alle zintuigen prikkelen. Met goedgekozen close-ups wordt een eenvoudig ritje op een paard een zinnelijke bioscoopervaring. Arnold investeert meer tijd en interesse in beelden van de natuur dan in het letterlijk volgen van het boek. Dialogen zijn radicaal ingekort, haar Heathcliff is zwart en zegt dingen als 'fuck you all, you cunts'. Het einde van de roman laat ze weg in haar al ruim twee uur durende bewerking. Van de negen competitiefilms die dit jaar gebaseerd zijn op een een boek, strip of toneelstuk is Wuthering Heights de meest gewaagde interpretatie.


'Het is zo'n diep, vreemd en duister boek, het is bijna onbegrijpelijk', aldus Arnold. 'Maar ik heb altijd geprobeerd trouw te blijven aan de essentie van het boek, zoveel mogelijk tenminste.'


Toch is dat niet de reden dat critici verdeeld zijn over haar film. Volgens velen houdt zij de kijker te veel op afstand. En dat valt misschien wel van alle drie de Britse films in de competitie te zeggen. Sfeervol, ja, maar het zijn kille films. Voor een film die het leven van een seksverslaafde volgt, is dat natuurlijk niet zo vreemd, maar het blijkt eenvoudiger om met Brandon uit Shame mee te leven dan met Smiley of Heathcliff. Bij Tinker Tailor Soldier Spy wordt de emotionele onderlaag pas echt duidelijk in de finale. Liefde in Wuthering Heights is een wrede obsessie.


Die onderkoelde toon, de warsheid van sentiment, dat zou best nog een probleem kunnen zijn voor de jury onder leiding van Darren Aronofsky (Black Swan). Het Britse aandeel op dit festival zijn films om te bewonderen, maar niet om van te houden - zaterdag weten we of de jury voor het hoofd kiest of het hart.


Wie is de verrader?

Oud-spion Smiley (gespeeld door Gary Oldman, op foto van AP hiernaast tweede van links) keert in Tinker, Tailor, Soldier, Spy terug naar de Britse veiligheisdienst om uit te zoeken wie de boel verraadt. Met medespelers Colin Firth (links), Benedict Cumberbatch en John Hurt (uiterst rechts) maakte hij maandag zijn opwachting op de rode loper van Venetië.


Colin Firth: 'Geen Oscar-toon'

Oscarwinnaar Colin Firth (The King's Speech) speelt in Tinker, Tailor, Soldier, Spy de rol van Bill Haydon, codenaam 'Tailor'. In de whodunit is hij een van de vier mannen die de dubbelspion zou kunnen zijn binnen MI6. Op een kleine persbijeenkomst in Venetië vertelt hij over zijn werk.


Film Hoe gaat het met je na de Oscars? Hoe lang werkt dat effect door?

'Na groot geluk moet je op precies dezelfde manier verder als na een crisis. Je moet wel. Het is eenzelfde soort helingsproces. En ik geloof dat je nieuwe risico's moet nemen. Zo heb ik nu net een komedie gemaakt: Gambit van Joel en Ethan Coen. Gewoon, omdat het goed voelde. Dat doe ik liever dan dat ik nu een bepaalde 'toon' nastreef, om me weer terug te brengen in 'Oscar-wereld'. Dat zou ook desastreus uitpakken.'


Wat heeft je voorkeur: het type spion in James Bond, of deze ouderwetse versie in Tinker, Tailor?

'Smiley en Bond zijn eenzame, geïsoleerde mannen, nietsontziend en ongebonden. James Bond brengt dat als een droombeeld. Hij is het toppunt van een sociopaat en brengt ook je eigen sociopaat naar boven: zou het niet fantastisch zijn om niets te voelen? Geen spijt, twijfel of angst? Smiley heeft ook die afstand, maar hem kwelt het.'


Was je een fan van de boeken van John Le Carré?

'Ik ben zijn boeken pas gaan lezen in de jaren tachtig en negentig. In de periode dat Tinker, Tailor, Soldier, Spy voor het eerst uitkwam, speelde het Watergate-schandaal.


'Mijn vader, een leraar Amerikaanse geschiedenis, liet me meekijken naar de verhoren. Voor mij was dat een lesje Le Carré, met de vuile spelletjes en afluisterpraktijken.


'Tegelijkertijd was dat het moment dat ik me realiseerde dat een Le Carré niet slechts een thriller is. Zijn boeken gaan over menselijke impulsen, en hoe die daden beïnvloeden.'


Waren die minutieus uitgevoerde decors van Tinker Tailor Soldier Spy belangrijk voor jou als acteur? Was het alsof je in een tijdmachine stapt?

'De originele televisieserie was uiterst modern: de auto's, de kleding, de politieke situatie. Als dat niet het geval is, zoals bij deze verfilming van het boek, moet je je wel gedragen alsof de omgeving voor jou de moderne tijd is.'


Zijn er niet veel parallellen tussen acteurs en spionnen?

'Hooguit dat we allemaal huichelaars zijn, en eenzame, disfunctionele mensen.'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden