Column

Koopzegels zijn toch niet de handigste vorm van sparen

'Met een beetje pech geef je dus meer extra geld uit aan je boodschappen dan de koopzegels je opleveren.'

Deze week kreeg ik een berichtje van mijn bank. De rente op mijn spaarrekening daalde naar een povere 0,45 procent. Gelukkig kreeg ik laatst een spaartip van mijn moeder: neem koopzegels bij Albert Heijn. Bij die supermarkt kun je voor elke euro aan boodschappen een zegel van 10 cent aanschaffen. Een vol zegelboekje met 490 zegels kun je bij de kassa inruilen voor 52 euro handje contantje.

Ik sloeg aan het rekenen. Zo'n boekje vol zegels kost bij elkaar 49 euro. Je krijgt bij het inleveren 3 euro cadeau, dat is in één klap een rente van ruim 6 procent. Op jaarbasis kan het veel meer zijn, want daarna kun je die 3 euro weer gebruiken om nieuwe zegels te kopen en zo vang je als het ware rente op rente. Het is lastig uit te rekenen wat de effectieve jaarrente is, omdat die afhangt van hoelang je er over doet om voor 490 euro aan boodschappen te halen.

Door de directe koppeling aan het bedrag dat je aan boodschappen besteedt, is dit niet de allerhandigste vorm van sparen. De verleiding is groot om in de supermarkt te denken: als ik nu nog even die luxe paasstol en een doosje bonbons meeneem, dan is mijn spaarboekje zó vol. En als je duizend euro wilt investeren in koopzegels om zestig euro rente op te strijken, dan moet je wél eerst tienduizend euro uitgeven aan boodschappen. Dat schiet niet op.

Over niet opschieten gesproken: het inplakken van al die zegels blijkt ook een hele klus. Ik klaagde tegen mijn moeder dat mijn tong na tien zegels voelde als een leren lap. Waarna mijn moeder me erop wees dat je die zegels ook kunt bevochtigen met een afwassponsje op een schoteltje. Ik voelde me een ware huisvrouw toen ik die avond aan tafel zat met mijn stapeltje keurig afgescheurde strips van elk vijf zegels en een nat sponsje.

Dat was overigens ook de eerste keer dat ik zo'n sponsje gebruikte. Normaal ben ik namelijk niet zo huisvrouwachtig en ik begon me ineens af te vragen of ik mijn tijd niet beter kon besteden dan aan het inplakken van zegeltjes.

Als het inplakken van een compleet boekje bij elkaar zo'n tien minuten kost, dan levert dat per uur ongeveer achttien euro op. Als ik werk verdien ik meer. Al plak ik die zegeltjes natuurlijk niet in onder werktijd (ze zien me aankomen op de universiteit).

Om het allemaal nóg erger te maken, is Albert Heijn niet de goedkoopste supermarkt. Bij peilingen van de Consumentenbond liggen hun prijzen al jaren consequent iets boven het gemiddelde. Bij de recentste peiling uit 2016 zijn hun A-merken ruim een procent duurder dan gemiddeld. Bij de huismerken is dat zelfs 7 procent. Met een beetje pech geef je dus meer extra geld uit aan je boodschappen dan de koopzegels je opleveren.

Kortom: eigenlijk zou ik mijn boodschappen beter bij een goedkopere supermarkt kunnen halen en het geld dat ik bespaar op mijn spaarrekening met die belabberde rente zetten.

Maar helaas spaart mijn zoon van 6 inmiddels fanatiek de moestuintjes van Albert Heijn. Dus hoop ik nu tegen beter weten in dat die straks een fikse oogst opleveren waarvan we later stil kunnen gaan leven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden