AnalyseUitgestelde zorg

Komt het nog goed voor de tienduizenden mensen die nog wachten op hun operatie?

Peter Sertons wacht al sinds november op een heupoperatie. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant
Peter Sertons wacht al sinds november op een heupoperatie.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Vanwege coronadrukte moeten ziekenhuizen vele tienduizenden operaties inhalen. Maar lukt dat wel, ook nu zorgpersoneel weer worstelt met uitval en meer coronapatiënten het ziekenhuis instromen?

Deze dagen durft Peter Sertons (65) nauwelijks nog naar zijn telefoon te kijken. Elke keer dat het scherm oplicht, kan het weer een enorme teleurstelling zijn. Zoals vorige week. Toen het UMC Utrecht hem belde dat zijn al lang uitgestelde heupoperatie moest worden verplaatst. ‘Dat was echt een klap. En sindsdien ben ik elke dag bang dat ze weer bellen.’

Al sinds november vorig jaar wacht Sertons op een nieuwe heup. Die heeft hij hard nodig, vertelt hij via een videoverbinding vanuit zijn Amsterdamse woning. Door zijn hemofilie, ook bekend als bloederziekte, heeft Sertons al zijn hele leven last van bloedingen die zijn gewrichten hebben versleten. Lopen gaat moeilijk, traplopen kan hij inmiddels niet meer. Zijn operatie staat nu gepland voor volgende week maandag. Als die ten minste nu écht doorgaat.

Sertons is een van de vele Nederlanders die door de coronacrisis al maanden wachten op een ziekenhuisbehandeling. Door de enorme druk op de zorg konden veel operaties het afgelopen anderhalf jaar niet doorgaan.

Het is onduidelijk hoeveel operaties precies op de inhaallijst staan. Volgens cijfers van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) zijn er ongeveer 320 duizend operaties minder geweest dan in normale jaren. Die hoeven niet allemaal ingehaald te worden. Na anderhalf jaar crisis blijkt dat sommige aandoeningen geen of minder behandeling nodig hebben, voor anderen komt een behandeling juist te laat. Artsen en specialisten schatten dat er in ieder geval vele tienduizenden tot meer dan 100 duizend operaties weggewerkt moeten worden. Bovendien dreigt er nog een flinke golf aan patiënten bij wie sluimerende ziekten nog niet zijn opgemerkt. Volgens de NZa zijn er zo’n 1,45 miljoen minder ziekenhuisverwijzingen geweest.

De inhaalslag moet komende weken beginnen. Maar vooralsnog lijkt er weinig van te komen. Zelfs langwachtende inhaalkandidaten zoals Sertons worden gebeld met de boodschap dat de operatie toch weer moet worden uitgesteld. Kunnen de ziekenhuizen het stuwmeer aan zorg wel wegwerken?

Personeel

‘We moeten veel vaker dan we willen patiënten kort van tevoren afbellen’, zegt Willem Suyker, cardiothoracaal chirurg en medeverantwoordelijk voor de planning van de inhaalzorg in het UMC Utrecht, het ziekenhuis waar Sertons wordt behandeld. ‘We komen uit een periode waarin we voorrang moesten geven aan urgente operaties die direct levensbedreigend waren. Uitstel namen we op de koop toe. Dat klinkt hard, maar we moesten de schaarste verdelen. Ook nu er iets meer ruimte komt, kunnen we niet iedereen meteen helpen.’

Het knelpunt zit voornamelijk in de personeelsbezetting. Het is een probleem waar veel ziekenhuizen mee worstelen. Ze willen hun overwerkte zorgpersoneel deze zomer rust gunnen.

En de artsen en verpleegkundigen die niet op vakantie zijn, kunnen veelal niet op volle sterkte draaien. Sommigen worstelen met langdurige covidklachten, anderen testen ondanks hun vaccinaties toch positief op de besmettelijke deltavariant. Tot ernstige ziekte leidt dit door de inenting doorgaans niet, maar wel tot dagenlange quarantaines waarbij ze thuis moeten blijven.

Meer werken

Zelfs als zulke problemen straks wegvallen, het aantal covid-opnames terugloopt en personeel terug is van verlof wordt de inhaalslag een helse klus. Want ook de reguliere zorg gaat gewoon door. Ziekenhuizen moeten er dus nóg een extra tandje bij zetten.

‘We gaan de komende tijd voor zover dat lukt proberen meer personeel aan te nemen’, zegt Suyker. ‘En we kijken of ons huidig personeel meer kan gaan werken. Dat moet uiteraard vrijwillig zijn, dan moet je denken aan verpleegkundigen die parttime werken en de komende tijd bereid zijn een volledige werkweek te draaien. Dat is nog een behoorlijke uitdaging, want velen zitten er na maanden coronacrisis doorheen. Het valt heel slecht als je zegt: job well done, hier is een nieuwe.’

Om in de tussentijd alvast behandelingen in te halen, kiezen ziekenhuizen ervoor om operaties en behandelingen in avonduren en weekeinden uit te voeren. Ook moet personeel van verschillende disciplines elkaar ondersteunen. Van medisch specialisten die verpleegkundigen helpen tot studenten die assisteren in operatiekamers.

Toch zal het vermoedelijk tot midden 2022 duren voordat alle inhaalzorg is weggewerkt, verwacht chirurg Suyker. ‘We hopen natuurlijk dat het sneller kan. Maar het pakket aan uitdagingen is daar waarschijnlijk te groot voor.’

null Beeld

Kwaliteit van leven

De kans is dus aanzienlijk dat ook nu nog veel patiënten noodgedwongen moeten wachten. Voor Peter Sertons beginnen de negen maanden wachttijd zo langzamerhand pijn te doen. Hij gaat steeds verder achteruit. ‘Ik kan steeds minder’, zegt hij. ‘Douchen gaat lastiger. Mijn schoenen en sokken krijg ik niet meer aan. Na lang aandringen van mijn vriendin heb ik zo’n sok-assistent gekocht, zo’n ding met touwtjes waar je aan kan trekken.’

Dat beeld van geleidelijke achteruitgang komt ook naar voren in onderzoek van het Samenwerkingsverband Kwaliteitsregistraties (SKR), dat de impact van covid op de reguliere zorg analyseerde. De onderzoekers maken zich ‘grote zorgen’ over de gevolgen van massaal uitstel. Onder meer het stopzetten van bevolkingsonderzoeken en het stuwmeer aan planbare zorg, zoals heup- en knieoperaties, kan volgens hen tot ‘gezondheidsschade’ leiden. Dat levert bovendien mogelijk een nieuw stuwmeer aan zorg op: patiënten die langer wachten op een operatie hebben een grotere kans op complicaties.

‘Door de coronacrisis hebben we een tijd harde keuzen moeten maken’, zegt chirurg Suyker. ‘We hadden noodgedwongen minder oog voor persoonlijk leed, ook dat gaan we proberen in te halen.’

Sertons heeft er alle begrip voor dat urgentere gevallen voorrang krijgen op zijn heupoperatie. Maar veel langer moet het niet duren. Het ergste, zegt hij, is de mentale druk. ‘Mede vanwege mijn ziekte en de kans op complicaties zie ik enorm op tegen mijn operatie. Elke week dat het langer duurt, is een week piekeren.’ Voorlopig is er groen licht. Het UMC heeft nog niet gebeld dat nieuw uitstel nodig is. ‘Mijn vriendin zei als grap dat ik m’n mobiel maar moet uitschakelen, maar dan weet ik straks nóg niet of ik aan de beurt ben.’

Sjoerd Bulstra, orthopeed Beeld Henk Veenstra
Sjoerd Bulstra, orthopeedBeeld Henk Veenstra

‘Ook kinderen met scheve ruggen wachten nog op zorg’

Sjoerd Bulstra, voorzitter van de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) en hoogleraar orthopedie:

‘Naar schatting moeten we alleen al 30 duizend heup- en knieoperaties inhalen. En dat is lang niet het enige. Binnen de orthopedische zorg wachten bijvoorbeeld ook veel kinderen op behandelen, zoals het stabiliseren van een scheve rug. Als je daar lang mee wacht, kan de gezondheid van patiënten achteruit gaan. Dan hebben ze complexere zorg nodig. Dat belast het systeem dubbel.

‘Er is onder meer een tekort aan verpleegkundigen in de operatiekamer en anesthesiepersoneel. Ziekenhuizen kunnen hun normale capaciteit niet halen. Mijn verwachting is dat het ook zeker niet voor september gaat gebeuren.

‘Om het stuwmeer in te halen, moeten ziekenhuizen op bijvoorbeeld 110 procent van hun normale capaciteit werken. En dat is niet zonder gevaar. Het is onverstandig om de dagen langer te maken of in het weekeinde te werken. Dat belast het personeel enorm en die hebben al overuren gedraaid tijdens de coronacrisis. We moeten waken dat we zorgpersoneel niet over de kling jagen.

‘Het is een moeilijke puzzel. Personeel uit andere disciplines aantrekken waar minder inhaalzorg is, gaat ook niet altijd. Het is belangrijk dat de kwaliteit van behandelingen gewaarborgd blijft. Ik zie de zorg hier niet zomaar uit komen. Het kan nog wel twee jaar duren voor we alles hebben weggewerkt.’

Robbert van Alphen, internist-oncoloog Beeld
Robbert van Alphen, internist-oncoloog

‘Het is vechten om operatiekamers, CT-scans en bedden’

Robbert van Alphen, internist-oncoloog in het Elisabeth-TweeSteden Ziekenhuis in Tilburg en bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie:

‘Veel kankerbehandelingen zijn tijdens de coronacrisis doorgegaan. Die kunnen vaak niet veel langer wachten. Maar screeningprogramma’s zijn uitgesteld, die zijn inmiddels gelukkig weer hervat. Het grootste probleem zit momenteel bij patiënten die nu pas naar het ziekenhuis komen en bij wie laat, en soms te laat, een diagnose wordt gesteld.

‘Tijdens het hoogtepunt van de coronacrisis konden veel bevolkingsonderzoeken en andere screenings niet doorgaan. Mede daardoor zijn er patiënten die zich nu melden en uitzaaiingen blijken te hebben.

‘De kans is groot dat we daar de komende jaren nog de gevolgen van merken. Bovendien zien we op de oncologie-afdeling de ergste gevallen vaak niet. Dat zijn mensen met een dusdanig vergevorderde ziekte dat bijvoorbeeld een chemo-behandeling geen zin meer heeft en die direct voor begeleiding in de laatste levensfase naar de huisarts gaan. Dat is verlies van leven, mogelijk door vertraging van de zorg.

‘Ook het stuwmeer aan zorg op andere afdelingen heeft invloed op ons werk. Het is in het ziekenhuis nu vaak vechten om een operatiekamer, CT- en MRI-scans, en bedden. En dat is ook logisch, het is een enorme inhaalslag. Maar het legt wel extra druk op de zorg. Ook in de avonduren en weekenden moeten we nu onderzoek en behandelingen uitvoeren.’

Robin Peeters, internist Beeld
Robin Peeters, internist

‘Zorg die je lang genoeg uitstelt, wordt vanzelf spoed’

Robin Peeters, voorzitter van de Nederlandse Internisten Vereniging en internist aan het Erasmus MC Rotterdam:

‘Op het moment zien we grote verschillen tussen de inhaalzorg uit de eerste coronagolf en de golven daarna. Dat komt doordat we in tegenstelling tot de eerste coronaperiode later in de crisis veel spreekuren wel lieten doorgaan en patiënten zich eerder met klachten melden bij hun arts.

‘We zien nu vooral veel mensen voorbijkomen die in die eerste periode niet naar het ziekenhuis konden of durfden. Omdat die erg lang hebben moeten wachten op hun diagnose is hun situatie vaak verslechterd. Als je zorg lang genoeg uitstelt, wordt het vanzelf spoed. Zoals galstenen bijvoorbeeld. Daar kun je wel even mee wachten, maar als het leidt tot een ontsteking is het alsnog een spoedgeval. We zien nu een kleine golf aan mensen die zieker zijn.

‘Het is niet gemakkelijk om die achterstallige zorg weg te werken. Bij ons ligt het hele ziekenhuis nagenoeg vol. Ons streven is zoveel mogelijk dit jaar te doen. Dat is een uitdaging. We kijken ook met spanning naar het aantal besmettingen en ziekenhuisopnamen dat oploopt. Ook al is het niet zoveel als tijdens eerdere golven: het heeft toch effect op de capaciteit.

‘Ik maak me het meest zorgen over patiënten die wachten op een transplantatie. Bijvoorbeeld niertransplantaties. Daar zien we enorm veel wachtenden, dat is een landelijk beeld. We zijn er dus nog zeker niet.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden