Korfkindje rest slechts foto's en rieten mandje

Vier vondelingen zijn dit jaar alleen al in Amsterdam aangetroffen. Welke invloed heeft het op je leven om als baby te worden achtergelaten?...

De vondeling wordt snel overgebracht naar het St. Jansziekenhuis in Weert. Daar blijkt het kindje gezond. De politie krijgt honderden telefoontjes van mensen die de vondeling willen adopteren, maar geen aanwijzingen die leiden naar de biologische moeder. Na drie maanden wordt het onderzoek gesloten.

Het naamloze 'korfkindje', zoals het toen in de pers werd genoemd, is nu Niek van Daal, kraanmachinist uit Elsloo (Limburg). 'Ik weet pas drie jaar dat ik vondeling ben', zegt hij. 'Mijn ouders hebben me wel verteld dat ik geadopteerd ben, zodra ik kon begrijpen wat dat betekende. Mijn moeder heeft ook altijd aangegeven dat ze me graag wilde uitleggen hoe het precies in elkaar zat, maar pas wanneer ik zo ver was.'

Dat moment kwam drie jaar geleden, in een periode dat hij veel thuis was en tijd had om na te denken. Zijn moeder gaf hem wat ze had: foto's, krantenknipsels en de kleertjes waarin hij gevonden was. Het rieten mandje waarin Niek was aangetroffen had al die jaren in de huiskamer gestaan als krantenmand. 'Dat was een heel onwerkelijke ervaring.'

Het kostte hem een paar weken om het bericht te verwerken, maar toen ging Niek met zijn toenmalige vriendin kijken in Weert. 'Ik ben bij politie, gemeente en kinderbescherming geweest. Daar gaven ze me de informatie die ze hadden. Het huis waarbij ik gevonden was, bleek inmiddels afgebroken. Dat was jammer.' Zijn vriendin plaatste een oproep op het internet. Er kwamen geen reacties. 'Zelf heb ik in die tijd weinig meer gedaan. Het kwam te dichtbij voor me. Ik vond het wel goed dat mijn vriendin bezig was.'

Toen hoorde Niek ook zijn oorspronkelijke naam. In het ziekenhuis had hij de naam Vincent van Moesdijk gekregen. 'Vincentius is de patroonheilige van de zwervende kinderen en Moesdijk is een oude benaming voor de Roermondseweg', aldus een oud krantenbericht. Voor Niek maakte die tweede naam alles nog vreemder. 'Ik kreeg er het gevoel twee identiteiten te hebben. Dat is natuurlijk ook een beetje zo. Je weet dat het over jezelf gaat, maar het lijkt verder van je af te staan.'

Na drie maanden had de Raad voor de Kinderbescherming een adoptiegezin uitgezocht. Daar kreeg hij zijn nieuwe naam: Nikodemus Elisabeth Mozes van Daal. De naam Mozes haalde het 'geboorte'-kaartje niet. 'Mijn moeder had daar moeite mee. Het verwees te duidelijk naar het verhaal van Mozes en het mandje op de Nijl', zegt Niek.

Niek heeft veel lof voor zijn adoptiemoeder. 'Ik kwam bij de beste mensen terecht, zeker mijn moeder heeft me altijd beschermd en vertroeteld. Het moet moeilijk voor haar geweest zijn om zo lang met die kennis over mijn achtergrond rond te lopen, zonder het mij te vertellen.'

Inmiddels wil hij graag meer doen om zijn biologische moeder te vinden. 'Ik voel dat ik er niet te lang mee moet wachten. Straks zou ik het wel willen, maar is ze dood. Dat zou het ergste scenario zijn. Ik wil er van mijn kant alles aan gedaan hebben.' Toch geeft het hem ook een dubbel gevoel om op zoek te gaan. 'Stel dat ik haar wel vind, en ze wil niets met me te maken hebben? Dan krijg ik nog een afwijzing.'

Hij zal haar nooit als moeder kunnen zien. 'Ik heb maar één moeder, die heeft mij opgevoed. Maar zij blijft wel degene die mij op de wereld heeft gezet. Ze zal haar reden gehad hebben. Mijn gevoel zegt dat ze heel jong was. Toch kan ik niet begrijpen dat mensen het doen. Het is een onverantwoorde manier van omgaan met een mensenleven. Er zijn alternatieven. Het heeft grotere gevolgen dan je op dat moment denkt.'

Hij heeft een tijd problemen met zijn achtergrond gehad. 'Toen ik alleen wist dat ik geadopteerd was, voelde ik mij al afgewezen. Vondeling zijn is nog net wat lomper. Ik was bang om relaties aan te gaan, om mensen te vertrouwen. Ik probeerde alles perfect te doen, zodat mensen maar geen kritiek op mij konden hebben. Nu gaat dat allemaal veel beter. Ik ben er ook niet zo veel mee bezig. Alleen bij verjaardagen vraag ik mij af: zou mijn biologische moeder aan mij denken? Ik kan mij niet voorstellen dat een moeder haar kind ooit vergeet.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.