Koppelingswet op geen enkele manier succesvol

De Koppelingswet, ingevoerd in 1998, moet vreemdelingen uitsluiten van sociale voorzieningen. Onduidelijk is of dat hen afschrikt. Ook blijkt de wet strijdig met internationale regels....

Nederland zó onaantrekkelijk maken, dat illegalen zouden wegblijven - dat was de bedoeling. Maar de Koppelingswet is bepaald geen succes gebleken. Anderhalf jaar na de invoering ervan ligt de wet onder vuur van de rechter. Internationale verdragen en Europese vonnissen lijken de wet althans gedeeltelijk te ondermijnen.

Daarnaast is onduidelijk of de Koppelingswet ook gedaan heeft wat ze had moeten doen. Felle kritiek was er voorafgaand aan de invoering, omdat de Koppelingswet illegalen uitsluit van sociale voorzieningen. Maar nog steeds is niet duidelijk hoeveel mensen hun uitkering of ziekenfondsverzekering zijn verloren.

Zelfs het WODC, het onderzoeksbureau van het ministerie van Justitie, heeft nauwelijks zicht op de effectiviteit van de Koppelingswet. In een rapport dat eind vorig jaar verscheen, concluderen de onderzoekers voorzichtig dat 'niet meer dan een paar duizend' vreemdelingen hun sociale uitkering zijn kwijtgeraakt als gevolg van de wet.

Maar of dit effect buitenlanders heeft afgeschrikt om naar Nederland te komen, blijft vaag. De 'ontmoedigende werking' van de Koppelingswet lijkt 'niet op voorhand uitgesloten', staat in het rapport.

Zeker is wél dat de invoering van de wet tot een chaotische situatie heeft geleid. Geen wonder: op het moment van invoering waren 'ongeveer' 270 verschillende verblijfstitels voor vreemdelingen in zwang.

De overheid weet dus zelf niet eens precies op welke manier vreemdelingen geregistreerd staan. Belangrijker nog is het dat de rechter weigert een juridisch onderscheid te maken tussen de verschillende verblijfsstatussen.

Want dat is het hart van de Koppelingswet: het recht op sociale uitkeringen, het ziekenfonds, huursubsidie, onderwijs, wordt afhankelijk gesteld van de status die de vreemdeling heeft. Wie een definitieve verblijfs- of werkvergunning had op 1 juli 1998, toen de wet in werking trad, is veilig. Maar vreemdelingen die nog wachtten op een definitieve beslissing raakten hun sociale rechten op 1 juli 1998 kwijt, ook al verbleven ze wel degelijk rechtmatig op Nederlands grondgebied.

Tot dusver vochten gedupeerde vreemdelingen vooral het stopzetten van bijstand en kinderbijslag aan voor de rechter. Met succes: het Europees Verdrag voor de Sociale en Medische Bijstand dwong de Nederlandse staat om honderden stopgezette bijstandsuitkeringen alsnog door te betalen.

Het schrappen van de kinderbijslag voor minstens duizend gezinnen werd in eerste instantie verboden met een beroep op de Europese rechter, die bepaalde dat de tijdelijk in Duitsland werkende Turk Sürül wel degelijk recht had op Kindergeld. Maar de kinderbijslag krijgen de vreemdelingen pas weer terug als hoger beroep, cassatie en eventueel de Europese rechter het eerste vonnis bekrachtigen.

Had de Nederlandse overheid niet om de internationale regels kunnen denken voordat zij de Koppelingswet invoerde?

G. Vonk, bijzonder hoogleraar socialezekerheidsrecht aan de VU in Amsterdam, constateerde in zijn inaugurale rede begin dit jaar dat Nederland in gebreke blijft. 'Het Nederlandse wetgevingsproces op het terrein van de sociale zekerheid is sterk onderhevig aan de politieke waan van de dag.'

Parlement en regering houden vaak onvoldoende rekening met internationale verdragen en beschouwen de daarin vervatte bepalingen eerder als 'bladvulling' dan als 'harde verplichting'. Als voorbeeld noemt Vonk de Koppelingswet, die, verwacht de hoogleraar, door de rechter van scherpe kantjes zal worden ontdaan.

Vonk is in het dagelijks leven hoofd juridische zaken bij de Sociale Verzekeringsbank, die de kinderbijslag voor 1900 vreemdelingen stopzette op last van de Koppelingswet. Hij kijkt al verder dan Europa. Europese regels mogen dan vreemdelingen uit Europese lidstaten beschermen, dat ligt anders voor burgers uit Afrikaanse staten of landen uit het voormalig Oostblok, vreest hij. 'De niet-EG-burgers worden steeds meer beschouwd als vrij jachtterrein.'

Mr. F. Pennings, universitair hoofddocent sociaal recht aan de Katholieke Universiteit Brabant, ziet de Koppelingswet als 'inhumaan, voorzover ze mensen uitsluit die rechtmatig in Nederland verblijven'. 'De hele gedachte erachter is gewoon fout. Natuurlijk mag een land regels stellen voor de toelating van vreemdelingen, maar niet op deze manier. De overheid heeft andere mogelijkheden om illegalen op te sporen en het land uit te zetten. Dat gebeurt zelden. Het is een beetje lafhartig om ze in plaats daarvan uit te hongeren. Want daar komt de Koppelingswet op neer.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden