Koloniaal bloed

Vanaf de drukke Breedestraat steek ik de nauwe Elleboogstraat in, voorbij de koddige woonblokken van de Van Dyksteeg, om in de Zaantjessteeg - mijn eindbestemming - uit te komen....

Zojuist ben ik de Surinamesteeg ingelopen om te kijken of mijn inschatting juist was. En inderdaad: het is er zo smal dat je maar je armen hoeft te spreiden om beide muren aan te kunnen raken met je vingertoppen. Ook inhoudelijk stelt de Surinamesteeg weinig voor. Op twee obscure woninkjes na is het een en al blinde muren met zoemende en druipende airco's van winkelpanden in de Breedestraat. Er hangt een penetrante pislucht en grijze duiven houden zich er op, als gevleugelde ratten.

Curaçao heeft duidelijk meer op met Venezuela, dat zestig kilometer verderop ligt en waarvan de kust bij heel helder weer te zien is. Op een ruim plein aan de Sint-Annabaai blikt het heldhaftige standbeeld van admiraal Luiz Brion die richting uit. Brion, een Curaçaoënaar van Venezolaanse afkomst, voerde samen met Simon Bolivar vrijheidsstrijd op het Latijns-Amerikaanse continent.

Mijn beslissing hier vakantie te houden, houdt direct verband met het weerzien met Stephanie, een goede vriendin uit Nederland. Haar vriend is gitarist van Wad bij Nacht, een groep die optrad tijdens Koninginnenacht, die ook hier uitbundig wordt gevierd. De vriendenformatie bestaat uit leden van verschillende Nederlandse bands - waaronder De Dijk en Sjako - en treedt jaarlijks 'voor het plezier' op, op Terschelling. Hier gebeurde het onder de gelegenheidsnaam The Royalties. Ook die zwoele Koninginnenacht was een wonderlijke erfenis van het kolonialisme: een oer-Hollandse sfeer aan de Caribische zee met palmbomen, wit strand en onder een heldere maan.

Mijn vakantie is ook een weerzien met Stanley en Melanie, twee andere goede vrienden uit Nederland. Stanley werd een jaar geleden directeur van het Maritiem Museum. Deze week opende er de expositie 'The European Explorers of the New World', in verband met 'Curaçao, 500 jaar'. Ik heb geholpen de paneelteksten te bewerken. En ik heb er ook nog wat van opgestoken. Over Spaanse ontdekkers en zeevaarders als Columbus, Vespucci, De la Cosa en de wrede militair Ojeda. Ik kreeg bewondering voor hun wilskracht om met een slakkengang duizenden kilometers te varen, op zoek naar de Nieuwe Wereld. Tegelijkertijd kreeg ik beter inzicht in het begrip 'cultuur-historische erfenis' en de invloed ervan op het hedendaagse denken en de mentaliteit van de erfgenamen.

Je gaat op zoek naar een nieuwe wereld, je vindt haar, pikt haar in en neemt er rijkdommen mee vandaan. En passant - zoals Ojeda deed - roei je de bewoners uit, want die nieuwe wereld heb jij 'ontdekt', dus is zij van jou. Nog eeuwen daarna zei de geschiedschrijving: 'Een wapenfeit van Ojeda was het gevangennemen van de Arawak-koning die zich gewelddadig verzette.' Vooral van dat 'gewelddadig' kreeg ik de slappe lach; hiermee worden vrijwel naakte indianen tot agressors bestempeld. Een verwrongen visie, die generaties lang is overgenomen. Begrijpelijk dat veel West-Europeanen vandaag de dag alleen maar de lasten ervaren van hun cultuur-historische erfenis - de lusten zijn immers vanzelfsprekend. Hun Europa wordt nu belegerd door migranten die zomaar komen 'profiteren' van hun zelf verworven rijkdommen, zo ervaren zij.

'Je moet het automatisch opvoeden niet onderschatten', zei een Surinaamse pastor toen we het over cultuur-historische erfenissen hadden. En die van de zwarte Caribische mens is er een van onderdrukking en minderwaardigheid. Zelfs wij mochten thuis geen 'neger-Engels' praten. Nederlands stond voor 'beschaafd en ontwikkeld'. Nu nog overigens, ook hier op Curaçao.

Beide erfenissen vind je terug in Willemstad. Aan de oostzijde van de baai ligt Punda met zijn dure winkels en panden - overwegend bezittingen van nazaten van blanke kolonisten - en aan de overkant ligt Otrobanda, dat 'andere kant' betekent. Maar het is ook de keerzijde. Ik dacht dat het wel meeviel met de verpaupering in Otrobanda, maar een vakbondsman nam me mee, dieper de wijk in. Plots bestond het decor uit houten krotten, verroeste zinkschuttingen, opgehoopt afval, autokarkassen, junks, zwervers en 'onderstanders', zoals hier de minima weinig perspectiefvol heten. De Otrobanders zijn overwegend nazaten van wat ooit de 'meest lucratieve' handelswaar op Curaçao was.

'Waarom wil het nergens lukken met zwarte mensen?', vroeg ik de vakbondsman zorgelijk. 'Koloniaal bloed', verklaarde hij. 'Geen geloof in jezelf, niet voor jezelf opkomen en minderwaardig denken over jezelf.' In Nederland zou zo'n verklaring mij niet zoveel zeggen. Maar hier, in de Caribische context, klinkt zij plausibel. Veel Surinamers en Antillianen zijn doodongelukkig in Nederland omdat ze zich als tweederangsburger behandeld voelen. Terugkeren is echter geen optie. En heus niet alleen vanwege sociaal-economische overwegingen. Hun thuisland en daarmee hun afkomst zien zij vanwege de maatschappelijke wanorde als minderwaardig. Een puinhoop die onder invloed van de Nederlandse beeldvorming nog uitzichtlozer lijkt. Een opvatting van de Afro-Surinaamse winti-religie is dat je huis aan kant moet zijn, wil er sprake zijn van welzijn en eigenwaarde. Het is vast koloniaal bloed dat velen belet dit in een breder verband te zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden