Kostelijk hè?

Ruim dertig jaar rapporteerde Thomas Lepeltak in zijn Stan Huygens Journaal over het wel en wee van de Nederlandse society....

ZÚLKE mooie types heeft Thomas Lepeltak ontmoet in zijn carrière bij De Telegraaf. Van die selfmade men die hem vertellen: 'Ik ben zoooo rijk. Ik heb zooooveel geld. Da's zoooo leuk. Jammer dat de KLM geen eerste klas meer heeft. Ik vlieg geen KLM meer. In de business class voel ik me net of ik op de schopstoel zit.'

Lepeltak: 'En dan vraag ik: ben je écht zo rijk?'

'O jaaaa, ik ben zoooo schatrijk.'

Zo'n lach die in het theater de hele zaal aansteekt: 'Vertederend vind ik dat.'

Lepeltak verhaalt over een zakenman, wonend op de Antillen, getrouwd met een vroegere miss Nederland. Zij een 'jong meissie', hij kalend, op wat haarimplantaten na. Tijdens een diner op het eiland vertrouwde de man hem toe dat zijn vrouw 'even boodschappen' aan het doen was in Miami, met zijn creditcard.

'Ach ja', verklaarde de man, 'ze is vaak alleen en kan zo iets beginnen met een leuke student of arts in haar leeftijdsklasse, maar ze kijkt wel uit, want dan weet ze dat ze die creditcard kwijt is.' Lepeltak: 'Dus we kunnen gewoon zeggen dat jij je vrouw hebt gekocht?' Het werd doodstil aan tafel - de bisschop en de gezaghebber van het eiland zaten er ook. 'Heb je gelijk in', verklaarde de zakenman.

Lepeltak (1940) schuddebuikt - wat een heerlijke wereld! 32 Jaar lang berichtte hij in zijn Stan Huygens Journaal over de society. Over hun wel (wijn, eten, sigaren) en wee (echtscheidingen, zakelijke rompslomp). Hoe herken je een welgestelde - getrouwde - man die er een veel jongere vriendin op na houdt? 'Die draagt ineens zo'n sjaaltje, hoe noem je dat, een chokertje. Kostelijk hè?' Weer die bassende lach.

Zijn rubriek was hartelijk ('Tijdens de lunch maakte de Chardonnay Reserva 2000 grote indruk'), met een ironische, soms ronduit vileine ondertoon. Vooral voor de goede verstaander dan. 'Tijdens de bijeenkomst ging het verhaal dat Gretta Duisenberg zich had aangemeld voor een behandeling in de kliniek van Connie Breukhoven. Maar ze kwam er niet in.' Connie Breukhoven is joods.

'Cor Zadelhoff werd ditmaal vergezeld door echtgenote Jeanette, een steunpilaar van onze society. In de loop der jaren is zowel haar gedrag als haar Nederlands almaar deftiger geworden.' Over een toespraak van burgemeester Job Cohen: 'Eigenlijk zei hij niets. Dus gebeurt er volgens de beste Amsterdamse tradities ook niets.'

Een zeer geliefde man op feestjes en partijen van de bevoorrechten. Bijna iedereen uit die kringen wilde figureren in zijn Stan Huygens Journaal, dat nu wordt overgenomen door ex-chef politieke redactie Sjuul Paradijs. Je telde pas echt mee als je op zijn pagina had gestaan. Los daarvan: Lepeltak is het prototype van de gangmaker - altijd gezellig om er bij te hebben. Boordevol anekdoten, overlopend van plezier in het leven, subliem in het creëren van een joviale-met-z'n-allen-onder-mekaar-sfeer.

'Lau!', roept hij tegen een gesoigneerde oudere man, die een tafeltje verderop aanschuift in Freddy's Bar van het Amsterdamse hotel De L'Europe, een van Lepeltaks favoriete hang outs. 'Laurens! Vriend!' Drie bier later: 'Wat glunder je toch man? Zit jij te wachten op wie ik denk dat jij wacht? Huhuhuhuhahahaha.'

Het feestgedruis rond zijn afscheid is nog steeds niet helemaal afgelopen - Lepeltak is ontroerd. 'Vroeger dacht ik: 98 procent kent me niet meer als ik weg ben. In de harde kapitalistische wereld gaat niks voor niks tenslotte. Maar nu kan ik niets meer voor die mensen betekenen en toch geven ze de ene partij na de andere. En dat zijn géén goedkope feestjes hoor.'

Sterrenrestaurant De Karpendonkse Hoeve in Eindhoven liet zowaar de Poolse Nachtegalen overkomen. 'Al die jongetjes zijn 's morgens om vijf uur in de bus gestapt en pas om half negen 's avonds weer uitgestapt om voor mij een paar Poolse liederen te zingen. Ja, da's geen kleinigheid.'

Op dat avondje waren ook de Poolse oud-strijders voor wie Lepeltak een paar keer kerstfeest organiseerde. 'Heel emotionele avonden, het droop ervan. Zingen: Can't you see the old man. . . So how can you tell me you're lóhónely. Mooie mannen, van 84, 85, 86 jaar die hier keihard hebben gevochten voor onze bevrijding. Die op zo'n feest zes keer opspringen en roepen: derde en vierde pantserdivisie!'

Zijn moeder was Poolse, getrouwd met een scheepsbouwer uit de Alblasserwaard. Wat had Lepeltak een ongelooflijke hekel aan de 'cryptocommunisten' in de PvdA. 'Ien van den Heuvel, Han Lammers, Jan Pronk. Die zeiden: de DDR moet erkend worden, daar komt het geluk vandaan, dat is de inspiratiebron. Nou, je hoefde mij niet te vertellen wat er in die landen allemaal gebeurde; ik heb natuurlijk veel familie in Oost-Europa. De grootste boeven kwamen er aan de macht en de eerzame wetenschappers werden taxi-chauffeur. En hier zat een heel leger aan socialisten dat dat regime verdedigde, een heel leger. Niet te geloven.'

Lepeltak, hij is er altijd rond voor uitgekomen, heeft een zwak voor de nieuwe rijken. Voor mannen (bijna altijd zijn het mannen) die met hard werken een hoop geld hebben verdiend en dat laten zien. Geen hypocrisie. Maar de laatste jaren maakt de doorgewinterde journalist zich zorgen.

Hij komt dichterbij zitten, klopt met zijn knokkels op tafel: 'Het is heel gevaarlijk wat ik je nu vertel, maar ik doe het toch. De nouveaux riches van vandaag de dag zijn de drugsdealers. Die komen hier bij De L'Europe met een pak duizendjes met een elastiekje eromheen en roepen tegen de ober: ''Doe mij eens zo'n flesje prik en als je snel bent, zit er een meier extra voor je aan vast.'' Dan bedoelen ze een fles Dom Perignon, van 300, 400 gulden.

'Hier negeren de obers dat soort jongens, maar wat doe je als je een eigen zaak hebt die matig loopt? De rest van de wereld heeft volkomen gelijk als ze zeggen dat Nederland een narcoticastaat is. Al dat tuig man, met hun dure auto's, hou toch op. Ze krijgen een Al Capone-achtige status, maar intussen helpen ze wel jouw zoon aan de drugs.'

Hij ziet de twee kleerkasten nog voor zich, die het restaurant verkenden waar hij zat te eten. Freddy komt eraan, dacht Lepeltak - Heineken liet zich scherp beveiligen. 'Zal ik je voorstellen?', opperde hij nog tegen de vriend met wie hij zat te eten. Wandelt er ineens een 'onderwereldfiguur' binnen, in gezelschap van een 'bekende advocaat'. Nee, geen namen, 'anders lig ík hier straks gestrekt'. Lepeltak zat met zijn rug naar hun tafeltje toe. 'Zo moet je het niet aanpakken', hoorde hij de strafpleiter adviseren, 'dat is zo duidelijk opzet.'

Lepeltak, zeer verontwaardigd: 'Die advocaat zat daar gewoon als consigliere; hij werd geraadpleegd voor het begaan van een misdrijf. Je moet zus en zo te werk gaan, dan kan ik je er straks weer uitlullen.'

Er ligt een groot verschil tussen iets zeker weten en dat wettelijk en overtuigend kunnen bewijzen, weet Lepeltak, oprichter van het fonds voor de Vrienden van de Amsterdamse politie. Dus komt het vertrouwelijke BVD-rapport over De Roy van Zuydewijn volgens hem nooit naar buiten. Terwijl het Lepeltak, die plotsklaps omzichtig begint te formuleren, 'niet zou verwonderen' als daarin staat dat de echtgenoot van prinses Margarita 'foute dingen' heeft gedaan. 'Maar wie dat openbaart, hangt meteen aan de hoogste boom.'

Prins Bernhard is een 'leuke man', Juliana was voor ze ziek werd 'een schat', maar met koningin Beatrix heeft hij geen contact. 'Ik heb weleens een kwartier met de keizer van Japan gesproken, ik ben een dag opgetrokken met koning Hussein van Jordanië, ik heb uitgebreid met koningin Elizabeth gepraat in Windsor Castle. Met Beatrix heb ik nog nooit een woord gewisseld. Maar dat is ook de koningin van een héél belangrijk land, zeg ik altijd maar.' Hij denkt even na. 'Niet handig van haar hè, niet handig.'

De kwestie die het koningshuis zo op z'n kop zet, ligt verder simpel, volgens Lepeltak. De Roy van Zuydewijn was helemaal geen succesvol zakenman, dat wilde hij worden door zijn huwelijk. Nu wil meneer geld zien. Dat krijgt hij nooit: 'De familie Oranje is érg zuinig. Dus laat ie dat arme kind straks vallen als een baksteen. Dan is ze haar familie kwijt en heeft ze geen cent en geen man meer. Ik heb echt met haar te doen.'

Afgelopen week is Lepeltak al drie avonden thuisgeweest. Een vreemde gewaarwording. 'Ik heb ook geen vrouw die ging zitten afwachten of ik thuiskwam. Dat was niet vaak, namelijk, dat was niet vaak. Gelukkig hebben we twee televisies. Ik kijk het liefst naar heel oude herhalingen en zij volgt graag de politiek - maar daarvan weet ik al bij voorbaat wat ze gaan zeggen.'

De overvloedige tijd van avond aan avond diners met foie gras, Meursault en na afloop dure sigaren uit de doos van de gastheer is bijna voorbij. Lepeltak heeft 'het vermoeden' dat hem dat weinig kan schelen. 'Stiekem heb ik een hang naar de totale verloedering.'

Vanochtend lag hij nog bij de tandarts op de stoel, wat een pijn zeg. 'Ik dacht: ik laat het gewoon wegrotten, trek me nergens meer wat van aan, laat de hele boel lopen. In het Vondelpark kwam ik eens een oude collega van Trouw tegen, touw door zijn broek, vijf bierflesjes onder zijn bankje. Zo'n jongen hoeft zich nergens druk om te maken. Zo nu en dan slaapt ie lekker in een cel en af en toe schrijft ie ook nog een uitmuntend stuk voor de Strijdkreet.'

Een zekere onaangepastheid heeft altijd zijn aandacht gehad. 'Ik hou van prettig gestoord.' Toen provo Robert-Jasper Grootveld zijn 65ste verjaardag vierde, was hij een van de weinigen die durfde te komen. 'Kon ik me ook wel voorstellen. Ik heb drie dagen last gehad van vlooien. Ze sprongen bij binnenkomst zo tegen mijn broekspijpen op. Een heerlijke man: ''Ik ben maniesj, ik ben maniesj.'''

In de categorie 'géén Jan Modaal' paste ook Pim Fortuyn. Mooie man, ja, mtjaaa. . . Hij valt even stil. 'Maar het klopte natuurlijk van geen kant.' Nadat Fortuyn winnaar was geworden van het Gouden Dekblad, op het door Lepeltak geïnitieerde Sigarengala, deed Pim zijn beklag dat hij het maar een elitair boeltje vond. 'Hells Angels en bouwvakkers roken toch ook sigaren?' Lepeltak: 'Dus wat deden die sigarenfabrikanten? Die zetten het jaar daarop de sluizen open. In Huis ter Duin stroomde een zootje ongeregeld binnen.'

Fortuyn moest speechen; de zaal was niet stil te krijgen. Lepeltak: 'En toen begon hij toch te schelden, jézus. ''Jullie zijn een stelletje tuig, jullie zijn een zootje ongemanierde lui. Ik kom hier nooit meer.'' Ik zeg: Pim, dit zijn de mensen die jíj hier wilde hebben, die moesten er van jou bij zijn!' Maar enfin: 'Fortuyn was tenminste geen doorsneemannetje. Dat is op zich al een hele verdienste in Nederland.'

Hij weet nog steeds niet precies waarom hij altijd zoveel te horen kreeg - vertrouwen? 'Als zij zeggen: off the record, moet je je er aan houden. Niet om een fatsoenlijke jongen te zijn, maar omdat je anders snel bent uitgekakt.' Zijn vriend Lau, van het tafeltje verderop: 'En hij heeft de uitstraling van een goede lobbes.'

Zelden heeft Lepeltak moeten rectificeren, nooit heeft hij voor de rechtbank gestaan. Asscher, de vroegere president van de Amsterdamse rechtbank, sprak daarover de historische woorden: 'Dat kan aan twee dingen liggen: of je schrijft de waarheid, of ze nemen je niet serieus.' Lepeltak: 'Ik denk dat het een mengsel was. Huhuhuhuhahahahaha.'

Pas als de bandrecorder uit staat begint hij over Ria Lubbers. Off the record.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden