Koekje van eigen deeg voor Den Haag

Wankele coalities en weerbarstige politieke constellaties komen in tal van Europese landen voor. Nederland is geen bijzonder geval.

Geen blad voor de mond nemen en ongezouten kritiek leveren: dat geldt in Nederland als een groot goed. En we doen dat ook onversaagd, om niet te zeggen onbeschaamd, richting buitenland. Niet slechts erkende tirannen krijgen er van langs, maar ook bevriende naties moeten het op gezette tijden ontgelden. En soms gewoon omdat hun houding ons niet bevalt.

Zo permitteerde Annemarie Jorritsma zich ooit de uitspraak: ‘Frankrijk is een prachtig land, jammer alleen dat er Fransen wonen.’ Bij een andere gelegenheid noemde ze president Chirac een ‘engerd’. Jorritsma was toen nog minister, wat maakt dat zo’n uitspraak van een andere orde is dan als Maarten van Rossem of Johan Derksen zoiets zegt. Een minister wordt geacht het standpunt van de regering uit te dragen, en een regering behoort zich te onthouden van persoonlijke diskwalificaties, zeker als het om een ‘bevriend staatshoofd’ gaat. Maar de intuïtieve reactie in Nederland is: moet kunnen.

Ironie
De ironie wil dat die ruimhartigheid een stuk geringer blijkt als buitenlanders Nederland op de korrel nemen. Dan voelen we ons al snel miskend en reageren we beurtelings boos, verdrietig en ontsteld. Ik herinner me nog goed dat bepaald niet iedereen gecharmeerd was van het buitengewoon geestige boekje The Undutchables van begin jaren negentig, waarin twee Amerikaanse migranten tal van Nederlandse gewoonten en onhebbelijkheden op de hak namen. Zoals dit advies aan buitenlanders die willen reizen met het openbaar vervoer: ‘Of u nu wacht op tram, dusbus, metro of trein: vorm zodra die aankomt met de andere wachtenden een menigte en blokkeer de deuren, zodat niemand eruit kan.’

Sommige recensenten konden er smakelijk om lachen, maar andere vonden het ‘overdreven’ en ‘eenzijdig’. Voor columnist Sylvain Ephimenco, halverwege de jaren zeventig van Frankrijk naar Nederland verhuisd, kwam die afweerhouding niet als een verrassing. Rond dezelfde tijd waarin The Undutchables verscheen, schreef hij in een bijdrage aan het tijdschrijft Atlas: ‘De hemel boven het lieflijke Nederland, die toch al betrokken was, wordt op slag helemaal duister als de vreemdeling zich niet aan de spelregels houdt en plompverloren komt aanzetten met échte kritiek, van de soort die pijn doet en waar men niet om gevraagd heeft.’

Getergd
Waren we in een eerdere fase vooral getergd als buitenlandse media Nederland in een minder gunstig daglicht stelden, sinds de revolutie van Fortuyn, de revolte van Wilders en niet te vergeten het neen tegen de Europese Grondwet overheerst bedremmeldheid. Waar Nederland voorheen werd gezien als een rots in de Europese branding en een bolwerk van de tolerantie, zou het bevriende buitenland de politieke en maatschappelijke turbulenties in de polder nu met een mengeling van meewarigheid en afgrijzen bezien. We zijn nog niet de zieke man van Europa, maar volgens sommigen scheelt het weinig en heeft ons imago in elk geval zware averij opgelopen. Een enkeling, zoals Geert Mak, gaat nog verder en hoopt zelfs dat de internationale gemeenschap Nederland onder flinke druk zal zetten – want kennelijk zijn wij op eigen kracht niet meer in staat het bruine monster te temmen.

Genuanceerder
Ik denk dat het allemaal een tikkeltje genuanceerder ligt. Natuurlijk laten de Nederlandse verwikkelingen het buitenland, en dan met name onze Europese partners, niet onberoerd. Daartoe is alle reden. We zingen geen solopartij, maar hebben een niet onbelangrijke stem in het Europese concert. En het is waar: Den Haag is bepaald geen toonbeeld van politieke stabiliteit, de beoogde regeringscoalitie is allesbehalve een vertrouwenwekkend perspectief.

Maar wankele coalities en een weerbarstige politieke constellaties komen in tal van Europese landen voor. Zweden, ook zo’n land dat decennialang in de politieke luwte leefde, worstelt met de regeringsvorming sinds de intrede van een rechts-nationalistische partij. Het diep verdeelde België sukkelt al jaren met zijn regeringen. In Italië is premier Berlusconi niet meer verzekerd van een meerderheid.

Problemen rond de drie i’s (immigratie, integratie, islam) zijn ook bepaald geen Nederlandse bijzonderheid; die doen zich overal voor. Met een eventueel boerkaverbod volgt Nederland Frankrijk en ten dele België. De Deense regering bestaat al vele jaren bij gratie van de gedoogsteun van een anti-immigratiepartij; het land is niet in een isolement geraakt.

Beheerst
Bondskanselier Merkel sloeg woensdag de juiste, beheerste toon aan: ze zei te betreuren dat het nieuwe kabinet is aangewezen op gedoogsteun van de PVV, maar voegde eraan toe dat de samenwerking tussen Berlijn en Den Haag niet in het geding komt. Verstandig politicus, die Merkel. Aan Rutte en Verhagen de taak om de Europese partners ervan te overtuigen dat zij de baas zijn en dat bepaalde politieke grenzen niet worden overschreden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden