'Kom gauw kijken, daar lopen nette mensen'

'Zuipen, zuipen, zuipen. Kut, kut, kut'. Op 18 duizend inwoners ruim zevenhonderd horeca-gelegenheden en wie niet wil toegeven er ooit te zijn geweest 'is als de vrouw van een intellectueel die in het genoiep roddelbladen leest'....

DIE ZES OF zeven keer dat ik ze tegenkwam, waren ze telkens een terrasje opgeschoven om nog strategischer cowboy te zitten wezen.

'Kojboj', zeggen ze zelf. Ze komen uit Elburg.

'De wereldstad Elburg', verbetert de een.

'Daar komen de beste kojbojs vandaan', vult de ander aan, die de lolligste is.

Om hun hoed hebben ze een boerenzakdoek gebonden. Over hun zwarte T-shirts zijn identieke hesjes met franje gedrapeerd. Pistoolholsters en paarden mogen we er zelf bij denken. Een paard bij de parkeermeter komt je in Valkenburg trouwens al gauw op twee gulden en een kwartje per uur te staan. Half onderuit hangend, naar het voorbeeld van een RTL 4-Western, hebben ze de benen gestrekt, opdat ze ook qua laars niet over het hoofd worden gezien.

Tommie van 25 die betontimmerman is, lijkt met lang haar en baard op eh, kom, hoe heet die revolverheld ook alweer? Hij ginnegapt gevleid en schikt zijn polsbandje. Ook tatoeage en indianenketting ontbreken niet, want de heren kennen hun Lucky Luke. De verklaring voor hun vakantie-uitdossing is van een stripboek-logica: zo kun je mekaar altied terugvinden tuss'n de mens'n, zo raak je mekaar nooit echt kwiet.

Een consumptie later bekennen ze op deze manier bovendien 'honderd procent zeker' te zijn van één ding: voorbijgangsters zullen altijd naar je kijken. Dan kun je gelijk contact maken.

Of dat een beetje wil lukken? Ton van 23 die sportinstructeur is, krijgt iets gewichtigs over zich. 'We hebben al een nestje van vijf gehad. En gisteren een nestje van twee.'

Het geheim zit in Ton z'n behendigheid met kaartspelen. De vrouwtjes mogen een willekeurige kaart uit z'n parate stapeltje trekken en Ton zal altijd raden welke. Hij demonstreert even hoe en stoot daarbij een glas chocomel om, z'n camera ligt in een bruine plas. Geeft niks: chocomel-bestendig. En bierbestendig. 'Ober!!'

'Goudvinken en merels hebben we in bed gehad', pocht kojboj Tommie. 'Vannacht nog, hoor'

'Om te zuigen', verheldert Ton fijntjes. 'Maar nou zijn ze vertrokken. Vanavond op de camping komen we best wel weer onder de pannen. Met condoom, ja, wat dach-ie dan? Een druiper is niet zo erg, maar dat tikken op je schoenen vind ik zo vervelend.'

'Lieve moeder, geef mij kracht en vreugde' staat met beverig handschrift in het gastenboek van de parochiekerk van de H.H. Nicolaas en Barbara. De toevoeging is veelbetekenend: 'En een fijne vakantie?'

Misschien was het een oudgeworden meisje met spataderen geweest dat zich met moeite enkele minuten had losgemaakt van haar plichten achter een rolstoel met licht-tirannieke inhoud. De wanhoops-ontlading van een pensiongaste, het weesgegroetje nog op de dorre lippen bestorven. Misschien had er net als nu een plechtig orgelkoraal geklonken. Balsem. Rust. Verkoeling. Gerechtigheid. Amen.

Zomer in Valkenburg aan de Geul.

Pas wanneer het reukgordijn van patat definitief is opgetrokken en een surveillance-auto traag door de lauwe nacht patrouilleert, is de stilte er weer hoorbaar. Ver weg klinken flarden dronkemansgelal. Het gekinkel van een bierblikje dat wordt voortgeschopt, en de hemel al achter een waas van rood. Een paar uur en vele emmers sop later hangen overal rekken vol ansichtkaarten in de zon. Er zijn afbeeldingen bij van een Egyptische piramide, van een Zwitsers Alpenlandschap, van de Atheense Acropolis: zonder uitzondering vergezeld van die oergeestige mededeling 'Groeten uit Valkenburg'.

En 'Valkenburg bij dag en bij nacht', het kan haast niet anders, of die kreet behelst een rijtje bierglazen op een ansicht, van vol tot leeg. Valkenburg is bier met hela hola en daar hebben ze bij de plaatselijke VVV nou juist al vele jaren chronische bruikkramp van. Zo'n typologie moeten ze kwijt, maar hoe doe je dat? De zoveelste nota om een twijfelachtig imago op te poetsen stuit als een boemerang op de collectieve behoefte die lallen & brallen heet. Je kunt met evenveel kans op succes proberen om quizzen op de televisie te verbieden of een bond ter bestrijding van roodharigen in het leven roepen.

De lokroep van Valkenburg wortelt in een lange traditie.

Wie er 's ochtends wordt ondergedompeld in dichte drommen dagjesmensen, kan links of rechts kijken: altijd vangt het netvlies wel een stuk taart met spuitroom. Limburgse vlaai. Vlaaiconsumenten bezitten hier doorgaans een hoog grijs-haar-gehalte. Terrasgewijs is de grijze golf neergestreken. Vlaaivorkjes tinkelen. Voorbijgangers schuifelen als in een processie zonder einde. De speelhallen sissen. Cafémuziek drenst en tjoenkt. En terzijde recreëert ingetogen de grijze golf met koffie en vlaai.

'Doe die ellende toch weg Miep', klinkt een mannestem vol ergernis. De krant met de gruwelijke foto van dode Ruandese kindertjes wordt opgevouwen en onder een tasje gefrummeld. 'We hebben nou vakantie, hoor. Zeg, ik lus nog wel een stukkie, wat jij Miep.'

LLEEN OP een bankje tegenover de vijftiende-eeuwse Berkelpoort zit een Zwols echtpaar van middelbare leeftijd uit te blazen. Zwijgend. Transpirerend. Observerend. Ze komen hier al voor het zesde achtereenvolgende jaar en als we toevallig mochten willen weten waarom, dan hebben ze er één woord voor. Gezellig! 'Zo gezellig, Valkenburg.'

Wát is er zo gezellig aan Valkenburg?

'Nou, winkeltjes kijken', zegt mevrouw. 'Dat vind ik zo heerlijk. Dan kom ik de tijd wel door hoor.'

'En dan gaan we eens een dagje naar Heerlen', zegt meneer, een geeuwtje camouflerend.

'Winkeltjes kijken', licht mevrouw schaterend toe.

'We blijven altijd in Nederland', zegt meneer. 'Ik hoef niet naar het buitenland.'

'Er is hier nog zoveel te genieten', weet mevrouw. Ze dept het zweet van haar voorhoofd. 'Nee, we zitten echt te genieten.'

De ruïnes hebben ze bekeken. De grotten zijn ze in geweest. In Foreldorado hebben ze gevist. En volgend jaar gaan ze maar eens naar Zeeland. O nee, de grens hoeven ze niet over. Er is hier genoeg te beleven.

'Kent u hotel Atlanta? Heel keurig hotel ook. En goed eten daar. Gisteren hadden we doppers met een varkenshaasje. Crèmesoep vooraf en ijs met slagroom toe. Niks geen eten uit blik hoor. Dat verschil proef je wel. Zo, nou ga ik even iemand uit Zwolle goeiendag zeggen. Die man daar met dat looprek komt uit Zwolle. Ja, want die heb ik van de week nog in Zwolle zien lopen. Hij ziet er slecht uit, ziet u wel? Maar die lucht hier zal hem wel goed doen, denkt u niet?'

Harold Pinter schrijft hier de dialogen. Pinter heeft ook medezeggenschap bij het uitschrijven van parkeerbonnen. Drie, vier uniformen waaieren rond een onbeheerde Honda Goldwing Aspencade, een tweewielig slagschip vol chroom. 'Nee, geen artikel viervijfentachtig, want hij staat niet op de rijbaan', raspt het door de walkie-talkie. 'Okido, dat wordt dus viervierentachtig.'

De eigenaar staat inmiddels ontpeld met motorpak onder de arm voor een vitrine met souvenirs. Zijn vriendin wijst naar zwaantjes van glas met iets paarsigs van binnen: die met gebogen hals kost Fl. 29,-, die met opgerichte hals Fl. 29,50. In de muziekkapel verderop zwoegt een Engelse juniorenblaaskapel uit Prestwich op de Radetzky-mars, gefixeerd door kinderen die pesterig aan een ijsje likken en dan hun tong uitsteken, lekker puh.

Touringcars persen hun verkreukelde groepsladingen uit. Plattelandsvrouwen uit Nieuw-Weerdinge schommelen als kakelende hennen langs de etalage met mergelsouvenirs - of zijn het die van NieuwBuinen? Straks zal er worden gezongen en ingehaakt. Ein Prosit. Warum ist es am Rhein so schön. Nu is het spitsuur bij de terrastoiletten. Dit is het straattheater van de grote landerigheid en het zou daarom net zo goed Lourdes kunnen wezen, als je ogen niet geteisterd werden door onmogelijke ontblotingsvarianten. Beschaafd is nog de combinatie van hoge hakken met tot bij de bil afgescheurde spijkerbroek.

Rond het middaguur is de Grotestraat één slenterparade van plakkerig, vaak lillend mensenvlees in een penetrant aroma van in ui geschroeide Balkanspies, schol in remouladesaus, halve haan met appelmoes of opengereten frikadellen met een kwak mayonaise op een heuvel van patat. Er zijn legio buikpartijen die, bloot of in interloc geperst, royaal over de broekriem zwieberen. Uit een gokhal klinkt snerpend gegil: volwassen vrouwen met tatoeages die op een namaakmotor zittend de bloederigste ongelukken op het videoscherm voor zich veroorzaken. De gêne voorbij, de pils kan doorkomen.

In een parkje buiten het gewoel hebben Irene en Julia Kars, twee frisse zusjes uit Sneek, een bruinbrood, een pak melk en beleg voor zich uitgestald. De een studeert communicatiewetenschappen, de ander is postbode. Ze vinden het hier 'een beetje buitenland, zo schilderachtig'. Hun camping heeft gelukkig een zwembad, alleen zijn daar wat weinig jongeren. Dat wordt verhuizen naar een camping zonder zwembad, want tja, de heren: 'dáár komen we toch een beetje voor?'

Op Valkenburgse gevels is het ook af te lezen. Zachte mergel nodigt uit tot driftig gekerf en Amor moet zijn handen vol hebben. Jongeren die hun libido niet konden botvieren, zetten in de jaren zestig hun energie om in kloppartijen met de politie. Sindsdien poogt VVV Het Geuldal wanhopig onder het stempel van in bier gedrenkt massatoerisme uit te komen.

In een deftige nota, die spreekt over het varen van een nieuwe koers, heten ondernemers nu in de ban te zijn van het upgrade virus. Een zin: 'Er is gekozen voor een brede positionering, aansluitend bij de heterogeniteit van zowel het aanbod als daarbij passende doelgroepen.'

Reclameborden zijn aan strenge richtlijnen gebonden. Gettoblasters en modderworstelen zijn taboe. Criminaliteitspreventie? Amper meer nodig; jongeren worden op één camping geconcentreerd. Het casino verhuist over twee jaar naar de top van de Cauberg, waar het schitterend gelegen 'Thermae 2000' met veertigduizend jaar 'jong' mineraalwater, stroomversnellingen en 'ontstressende' modderbaden Valkenburgs reputatie van kuuroord (vooral 's winters, als een hagelbuitje in het warme buitenbad op de badmutsen tokkelt) in het spraakmakende Nieuwe Welbehagen voorziet. Er komt een kuurpark bij met botanische attracties en fonteinen waar net als in Bad Homburg een prikkelende 'champagnelucht' voor geestelijk welbevinden moet zorgen.

Bezit Prinses Juliana niet als enige restaurant in Nederland twee Michelin-sterren? Heeft Camille Oostwegel (die van het Maastrichtse château Neercanne) geen grootse plannen met het nabije kasteel Houthem-St. Gerlach? Kun je niet sinds kort met een mijnwerkerslamp op je hoofd fietsen in het 227 kilometer lange grottenlabyrint, alpinisme onder de grond beoefenen, survival-tochten ondernemen? Zit je niet binnen twintig minuten in het hartje van Aken of met een half uur op de vlooienmarkt van Luik?

VVV-directrice Anya Huijsse laat in haar eeuwenoude kantoor (een Spaans gerechtsgebouw uit 1661) ponden beleidsvisies, structuurvisies en aanvullende perceptie-nota's aanrukken als overtuigend bewijs van 'een rijk produkt voor de hele Euregio'.

Maar ja, dat negatieve stigma, hè. De directrice schudt haar wapperharen en toont een tekening die ze wel eens op een presentatie gebruikt. 'Wat ziet u hier? De een zegt dan: een konijn. De ander zegt: ik zie duidelijk een eend. En zo is het ook met Valkenburg. Mensen zien in Valkenburg alleen wat ze er in willen zien. Als u hier een parkeerwacht een bon ziet uitdelen, dan heeft uw vakantie daardoor al een negatieve beoordeling gekregen. Terwijl het produkt Valkenburg toch zoveel rijkdom aan geschiedenis, natuurschoon en variatie biedt.'

Anya Huijsse krijgt nog eens de onderscheiding VVV-directrice van Het Jaar, ook al dalen de overnachtingscijfers in het Limburgse heuvelland (Valkenburg heeft na Amsterdam het hoogste beddenbestand) nu nog onmiskenbaar. Voordat 'de bouwvak' zou losbarsten, klaagde een hotelier in het naburige Vaals tegenover het dagblad De Limburger: 'Het enige dat hier goed loopt, zijn de begrafenissen.'

E PERS is niet onschuldig aan dat Benidorm-effect, weet de Valkenburgse notabel Alphons Louis Vyghen. 'Een krant schreef hier: het is al half juli en het is nog steeds rustig in Valkenburg. Nou vráág ik u! En je komt als journalist natuurlijk niet uit Amsterdam naar hier om niks te schrijven te hebben. Zo was er een weekblad dat om die reden enige toestanden in scene heeft gezet.' Ach, Vyghen, bekleder van een respectabel aantal functies in het Valkenburgse verenigingsleven, kent 'genoeg mensen uit het westen die nóóit in het openbaar zullen toegeven dat ze wel eens in Valkenburg geweest zijn'.

'Dat is precies hetzelfde', zegt hij, 'als de vrouw van de intellectueel die niet wil erkennen dat ze wel eens een roddelblad leest. Volgens een Nipo-enquête zou men Valkenburg mijden vanwege de kermisachtige toestanden. Dan reageert men dus net zo als Nederlanders die niet naar Londen willen omdat ze mogelijk het slachtoffer kunnen worden van een IRA-aanslag. Nou meneer, ik heb mijn hele leven in de Randstad gewerkt en ik heb nooit willen verhuizen! Dat zegt toch wel genoeg, dacht ik. Een journalist schreef eens een artikel onder de kop Van je hela-hola. Die kop die moet ik niet, maar wat moet ik er aan doen?'

Liever herinnert Vyghen aan een bezoek van operettekoning Robert Stolz. Aan een optreden van zijn goede vriend Marco Bakker. Wijlen striptekenaar Willy Vandersteen situeerde een Suske & Wiske-avontuur (De jolige joffers) aan Valkenburg; hij bedoelt maar.

'Cultuur, traditie en nostalgie' heten dan ook de aanbevolen elementen in het toekomstige kuurpark van Bad Valkenburg, dat sinds 1889 al Luft Kurort was voor de bourgeoisie uit het Luikse en Akense: 'Fauquemont, la Suisse de la Hollande'.

Onder de 735 horeca-gelegenheden zijn nog eerbiedwaardige hotels die herinneren aan bals-champêtres met ruisende rokken. Authentiek is zeker café-pension 't Haantje, maar méér voor wie de neiging heeft om toch al gillend het centrum te ontlopen (en wie de paar minuten rijden naar de stilte van een golvend landschap tussen Sibbe en Bemelen te veel zijn). 'Een echte volkskroeg' waar uitbaatster Ria voor slechts Fl. 1,75 een prettig fluitje Leeuw-bier van de lokale brouwerij tapt. Er zijn maar zes kamers en Ria roemt haar gezellige gastenkring: 'Vorige week hebben we nog een begrafenis in Den Haag gehad.'

Op het terras van cafe The Cadillac is het die avond Valkenburgs normaal. 'Zuipen, zuipen, zuipen', bralt het jongvolk naar de overkant. 'Kut, kut, kut', is het rake antwoord. Het kampioenschap Keel Opzetten gaat ruwweg tussen snackbar 't Cadetje en café De Vallekeberg. Omhelzingen en stomppartijen worden omlijst door omvallend glaswerk en wegzeilende honkbalpetjes. Een man trekt zijn hemd uit en posteert een pilsje op het rode hoofd. 'Ik ben met jou niet getrouwd', kweelt het duo Papillon in café 't Jachthoes, 'ik heb met jou niks te maken.'

ANSEN GAAT er pompend, op z'n kojbojs, zegmaar. De polonaise wordt vaardig over een geblondeerd bouwwerk met gouden ceintuur benevens zwarte laarsjes: Wie heeft er zeepsop in de pruimensap gedaan, alle pruimen liggen te schuimen! Riverside Club (tot vier uur 's nachts open) laat Oranje-supporters zien zonder Oranje, maar met maaiende armen. Buiten braakt een jongen tegen een auto. 'Zigeunerschnitzel', zegt hij gesmoord.

De bewaker van jongerencamping Den Driesch heeft 's nachts twee tenten 'gesloten wegens geluidsoverlast', wanneer een bewoonster van de Grotestraat in peignoir een regiment luidruchtige kampeerders verzoekt de voordelen van een interrail-kaart elders te evalueren. Het is half vier en op wat verbogen autospiegels en een ingedeukte fietsvelg na blijft het rustig. 'Ons lik-op-stuk-beleid werkt', zegt een politiewoordvoerder. 'Tachtig gulden boete en meteen te voldoen.'

In de ontbijtzaal van het statige familiehotel Rooding komt de volgende ochtend een jongen nog nahossend blootsvoets op de jus d'orange afstormen. 'Goedemorgen, plezierige dag nog, tot ziens, dag', zegt de ober onverstoorbaar. Het Sprookjesbos wacht. Of de nagebouwde steenkolenmijn. De Romeinse catacomben. De grotten die zowel tijdens de Franse Revolutie als in de Tweede Wereldoorlog als schuilplaats dienden. De kasteelruïnes. Het grottenaquarium. De kabelbaan naar de Wilhelminatoren. Het onvermijdelijke treintje.

Of pretpark De Valkenier, met licht- en watershow, elke vrijdag Tiroleravond m.m.v. De Anselthaler en 's zaterdags Travestietenshow met Madame Gisela en het orkest No Doubt?

Onder de groene parasols van hotel Hermes genieten gepensioneerden van koffie met uitlaatgassen. De street-parade begint. 'Hoe ze d'r bij lopen hè', zegt Pluymakers van het gelijknamige souvenir- en geschenkenhuis. Hij heeft de videocamera in de aanslag; hij is van het Valkenburgs Journaal. 'Soms pik ik er alleen maar vrouwen uit die een tijgerpakje aan hebben. En dan zet ik er als muziekje de Tiger Rag onder. Vind ik geinig hè.'

Maar je hébt lui! Die dronken vent laatst nog die z'n geslacht uit z'n broek haalde en op de toonbank legde! 'Een doodenkele keer zie je een heel keurig gekleed echtpaar lopen. Dan ren ik de winkel binnen en roep ik tegen m'n vrouw: kom gauw kijken, daar lopen nette mensen!'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden